Riing riiiing

“Ring Riiiiing. Ring Riiiiiiing. Ah, hallo! Ja, dag oma! Hoe gaat het? Ja, ons ventje is hier hoor. Oh, je wilt hem spreken? OK, hier komt ie. ’t Is voor jou, ’t is oma!”. Ik hou de plastieken hoorn in zijn richting. Het ding maakt een rammelend geluidje. Hij lacht breed, dit vindt hij echt geweldig. Hij neemt de hoorn over en houdt die aan mijn oor. Of aan mijn neus. Hoe het uitkomt.

telefoon fisher price.jpg

Dat speelgoed is al behoorlijk retro. Wij bellen tegenwoordig bijna alleen nog met Skype of Facetime. Of we sturen een Whatsapp’je. Of een facebookberichtje. Al die mogelijkheden tot communicatie maken over de plas zitten een stuk aangenamer. Het leek de voorbije negen maanden korter te maken. Ook al zijn we niet thuis, familie en vrienden kunnen ons ventje letterlijk zien opgroeien, want als hij het Skype-beltoontje hoort, is hij graag van de partij. Hij wilt steeds aan de gezichten komen, draait soms de Ipad om. Waar zitten ze nu? 

Wij vroegen ons af hoe dat zou gaan, nu de familie een paar weken niet meer op het schermpje te zien was, maar in 3D in onze woonkamer. Zou ons ventje hen herkennen? Zou hij het eng vinden? Uiteindelijk is het alsof je je favoriete filmster in het echt ontmoet!

 

Na een paar uur wennen ging het prima. Het bleek veel leuker om échte gezichten te kunnen aanraken, te knuffelen, samen rond te wandelen en verstoppertje te spelen. Omdraaien en nog steeds de persoon vinden!

 

Nu zit iedereen weer aan de andere kant van de oceaan, en van het scherm. We skypen. Ventje draait de Ipad om. Waar zitten ze nu? Spelen ze weer verstoppertje? Er is alleen het zilverkleurige materiaal van het toestel. En opeens lijken de volgende drie maanden lang. Langer. Dat heet metaalmoeheid denk ik.

Gedeelde vreugde, gedeelde smart

Het is ongelooflijk dat op zo’n jonge leeftijd al heel wat karaktertrekken naar boven komen. Ja, mijnheertje heeft het graag precies zoals hij het wilt. Als hij applaus en aandacht krijgt, kan hij altijd een tikje meer, en met meer enthousiasme (echt, geen ideeeeee van wie hij dat heeft). Als iemand het waagt zijn aanwezigheid te negeren, zoals recent nog, gaat hij allerliefst lachen en houdt ie zijn hoofdje schuin: “Jij ook lachen?”.  Ik kan je niet vertellen wat voor persoon daar niét door smelt, want dat is ons tot vandaag nog nooit overkomen.

Hij blijkt best sociaal, en ook met delen heeft hij helemaal geen probleem.

Hij eet alleen groentenpuree als hij zelf ook een lepeltje krijgt om mee te prakken. Het in zijn eigen mond steken, gebeurt nog niet, maar er wordt wel geregeld een portie richting mama of papa gestoken. Met het hoofd een beetje schuin lijkt hij te zeggen: “Jij ook hapje?” – “Ja, mama ook een hapje” – Blijkt zo dat gepureerde bloemkool met vis nog best te eten is!

 

Ik poets zijn zes tanden en nadat hij even geduldig zijn mondje heeft opengehouden, neemt hij de tandenborstel beslist over en draait hem om, richting mijn lippen: “Jij ook poetsen?” “Ja, mama ook tandjes poetsen”.

tandenborstel 

 

Hij en zijn doekje zijn onafscheidelijk. Hij houdt het aan zijn neus, hij sabbelt er een beetje op, hij legt het op zijn hoofd als hij slaapt, het troost hem als hij overstuur is, kortom Doekje (de hoofdletter is verdiend) is een beste maatje. Maar als hij op mijn schoot zit, zal hij ook al eens een puntje stof mijn richting uitduwen: “Jij ook Doekje?” – “Ja, mama ook Doekje”. Na even ‘doen-alsof-ik-sabbel’, trekt hij het met een snok weg en kraait het uit van pret als ik dan keer op keer een gezicht vol ongeloof en grote ogen opzet.

