Het werd zomer – zes maanden post chemo

12 februari 2018

Ik parkeer me op de bezoekersparking van Gasthuisberg. Ik hijs mijn tas op mijn rug en wandel de hele weg naar de ingang. Soms merk ik dat mensen staren, naar mijn hoofddoek vermoed ik, maar meestal merk ik dat niet.

Vanaf de ingang is het nog ongeveer 6 minuten stappen naar de dagzaal. Daar zit manlief al op mij te wachten. Ik schat dat de hele weg zo’n goeie 500 meter beslaat. Wanneer ik aankom, bonst mijn hoofd en ben ik buiten adem. Dat gevoel houdt een uur aan. Ik ben echt op.

We hebben vandaag een klein kamertje ter onze beschikking op de dagzaal. Dat betekent dat we een deur kunnen sluiten op de snerpende alarmgeluiden die non-stop doorgaan. Het onophoudelijk lawaai overal was de voorbije maanden vaak een extra bron van stress.

Mijn bloed wordt getrokken – of liever ‘getapt’ uit de katheder in mijn arm – en ergens verwacht ik alweer slecht nieuws te krijgen. ‘Slecht nieuws’ betekent in dit geval vreemd genoeg: dat ik de chemo niet kan krijgen. Dat mijn immuunsysteem weer gecrasht is, zoals twee weken geleden. Dat dit toch nog niet mijn laatste rit naar de oncologische dagzaal is.

Een paar uur later – en na de verpleegkundigen en de co-assistente een keer of drie te verbeteren en te herinneren aan wat er precies moet nagekeken worden –  hangt de zak dan toch.

 

Een paar keer gaat de pomp in alarm, omdat de chemo niet goed doorloopt. Het hangt helemaal af van hoe ik mijn arm hou, of het spul in mijn aders geraakt of niet. Mocht het niet de laatste keer zijn, zouden ze de katheder opnieuw moeten steken.

 

En dan zit de laatste druppel erin. Twaalf injecties, 56 zakken en ontelbare pillen.

 

De verpleegkundige vraagt of ik klaar ben voor de verwijdering van de katheder. Ik knik, toch wat nerveus. Ze trekt wat plakkers van mijn arm en vraagt even diep uit te ademen. Letterlijk twee seconden later heeft ze een buisje van een halve meter in haar handen. Op mijn rechterbovenarm zit een klein wondje dat amper bloedt. Er komt een rond pleistertje op. Een muggenbeet. Ik ben een beetje misselijk.

 

Manlief weet dat er in andere landen vaak een bel hangt op de dagzaal. Wie klaar is met de behandeling, mag bellen. In Gasthuisberg hangt er geen. Hij zoekt een appje en ik luid een klok door op het scherm te tikken. Ringing the chemo bell. I did it.

 

Mijn mantra is al weken:

Tegen de zomer zal alles – en zeker ik – er helemaal anders uitzien.

 

12 augustus 2018

Ik parkeer me op een grote luchtmatras die naar het midden van het zwembad dobbert. Ik hijs een groot waterpistool aan boord. Ik merk dat ik in de gaten gehouden word. De hel kan elk moment los barsten. Dan word ik onder vuur genomen in een furieus watergevecht, waarbij de andere partijen langs de kant staan of op een grote opblaas-eenhoorn zitten.

IMG_5040

Maar op dit moment is het nog rustig. Er druppelt water uit mijn haar op mijn zonnebril. Ik sluit mijn ogen. Ik hoor alleen ‘studio cicade’, en af en toe wat gegiechel, van de nichtjes en de neefjes, die ronddobberen in zwembandjes.

 

Zou Toscane gemaakt zijn als eerste, toen God nog veel inspiratie had?

 

Straks is het aan ons om te koken. We zullen ribbetjes op de barbecue gooien en tomaten plukken in de tuin. Een watermeloensalade maken. En als dessert kunnen we de regenboogrestjes opeten van de grote eenhoorntaart die ik een paar dagen geleden bakte voor het jarige nichtje. Ik krijg al honger.

