Toen de zomer plots vanuit de bosjes sprong, en het opeens 32°C was, terwijl we de week ervoor nog aan het discussiëren waren over het aansteken van de kachel…
… toen herinnerde ik me dat ik ooit een waterslide kocht in een uitverkoop. Ik vond het ding in een ongeopende doos in de kelder, legde het in de tuin, sloot de tuinslang aan, en zag hoe mijn kinderen zich toch een uurtje rot amuseerden.
Maar door al dat geschuif bleek daarna de zwembroek van de oudste enigszins gescheurd op een… niet zo handige plaats zal ik maar zeggen.
En toen besefte ik dat ik me schuldig voelde.
Ja, schuldig. Want ik had er wel over gedacht, dat hij misschien nog een back up zwembroek nodig zou hebben (en dat de jongste binnenkort niet meer in de zijne zou kunnen), maar ik had er nog geen gekocht.
En nu hadden we die eigenlijk nodig. Totaal onverwacht. En toch niet.
Dus ik voelde me schuldig.
Daarna dacht ik daar over na. Waarom voelde IK me schuldig? Ik ben toch vrij zeker dat ik niet helderziende ben. Bovendien ben ik er nog zekerder van dat Manlief zich hier totaal NIET schuldig over voelde.
En toen besefte ik – ik ben de voorraadbeheerder. Ik beheer de voorraad van… alles eigenlijk.
We hebben het vaak over mental load. Misschien is dit er een minder bekend deel van. Want de voorraadbeheerder weet van ELK gebruiksvoorwerp in het hele huis, (ongeveer) wat de status is. Hebben we er nog? Hoeveel? Hoe lang gaat dat nog mee? Zitten we aan de laatste bus? Duwt deze sok met een gat in, mijn zoon over de grens van ‘heeft niet meer genoeg sokken om makkelijk de week door te komen?
Ja tuurlijk, je hebt de wekelijkse boodschappen. Maar het is makkelijk om te zien dat het brood op is, of dat je de laatste banaan neemt. Het is een stuk trickier te zien dat de tandpasta bijna op is, en nu in reclame in de winkel.
Dat het de week erop heel warm wordt, en dat alle korte broeken mini shortjes zijn geworden bij die kleine reuzen van mij. Dat er geen sandalen meer te vinden zijn die geen 2 maten te klein zijn. Dat je dan weer zonnecrème nodig hebt, en wanneer heb je die ene bus alweer gekocht, dat zal nu toch al wel 2 jaar geleden zijn, dus die moet weg.
De voorraadbeheerder heeft een quasi onmogelijke taak om alles te overzien, alles te voorzien. Te zorgen dat dingen op magische wijze verschijnen. Tijdig aanwezig zijn.
Ik ben de voorraadbeheerder en ik ben er goed in.
Maar djeezes hoe zot is dat eigenlijk? Dat ik mij af en toe nog afvraag waarom ik zo moe ben.