 

We kregen drie weken lang bezoek van familie en daarna ook van vrienden. Het was fijn, het was gezellig, het was vakantie. Ons ventje maakte snel vriendjes, er werd heen en weer gekropen en aan het handje gestapt. Maar vorige vrijdag namen we afscheid van iedereen. En die namiddag had hij het moeilijk. Hij wilde geen dutje, hij wilde niet spelen, het voelde alsof er iets mis was. Hij jammerde wat en ik vroeg me af of hij het gezelschap miste.  Ik zong voor hem, we dansten rond, maar hij leek nog steeds wat triest. Ernstig hield hij zijn hoofd schuin.  *Zucht*. “Ja, schatje, mama ook”.

Vliegen met Boston dreumes

Ik schreef: ondertussen is onze happy baby 1 jaar. Maar toen ging ik denken: is-ie eigenlijk nog een baby? Vanaf wanneer ben je een peuter?

Op zo’n moment kan alleen Google helpen (of de 24-delige encyclopedie, maar die heb ik hier niet bij de hand). Blijkt dat in België kindjes ‘peuter’ worden genoemd vanaf ongeveer 1 jaar, maar de grens is niet zo duidelijk, in Nederland ben je tussen 1 en 2 jaar nog een dreumes.

Onze happy dreumes dus eventueel. Die heeft alweer de nodige airmiles verzameld. Vliegen met een baby, excuseer, een dreumes, kan de meest koelbloedige onder ons zweetpollekes bezorgen. Het wordt er immers niet gemakkelijker op: toen we naar Boston verhuisden, kon ons ventje zich zelfs nog niet omdraaien, en nu sluipt, kruipt en ‘break dancet’ hij letterlijk gaten in zijn broek.

 

Maar kijk. Het ging prima. De vlucht naar Buffalo, New York, was dan ook maar 1u en 10 minuten. Neen, hier geen extra klein riempje dat aan mijn riem moest hangen, zoals in Europa, ik kreeg de tip hem gewoon goed vast te houden. Allez dan. Nu was ik net van plan wat rond te dansen tijdens het opstijgen. Bummer.

oorkapOp de heenvlucht heeft hij de hele tijd tegen me aan geslapen, met zijn oorbeschermertjes op. Ik hield er een stijve arm en een gesmolten hart aan over.

 

Bij onze terugkeer na een heerlijke vakantie, entertainde mijnheertje de halve luchthaven. Er moest heen en weer gestapt worden, heen en weer, heen en weer. Aan het handje natuurlijk nog, dus hulp wordt met aandrang gevraagd – of hoe je je zonder woorden toch zéér duidelijk kan maken.

Er werd oogcontact gezocht met iedereen die hem interessant leek, zelfs als hij dan wel wat verlegen ging doen, als de ander dan ook effectief reageerde. Zelfs die ene man, die maar niet wilde wijken en koppig naar de grond bleef kijken, is gezwicht – daar moest hij wel een keer of vijf voor langs kruipen en dan met een scheef hoofdje zijn beminnelijkste lachje tonen (echt, showbeest, ik weet niét van wie hij het heeft).

 

Dan is het natuurlijk wel fijn – voor hem maar ook voor ons- dat Amerikanen al snel contact maken en al eens iets durven zeggen tegen een onbekende met een onbekende baby, excuseer, dreumes. Het regende ‘Hi, there’s, ‘Hello honey’s’ en ‘Good job, buddy’s.

Soms is die interactie net wat lastiger, zoals toen een medepassagier langs kwam en zei: “mefether ffdon passiehumfrandy”.

Zaten we daar met vier volwassenen, die alle vier toch een meer dan behoorlijk mondje Engels spreken, maar alle vier gaan zweren dat het dat was dat-ie zei. Verbatim. Na een herhaling (en vééééél gokken/improvisatie/helderziendheid) viel de quarter dat zijn vader indentijd brandy aan zijn tutje deed en dat hij toen wel rustig werd (de man als baby, niet de vader, vermoed ik). Tja, interessante tip, thanks but no thanks. Trouwens, tijdens de vlucht sliep ventje niet, maar  was hij ongelooflijk flink!