 

Al kan dat ook van al die watergevechten zijn.

 

Het is zomer. En ik had gelijk.

 

IMG_5174

IMG_5055

Advertenties

Mijn eerste blog award – en 11 weetjes over mezelf

En zo was het * HUPS * ineens augustus.

 

Omdat het alweer even geleden is: hey hallo, alles goed? Met mij gaat het wel, dank je. Ik ben met volle teugen van de zomer aan het genieten, alleen kosten volle teugen soms net dat tikje te veel energie – en dan durf ik me wel eens te verslikken. Maar dat is op zich niet erg.

 

Ik zou kunnen zeggen dat mijn inspiratie er net zo aan toe is als mijn gazon, maar ook dat is niet helemaal correct. Er borrelt van alles in mijn hoofd, alleen krijg ik het niet (snel) neergeschreven. Ook dat is niet erg. Het is – meestal – goed toeven tussen mijn oren.

 

Twee fijne nieuwtjes op blog-vlak!

  1. Mijn blog bestaat 3 jaar! Wat is er veel gebeurd in die tijd. Die laatste week van juli zit zo vol herinneringen. Daar kom ik zeker nog eens op terug, want ik heb een leuke weggeef-wedstrijd ergens in mijn mouw zitten – maar de mouwen zijn heel kort tegenwoordig (‘lange arms’, zegt krullenbol dan) dus nog even zoeken/geduld.
    .
  2. Ik ben genomineerd voor een Blog Award. En in tegenstelling tot bij de Oscars, betekent een nominatie hier dat ik maar een paar vinkjes moet afchecken en ik heb gewonnen! Dubbel JEEJ dus! Het gaat om de Liebster Award.

Liebster-Award-1

De watte award?

De Liebster Award (van het Duitse woord voor ‘lieveling’) is een virtuele schouderklop van bloggers aan andere – beginnende – bloggers. Ik ben genomineerd door Ilse van halloliefkleintje.nl, zij koos naar eigen zeggen ‘inspirerende, persoonlijke en/of mooie blogs’ uit om de onderscheiding aan te geven. Bedankt, Ilse! Ik hoop dat ik in al die categorieën val – een mens mag dromen he!

 

Het is een beetje als een kettingbrief in de middelbare school, want het is de bedoeling dat ik ook weer andere digitale schrijvers in de bloemetjes zet. Alleen zouden de zeven plagen van Egypte niet op je hoofd vallen als je dit stokje niet doorgeeft (remember die dreigementen vroeger. Djeezes, en wij zijn er vrij normaal onder gebleven) –> Mij niet gezien natuurlijk, ik neem geen enkel risico, plus ik ben voor het geven van voldoende complimentjes, dus ik geef deze schouderklop met veel liefde door.

 

But first things first! The rules!

 

Er zijn enkele regels verbonden aan deze Award. En je kent mij, ik volg die uiteraard, volgzaam als ik ben (okee, tssjt, no comment).

Hier zijn de regels:

  1. Vermeld de blogger die jou heeft genomineerd (—> Check!)
  2. Beantwoord de 11 vragen die deze blogger aan jou heeft gesteld 
  3. Vermeld 11 willekeurige feitjes over jezelf 
  4. Nomineer andere beginnende bloggers
  5. Stel deze genomineerden zelf 11 vragen 

 

De vragen die ik kreeg

  1. Hoe ben jij begonnen met bloggen?

Ik begon bijna exact drie jaar geleden met bloggen toen we op het punt stonden om voor een jaar naar Boston te verhuizen. Onze zoon was op dat moment net geen vier maanden.

Als ik daar nu over nadenk, is dat toch een vrij hoge mate van geschift, maar goed, wij sprongen in dat avontuur en wilden vrienden en familie thuis op de hoogte houden. Maar eerder dan een online dagboek groeide de blog al gauw uit tot mijn verzameling schrijfsels rond verwondering – voor het Amerikaanse leven, maar ook voor de zoon die zich voor mijn ogen ontwikkelde van mini beebje naar flinke peuter.

Hier vind je bijvoorbeeld mijn allereerste blogpost.
En hier vertel ik waarom mijn blog Boston, baby! heet.

 

  1. Wat is het doel van jouw blog?

Ik schrijf hier nu drie jaar en mijn bedoeling is zeker veranderd – net als onze situatie.

Eerst was mijn blog echt bedoeld om het thuisfront op de hoogte te houden, en misschien een glimlach te bezorgen over ‘dat rare Amerika’.

Opnieuw in België was het even hercalibreren – maar ik schrijf zo graag en hou ervan om een tekst te polijsten tot de woorden nét goed zijn, of nét goed genoeg.

Door vorig jaar met een zeldzame ziekte geconfronteerd te worden, had ik zelf veel aan blogs die me het gevoel gaven dat ik niet alleen was. Dus ik hoopte dat zelfs ook te kunnen betekenen voor iemand.

Misschien is dat wel de samenvatting van drie jaar bloggen: het is een soort mentale yoga voor mij, om een lach en misschien wel een traan te delen. Eerlijk, en altijd op zoek naar dat zilveren lijntje.

 

  1. Hoe ziet jouw blog er over 10 jaar uit?
    .
    Omdat ik het voorbije jaar een paar stevige lessen in het mindful zijn heb gekregen – het blijven en genieten van het ‘nu’ – vind ik dat een erg moeilijke vraag. Eerlijk gezegd hoop ik dat er veel gewone, heerlijk saaie dingen te beschrijven vallen. De grote avonturen en uitzonderlijke situaties mogen even in de kast blijven.

 

  1. Hoe zorg jij voor meer lezers op jouw platform?
    .
    Ik zou liegen als ik zei dat het niet leuk is als je schrijfsels door wat meer mensen gelezen worden. Af en toe zet ik enkele stappen in de – hopelijk – goeie richting om hierin wat te groeien.Ik heb een Facebookpagina gemaakt voor mijn blog, en ook mijn Instagram foto’s verschijnen op de hoofdpagina. Ik deel mijn blog op een paar groepen op Facebook.Eigenlijk hoop ik stiekem op ‘minimal input, maximal output’ maar om écht een leger volgers te creëren zou ik heel anders moeten schrijven dan waar ik zin in heb.
    Verder volgde ik een online opleiding gevolgd, nl. ‘Meststoffen voor jouw blog’ en lees ik al eens een reeks tips na, maar het schrijven op zich blijft toch het belangrijkste.

 

  1. Heb jij wel eens stress tijdens het werken aan jouw blog? Wanneer?
    .
    Over het algemeen is bloggen ontspannend, maar als ik me engageer om 40 dagen lang elke dag te bloggen, zoals vorig jaar, dan kan het al eens spannend worden. Of als ik het gevoel heb dat er een verhaal in mijn hoofd zit, dat er maar niet wilt uit komen. Als een liedje waar je maar niet op de tekst kan komen. Een soort gezoem dat je niet weg krijgt. Behoorlijk irritant. Of klinkt dat nu helemaal gestoord?.
  2. Welke blog uit jouw collectie vind je het leukste?

Na meer dan 230 posts is dat een vrij uitdagende vraag, ook net omdat mijn blog door de jaren heen erg veranderd is. Daarom ga ik een beetje vals spelen, en het opdelen in drie grote ‘tijdsvakken’.

In het ‘Bostonoceen’ – het eerste blogjaar in Boston – heb ik behoorlijk grappige/absurde dingen geschreven (al zeg ik het zelf) zoals mijn bespreking van een kerstliedje. Of net meer dagboekfragmentjes zoals deze. Veel gelezen en gedeeld is ook mijn brief aan de terroristen die de aanslag pleegden in Zaventem.

In het ‘Belgozeen‘ – opnieuw in Belgenlandje en opnieuw aan het werk – probeer ik de gewone dingen te capteren. Zoals een huwelijksverjaardag. Of vaderdag. Of die dag dat onze engelbewaarders overuren draaiden.