 

Bij de weg/by the way… dat wordt niks he, die ‘dreumes’. Mijn Boston baby mag nog even baby blijven.

De bluts met de buil

Tranen waren er al geweest. Omdat papa naar het werk gaat. Omdat de fles leeg is. Omdat hij de lamp niet mag omgooien. Omdat wakker worden soms niet leuk is.

Zweet is ook een dikke check, want hij heeft de ‘dempige’ genen van vaderskant meegekregen.

Sinds gisteren is er ook bloed bij de combo gekomen. Onnozel eigenlijk. Een moeilijk momentje in een kledingwinkel, waar ik nota bene voor hem de schattigste pyjama aan het kiezen was, en ik nam hem op mijn arm. Hij ging headbangen en natuurlijk was daar nét een plaatje om de maat aan te duiden, dat boven de rest van het rek uitstak.

 

En ’t was gebeurd. Hij begon te huilen maar pas toen de druppeltjes bloed aan zijn oogje verschenen, sloeg mijn hart een slag over. Of twee. Of misschien drie. Zijn oog! Zijn mooie blauwe-groene-grijze-bruine oog!

Gelukkig was de schoon-cavalerie er. Snel werd vastgesteld dat het bloed van een minuscuul sneetje op zijn ooglid kwam. Het lijkt erger dan het is (x 1000 om mij ook gerust te stellen).

 

De eerste bluts is altijd de ergste voor de mama, zei de cavalerie. Man, ik hoop het. Het hoofd bleef dreunen ‘niets aan het handje, niets aan het handje’, maar drie kwartier later had ik nog maagpijn. Niet eens een wee gevoel, écht maagpijn. Tot zover mijn stoere ‘nothing-shocks-me-l’m-a-scientist’- attitude. Die lag mooi in scherven op de grond, naast zijn eerste druppeltje bloed.

 

Ik zal naailes moeten gaan volgen. Kan ik mijn eigen lijn  van kinderkledij uitbrengen, van bubbelplastiek en donzen kussens. Al zal ventje dat valhelmpje ongetwijfeld meteen en met ferme hand de kamer door keilen. Het is dan ook niet om zijn hoofd te beschermen, maar wel mama’s hart.

De jaren BC

Dat er veel verandert als je een baby krijgt? Je weet het, iedereen zegt het, je leest erover, maar je er helemaal op voorbereiden, lijkt een utopie.

Dingen die je als vanzelfsprekend beschouwt, zo in de jaren BC (before child), worden een behoorlijke opdracht met dat hoopje wonder op je schoot. En bepaalde woorden en uitdrukkingen krijgen een hele andere kleur, eens je ‘with child‘ bent (WC). Het gebeurt ongemerkt, maar geen ouder die eraan ontsnapt.

i-love-me-time

 

Uitdrukking BC WC
De was doen Een vlek op deze t-shirt? In de was ermee! Eén vlek op deze t-shirt? Dat valt wel mee!
Nachtvoeding Een pitta’ke na een uit de hand gelopen feestje Om 1u. Om 3u30. Om 6u. Om…zucht…
Me-time Een dagje sauna, filmpje kijken, gaan winkelen… Gaan winkelen? Ja, alleen naar de Colruyt, heerlijk. Of even rustig naar het toilet kunnen gaan, een onderschat geluk.
Rugschieter Verraderlijk persoon die je aanvalt als je niet kijkt Verraderlijke pamper die je aanvalt door de boel niet bijeen te houden, maar naar boven toe te katapulteren.
Persoonlijke hygiëne Een uitgebreid doucheke, scrubje, tandjes poetsen, flossen, wenkbrauwen epileren, nageltjes lakken… Tandenpoetsen? Gisteren nog. Nee echt. Of wacht… welke dag zijn we vandaag?
Brunch Uitgebreide maaltijd tussen ontbijt en lunch met zoetigheden en hartige hapjes. De droge boterham om 11u, rechtopstaand binnengepropt.
Kolf Maïs? Geweer? Medela? Lansinoh?
Knip 1) Afsluitingsmechanisme 2) Afsluitmiddel 3)Afscheidsbeweging (crypt.) 4) Beurs 5) Baai in Curaçao 6) Bordeel 7) Broodsoort  8) Deurgrendel 9) Deel van een raam Don’t mention the war.
“Mijn hart lijkt twee keer zo groot” Dilaterende cardiomyopathie is een ernstige hart- aandoening, ik zou dat toch eens laten nakijken. Sinds 2 april 2015. Feeling fine hartje

Hip hip

De uren zijn lang, maar de weken zijn kort.

Wat een mooie uitspraak vind ik dat. Dat gevoel hebben we toch allemaal wel eens, dat de dagen – vreemd genoeg meestal de weekdagen – voorbij lijken te kruipen als een kreupel slakje, maar voor je het weet is er opeens alweer een maand voorbij.

Of een jaar. Er zijn zo een paar ankerpunten op de kalender die me elke keer dat gevoel geven. ‘Is het nu alweer Kerst?’  – en dan, na wat aanvoelt als een week of twee – ‘Hoe, is het straks opnieuw Pasen?’. Of élk jaar op 1 januari, wanneer we uitgenodigd zijn bij de familie van manlief om uit te kateren met vers gebakken brood, paté en heerlijke kazen.

 

Het is dus helemaal niet gek dat ik echt-serieus-ernstig denk dat er een foutje is geslopen in de Druivelaar. Hoezo wordt happy baby 1 jaar deze zaterdag? Nuh-huh! Heus niet!

Of toch?

Even zijn eerste vriendenboekje checken.

Geboortedatum 2 April 2015
Kleur ogen Blauw/grijs met een beetje lichtbruin
Kleur haar Ja! In tegenstelling tot wat kwatongen beweren, heb ik wel degelijk haar! Het is blond. Neen, niet doorzichtig zoals bij mijn opa’s!
Lengte 78,5 cm
Gewicht 11 kg
Hobby’s Wandelen aan twee handjes of mijn wagentje, schommelen en Bumba kijken. En mama en papa knuffelen.

bumba

Favoriete liedje Lac du Connemara. Oh, en ‘de kikkertjes’. En ‘de boom stond op de bergen’.
Favoriete boek Little kangaroo, I love you.
Wat ik later worden wil Mezelf, mama zegt dat dat al meer dan genoeg is.

 

Jep. Het is dus toch zover. Tijd voor een feestje. Tijd voor een taartje. Tijd voor het vieren van een prachtig jaartje.

‘Moeder’-taal voor dummies

Babytaal kent iedereen. Dat gaat van babababa naar brr brr brr en wordt uiteindelijk een woordje, nog een woordje, een zinnetje…tot een niet aflatend gekwebbel – we kunnen de genetische kant uiteraard niet ontkennen. (Wat dat eerste woord betreft: we duimen nog voor ‘mama’ of ‘papa’ en niet ‘bumba’). AAAAAAAAAbook

Maar met mama en papa worden, komt ook een hele nieuwe vocabulaire kijken. Een mens kan niet verwachten daar meteen vlot in te zijn. Vandaag les 1 in moeder-taal.


 

P90: Wanneer je bij het bestellen van een verjaardagst-shirt beseft dat de maat ’12 maanden’ 12 weken geleden al te klein was.

Moederschapsrust: contradictio in terminis, van dezelfde aard als ‘chocoladedieet’ en ‘gezondheidschips’.

Relativiteitstheorie toegepast op moederschapsrust: Als je aan het werken bent, lijkt 15 weken thuis een eeuwigheid. Tijdens die 15 weken ben je 1,5x langer wakker dan gemiddeld. En toch flitsen ze voorbij met een pittig WHOESSHHH-geluidje.

Tijd blijkt in dit verband wel vaker verkeerd aangegeven, denk maar aan ‘verlossings-kwartier’ (heus, meestal meer dan 15 min. Meld dit aan manlief als hij de parkeermeter moet vullen).

Babyblues: van hetzelfde genre als baby-pop (kan vaak de ogen sluiten en ‘mama’zeggen) en baby-rok (voor meisjes of Schotse jongetjes).

Borstvoedingskussen: smakkerds gegeven voor, tijdens of na etenstijd.

Luierkussen: iets minder actief dan bovenstaand exemplaar.