Dan breekt het Mola aan, het tijdsperk waarin ik in een Jeroen Bosch-achtige nachtmerrie verzeild geraak door te hopen op een tweede kindje. Ik word ziek, het wordt alsmaar erger en schrijven wordt moeilijk – ik kan alleen maar het gevecht beschrijven. Het is zwaar. Maar dan komt die dag. Die dag waarop ik niets meer moet doen.

Ik weet niet hoe het era heet waar ik me momenteel in bevind. Misschien zoals een vriendin zei: de Renaissance. Waarin ik opnieuw mijn grenzen verleg.

Ik speel vals he… Ik weet het. Maar er zijn toch wat schrijfsels waar ik fier op ben.

   7. Wat doe jij om je te ontspannen?


Sinds kort yoga! Maar ook schrijven, met krullenbol spelen en daarin helemaal opgaan, of gewoon wat Netflix kijken, kan erg ontspannend werken. En anders… ik ben nog nooit gestressed geworden van een fijn gesprek bij een kopje koffie en een koekje.

 

  1. Beschrijf jezelf in 5 woorden

Empathisch

Duizendpoot

Trouw

Positief

Extravert

  1. Waar kan je echt van genieten?
    .
    Van vrienden en familie om me heen, het liefst om te brunchen, van tijd nemen en van die honderden, duizenden kleine dingen die het leven roze kleuren, ook als het niet roze is.
    .
  2. Wat voor blogs lees je zelf het liefste?

Ik volg er niet zo veel, maar het liefst lees ik de blogs van mensen die ik persoonlijk ken, of kookblogs met een hoekske af (dus met minder traditionele recepten). Als ik eerlijk ben moeten dat ook blogs zijn met een fijn taalgebruik en zonder al te veel schrijffouten, want ja, sorry, ik ben een taalchampetter…

 

  1. Wat maakt jou gelukkig?
    .
    Na het voorbije jaar is eens te meer gebleken dat het echte geluk ligt in de gezondheid van jezelf en de mensen die je graag ziet. Al de rest volgt!(en verder… check het hier!).

 

11 willekeurige feiten over mezelf

  1. Mijn rechtervoet is een halve maat groter dan mijn linkervoet
    .
  2. Ik heb een groene gordel jiu-jitsu
    .
  3. Mijn eerste twee katten heetten Patske en Watske en waren zwart met witte sokjes
    .
  4. Ik kan geen schoenen met hakken van meer dan 3 cm verdragen na mijn knie- en rugoperatie
    .
  5. Ik leerde skiën toen ik 23 was, hoewel ik 11 jaar eerder had gezworen dat nooit meer te proberen. Nu vind ik het zalig!
    .
  6. Ik heb nooit graag alcohol gedronken, maar na een jaar ‘cold turkey’ en mijn ziekte, heb ik besloten er gewoon helemaal mee op te houden. Nu ja, ik dronk dan ook maar een glas of 3 per jaar, dus misschien was het eerder ‘cold colibri’
    .
  7. Ik heb drie vriendinnen die ik minstens 25 jaar ken (ja, van toen we 1 ofzo waren, héhéhéé… NOT)
    .
  8. Als mijn zussen en ik een zelfde item kregen als kind, kreeg ik het in het rood, de ene zus kreeg blauw en de andere geel
    .
  9. Ik was 20 toen ik voor het eerst in een tent sliep. En ik verging van de kou!
    .
  10. Omdat mijn mama een nakomertje was, zijn mijn nichten en neven aan die kant van de familie 20 à 25 jaar ouder dan ik (en mijn oudste neef is een jaar ouder dan mijn schoonvader). Ik heb dat nooit een probleem gevonden, ik vond en vind ze allemaal top.
    .
  11. Momenteel verzamel ik niet echt iets – tenzij leuke recepten – maar ik heb in het verleden schelpen, postzegels, uilenbeeldjes en zeepjes in grappige vormen verzameld. Oh, en alles van Beverly Hills 90210. Help.

 

Mijn genomineerden

 

Toen ik mijn eigen genomineerden wilde neerschrijven, kwamen er meteen een aantal in me op. Ik heb mijn nominees op de hoogte gebracht, maar het is helemaal aan hen om al dan niet op deze uitnodiging in te gaan.