Borstvoedingsmaffia: probably making you a bottle you can’t refuse.


 

 

 

November update

‘I get my charms from daddy’ staat er op zijn t-shirt te lezen. Het had niet beter kunnen passen. Wild zit hij in zijn stoeltje te trappelen, terwijl hij kreetjes uitslaat die het midden houden tussen een schaterlach en een hoestbui. Hij schudt zijn hoofdje van links naar rechts – een onhoorbare ‘neen’ op mijn vraag: moet jij eigenlijk geen dutje doen, klein spookje?

Wat is hij al veranderd sinds we hier onze koffers uitpakten eind juli. De mijlpalen volgen elkaar in snel tempo op. Een kleine progress report over onze schattigste Boston baby.

Cijfertjes

Volgens onze eigen metingen is hij ondertussen ongeveer 73 cm. Aangezien een bezoekje aan de pediater 240 dollar kost en Kind en Gezin hier geen huisbezoeken doet, rollen we af en toe zelf de lintmeter uit. We schatten dat hij nu zo’n 10 kg weegt. Wat maakt dat hij dezelfde kledingmaat draagt dan één van zijn vriendjes die een jaartje ouder is. Van wie zou hij dat hebben?

 

Motoriek

Een maand geleden begon hij al aardig rechtop te zitten. Dat lukt steeds beter, maar hij is zo nieuwsgierig naar alles om zich heen dat hij vaak omvalt terwijl hij ergens naar graait. Een ‘gracht van kussens’ maakt het wat veiliger. Hoewel ik al een paar keer op handen en knieën de living was rondgekropen, in de hoop een goed voorbeeld te stellen, was het pas toen hij een andere baby zag kruipen, dat hij diezelfde dag nog zijn actieradius besloot uit te breiden. De andere baby was dan ook twee weken jonger, misschien kon hij dat niet laten gebeuren? Opeens sloop hij de kamer rond. En dan breed grijnzen als de eindbestemming – vaak een speelgoedje of een doekje- bereikt is. Het gaat ondertussen steeds sneller, en hij zit geregeld op handen en knieën, maar een voorwaartse beweging maken lukt dan nog net niet.   We hebben toch maar een hekje gekocht om printer en dergelijke af te schermen, want het is duidelijk: het/hij kan snel gaan!

 

Eten

Groentepuree was nooit echt een probleem, maar sinds ik er een beetje vlees bij doe, gaat het 2 keer zo vlot binnen. Aardje naar zijn vaartje, of hoe zeggen ze dat? Pompoen en zoete aardappel is een hit, maar ook met worteltjes, courgette en appel oogstten we al successen. Kip, kalkoen, ham, rundsvlees, of een half eitje… laat maar komen! Hij steekt de lepel het liefst nog zelf in zijn mond, maar niet voordat hij de inhoud ervan aan een grondig onderzoek heeft onderworpen. Hoe voelt de puree? Hoe werkt de middelpuntvliedende kracht erop? Hoe kan je die uitsmeren op de tafel? Ik probeer het niet tegen te houden, wij willen ook graag weten wat we op ons bord krijgen. Ook al betekent het vaak dat ik de keuken, de stoel en de baby aan een grondige poetsbeurt moet onderwerpen na de lunch. Bovendien krijg je die lepel echt niet zo maar uit zijn hand gewrikt! En dan komt manlief thuis en spreekt hij een magische zin die je BC (before child) nooit zou gebruiken, zoals ‘waarom hangt er oranje puree aan je oor’?

Happy baby heeft nu ook twee tandjes, maar hij heeft er wel wat voor moeten doorstaan – een paar daagjes niet zichzelf zijn, koorts en duidelijk ongemak.  Nu is hij gefascineerd met wat daar plots is verschenen, en hij trekt dan ook de grappigste vissenbekjes terwijl hij met zijn lippen over zijn tandjes gaat.

 

Slaap kindje slaap

We waren verwend tot nu toe, maar de laatste dagen wordt hij weer wat vaker wakker ’s nachts. Omdat hij toch weer honger heeft, maar soms ook gewoon omdat hij opschrikt. Na een knuffel en/of een flesje slaapt hij meestal weer verder, maar ma en pa zijn de onderbroken nachten duidelijk niet meer gewoon – voor zover je dat gewoon kan worden. Ach, alles is een fase, er verandert ook zo veel voor hem. Behalve dat hij nog steeds het knuffeligste monstertje is, dat schatert als je zingt en danst, of kiekeboe speelt. Daar vind ik status quo best OK.

De baby-volwassene vertaling

Een half jaar is hij nu. Zes maanden van nooit eerder zo weinig slapen en zo veel lachen.

Natuurlijk is het een hele aanpassing, zo’n ventje om voor te zorgen. Naast de uitzet van bedje, park, koets, verschoningstafel en ga zo maar door, is er een hele nieuwe vocabulaire het huis in geslopen. Refluxkussen, objectpermanentie, koemelkallergie – ze geven mooie scores op het Scrabble bord en niet meer dan dat, als je geen baby hebt.

Elke dag leren we iets nieuws. Want vele babygerelateerde handelingen vertalen echt niet naar de wereld van de volwassenen. Stel je voor dat je volgende dingen ook gewoon doortrekt naar mensen die wel ouder zijn dan 3.

Baby Volwassene
Juichen bij een boertje en lachen bij een scheetje Dat wordt een rare boel in de cafetaria…maar vrolijk zal het wel zijn
Praten met een hoog stemmetje of dingen zeggen als ‘wawawawa babababa’ Word je snel afgevoerd of toch minstens zorgelijk bekeken
Beginnen te zingen als iemand overstuur is. Of het avondlied neuriën. ‘Wat? Je hond is overleden? En de boom stond op de bergen, a-li-a-loooo’
Het overmatig over toiletaangelegenheden hebben (kleur, consistentie, hoeveelheid, frequentie) Drie woorden: Too much information!
Lachen over het feit dat de groentenpuree overal komt te hangen – op hoofd, oren, benen, voeten, vingers – van zowel de eter als van jezelf Euhm, bij die smosser ga ik nooit meer zitten. Of, ook een mogelijkheid: FOOD FIGHT!
Blijven lachen ook al weet je dat jij diegene bent die het allemaal mag opruimen Dat die smosser eens zijn eigen nest opruimt seg!
Mensen bedanken omdat ze iemand ànders een compliment geven (‘Hij is zo schattig’ – ‘Oh, dank u’). ‘Je collega zijn werk ziet er geweldig uit’. ‘Oh, dank je wel’. — maak je je waarschijnlijk niet populair mee
Iemand anders zijn foto als profielfoto op facebook zetten Wie is dat mens? Defrienden die handel!
Aan een achterste ruiken om te weten ‘hoe laat het is’ Wie nu aan een klok denkt, heeft waarschijnlijk geen kinderen

Rock ‘N’ Roll

Het is officieel! Hij was sinds dag 1 behoorlijk ‘Rock’ maar nu is onze Boston Baby ook aan de ‘Roll’. Het was al wel (veel) eerder gebeurd dat we even wegkeken en ons daarna verbaasd afvroegen of hij net niet op zijn rug lag op het speeldeken. Hij was er vrij vroeg mee, snel mijnheertje. En van rug naar zij had hij ook sinds even beet, maar daarna lagen die armen toch zo in de weg. Ja, het rollen was al wel voorgekomen, maar eerder als een toevallig succesje. Nu is ons ventje evenwel ‘a man with a plan’.

Omrollen is een belangrijke mijlpaal in het leven van een baby. Het is één van de eerste manieren om in beweging te komen. Eerder had hij zijn actieradius wat vergroot door zich af te duwen met zijn benen en zo naar achteren te schuiven op zijn rug. Stap 1. Maar bij rollen wordt bijna elke spiergroep in armen, benen en buik aangesproken en het vergt heel wat coördinatievermogen. Een uitdaging dus!

Van buik naar rug heeft hij een ingenieus systeem ontwikkeld. Al die uurtjes ‘zwemmen op het droge’ hebben duidelijk hun vruchten afgeworpen- hij duwt zich op de knietjes en werkt zo zijn pamperkontje de lucht in tot hij op zijn voeten steunt. Dan kan hij zich opzij laten rollen en creëert hierbij voldoende vaart om ineens op zijn rug te belanden. Ondertussen hoor je hem af en toe grommelen, en puffen van de inspanning.