 

  1. https://aufwiedersehengoodbye.com – een reisblog die me tijdens de donkerste maanden van het voorbije jaar zo vaak heeft doen glimlachen – en zelfs luidop schateren. Anneke en Jonas hebben een heerlijke frisse schrijfstijl en een droge humor die perfect combineren.
  2. https://trijnewijn.wordpress.com – het is opvallend hoeveel ik gemeen heb met deze blogster, al zijn sommige dingen overduidelijk (in het buitenland gewoond/wonen) en glinsteren anderen tussen de regels door. Aangezien ze net een internationale verhuis achter de rug heeft, verwacht ik niet meteen een respons!
  3. https://nelevanmalderen.wordpress.com – een persoonlijke blog van een vlotte madam. Dat ze al even blogt, heeft waarschijnlijk tot gevolg dat ze de Liebster award al elvendertig keer heeft ontvangen, maar ga ik me daardoor laten tegenhouden? Neen, driewerf neen, mijn waarde.
  4. https://prinsesopdekikkererwt.wordpress.com – Heel fijne en vlotte schrijfstijl, ik volg deze prinses op de kikkererwt nu een klein jaartje. In een totaal andere levensfase en toch zo herkenbaar soms. Aangezien ze net voor twee mooie addities aan de wereldbevolking heeft gezorgd, zal ze andere dingen aan haar hoofd hebben, maar toch: een pluimpje.
  5. https://kleineatlasvandewerkelijkheid.wordpress.com – een ‘kale’ blog met een alles behalve kaal taalgebruik. Iemand die schrijft omdat er graag geschreven wordt, niet omdat het ‘moet’ – van wie dan ook. Tenzij misschien van jezelf, omdat je anders toch een tikje gek(ker) wordt.

 

En bij deze – mijn vragen

 

1. Welk personage van een boek of film zou je graag ontmoeten?

2. Mocht je je 13-jarige zelf raad kunnen geven, wat zou dat dan zijn?

3. Hoe ziet jouw perfecte dag eruit?

4. Waarom blog je?

5. Op welke drie voedingsmiddelen zou je kunnen overleven?

6. Wat doe je helemaal zoals je ouders? En wat zeker niet?

7. Wat is het meest gênante dat je ooit is overkomen?

8. Wat is iets heel eenvoudig dat jij niet onder de knie hebt?

9. Welk citaat vind jij inspirerend of motiverend?

10. Wat is het grootste misverstand dat over jou de ronde doet?

11. Omschrijf jezelf in vijf woorden.

 

Vind je dit soort schouderklopjes leuk, of denk je ‘laat maar fijn zitten’?

Ik vond het in elk geval wel fijn om mijn eerste award te krijgen, al zal het bij een virtueel beeldje op mijn schouw blijven (en maar goed ook, want ook die schouw is louter virtueel).

Wel op wolkjes

2 juli. De eerste officiële dag van de grote vakantie.

 

Stond op de planning: in de voormiddag naar de speeltuin gaan, op de middag misschien een dutje en in de namiddag naar de winkel en in bad.

 

Gisteren was het al een topdag geweest. We waren gaan barbecueën bij Papo en daar waren zijn tante en zijn peter ook. Peter is niet minder dan een idool, dus dat we mee mochten op de boswandeling was ‘écht heel supertof’. De boswandeling viel wat langer uit dan verwacht, en hoewel hij zijn beste beentje voorzette, was het vaatje wel ‘af’ die avond.

Onderweg naar ons huis viel hij in slaap in de auto, hij liet zich ‘transfereren’ naar bed en sliep voor het eerst in ik-weet-niet-hoe-lang 13uur aan één stuk.

 

Vanmorgen was hij heel vrolijk, maar al snel werd me duidelijk dat de speeltuin te hoog gegrepen was. Ja, hij had er zeker zin in. Ja, hij wilde me wel even helpen met zonnecrème smeren. Maar nee, de verdere stappen kwamen er maar niet van.