Van rug naar buik neemt hij zijn recent ontdekte voetjes vast en laat die naar opzij vallen. Dan moet het bovenste been over het onderste gekruist worden. Mondje beetje getuit, de onderste lip naar binnen, iets wat de mama ook wel eens doet als ze zich concentreert. Onderweg is het even pauze want wat zijn dàt hier? Ooooh waaaauw, vingers! Zouden die lekker smaken? Jawel hoor! Beentjes worden gestrekt en die onderste arm, die zo lang vervelend heeft gedaan bij het vele oefenen, wordt onder zijn lijfje doorgetrokken. Nog één laatste inspanning en hup, de wereld ziet er alweer heel anders uit van op je buik.

Een paar dagen geleden probeerde ik het hele proces nog op te nemen; na 10 minuten film van een heen en weer wiegende baby- rocking but not rolling, checkte ik welgeteld 7 seconden de foto’s die nog op het toestel stonden. Ik keek op van het schermpje, en daar lag mijnheertje op zijn buik, naar mij te lachen. Triomfantelijk, ik zweer het je. Fonkelende oogjes. Toen ik uitriep ‘maar kijk nu!’ werd zijn glimlach er alleen maar breder op. Die baby’s snappen meer dan wij denken. Zoals dat geduld een mooie deugd is en dat volwassenen veel missen door op schermpjes te kijken.

En van je één, en van je twee...

En van je één, en van je twee…

10 dingen die ik leerde van Boston baby

  1. Ik dacht dat ik geen ‘babypersoon’ was, dat ik niet veel zou vinden aan die eerste maanden wanneer je kleintje nog niet veel kan  – ik was fout. Ik verbaas me elke dag hoeveel interactie je kan hebben met iemand wiens leeftijd nog in weken uitgedrukt wordt.
  2. Het maakt niet uit hoe kort of moeilijk de nacht was – als ’s morgens een gezichtje oplicht en er een tandenloze glimlach verschijnt wanneer jij boven de wieg komt hangen, dan is àlles even beter, zelfs vóór de koffie.
  3. Over die koffie: er is niet genoeg koffie. Of mijn caffeïnereceptoren hebben er massaal de brui aan gegeven en hangen er zielig bij als verslenste hyacinten.
  4. Het verversen van pampers is als een videospelletje. Level 1: baby ligt stil, maar jij ben een newbie, dus hoge moeilijkheidsgraad. Je bent bang dat je de baby breekt. Level 2: baby beweegt, maar jij bent wat meer ervaren. Je probeert vooruitziend te zijn (zakdoekjes op strategische plaatsen) maar dit lukt niet altijd – dus zit je soms nog aan een bonusronde vast. Dit meestal op het moment dat je écht weg moet. Level 3: baby trappelt lachend als een door een horzel gestoken mustang, aan jou om de luierrodeo tot een goed einde te brengen. Billetjescrème voor extra punten!
  5. Het maakt niet uit of het toonvast is, het maakt niet uit dat je na twee zinnen de tekst niet meer kent en overgaat op een twijfelend ‘lalala lalla aaalaaaa’, of ‘twiet twiet twiet’ (ik kan niet fluiten); het enthousiasme alleen al wordt geapprecieerd en beloond met een lachje. Een dansje erbij is een absolute bonus.
  6. De termen ‘ba ba bababa’ en ‘dada da da da’ zijn een universele taal voor volwassenen en betekenen ‘kijk naar mij, ik ben een idioot’.
  7. Er zijn van die mensen die je gelukkig kunnen maken met één blik en waar je niet anders kan dan hardop meelachen wanneer zij lachen. Mijn zoon is er één van.
  8. Wortels zijn oranje. ‘Dat wist ik ook al’, hoor ik u denken. Maar ze zijn écht oranje, écht ORANJE. Je kan niet beseffen hoe ORANJE wortels zijn tot je wortelpuree hebt gegeven aan zoon- of dochterlief.
  9. Het is niet evident iets af te maken met Boston baby in da house.

 

Van al dat schattig zijn wordt een mens moe.

Van al dat schattig zijn wordt een mens moe.