 

Ik liet het zijn. Hij mag van mij gerust een paar dagen rust. Het einde van het schooljaar was niet niets en de voorbije week was niet zo gestructureerd als anders: dat kost energie.

 

Daarom suggereerde ik voorzichtig na de boterhammetjes met komkommerwieltjes of we niet eventjes zouden gaan rusten (je weet wel: ‘neeeee, niet slapen schat, gewoon een beetje rusten’).

 

De eerste poging was mislukt, maar daarna gaf hij zelf aan moe te zijn. Ik vroeg of hij naar zijn eigen kamertje wilde, met het maantje en de wolkjes, of naar de kamer van mama en papa (niet de standaard optie, maar het is daar momenteel wel een paar graden koeler). Hij koos het laatste, niet de wolkjes.

 

Of mama even bij hem wilde blijven liggen? Dat wou mama wel.

‘Ola mama, jij hebt geen lakentje. Ik leg mijn doekjes.’

 

Met het grootste geduld en precisie legt hij vier tetradoekjes één voor één op mij. Geen plekje arm mag onbedekt blijven, ondanks mijn terloopse opmerking dat ik het echt wel warm genoeg heb.

‘Zo mama, nu heb jij geen koud’.

‘Dank je wel schatje, dat is heel lief. Laat ons nu even rusten.’

 

Nu wilt hij ‘ondersteboven’ gaan liggen (met zijn hoofd naar het voeteinde). Een kleine verhuis volgt. Opeens ligt zijn hoofd weer naast dat van mij. Ik tuur tussen mijn wimpers. Hij lacht zijn kleine tandjes bloot.

 

‘Mama, wij zijn beste vrienden’.

 

Geen vraag. Geen bevestiging nodig.

 

Het is alsof mijn hart trilt.

Niet in zijn kamer. Wel op wolkjes.

P1100997

Wat maakt mij gelukkig – the happiness tag

Af en toe (hahaha, juist ja) maak ik graag een lijstje. Deze vond ik bij Tifosa: een opsomming van wat je blij maakt. En laat het nu gewoon heel fijn zijn daar eens over na te denken!

Van welk eten word jij blij?

Ik kan daar eigenlijk heel kort op antwoorden: van eten word ik meestal blij! Tenminste… als het lekker is. Als het tegenvalt, kan het ook echt wel mijn dag verknallen.

 

Okee, iets specifieker… Ik word echt blij van Thais, sushi, lasagne, gevulde paprika, vol-au-vent en gigantische salades met geitenkaas en spekjes en appeltjes en croutonnetjes en… dju, honger nu.

maki-716433__340

Verder kan ik echt uitkijken naar dat eerste slokje koffie ’s morgens, en naar zowat alle voedingswaren die je op een brunch tegenkomt. Bruncheten (of brunch eten) vind ik geweldig want het betekent meestal dat je in fijn gezelschap bent, tijd hebt en honderd verschillende dingetjes kan proeven (want hey, het zijn twee maaltijden in één dus je mag wel wat, toch?).

breakfast-498480__340

Welke film maakt je vrolijk?

Niet lachen, maar van dingen zoals ‘Legally Blonde’. Of ‘Nothing Hill’.Of ‘Le fabuleux destin d’Amélie Poulain’ – al kan die accordeonmuziek ook iets melancholisch hebben.

Welk kledingstuk maakt je happy?

Aangezien ik alles behalve een shopping queen ben, ga ik het houden op kledingstukken die me gewoon goed staan en flatteren.

Die ene broek die al 15 jaar (en drie kledingmaten) mee gaat, een blauwe blazer waar ik altijd complimentjes mee oogst, het jurkje dat ik kocht zes maanden na de bevalling, voor het huwelijk van de schoonzus, en waarin ik me knap voelde.

Van welke beautyproducten word je blij?

Olalala, ook hier ben ik verre van een expert. Ik ga dan ook graag voor een naturel look. Ik zou zeggen, van een goeie mascara, want dat doet al veel. Hoe ouder je wordt, hoe meer moeite het kost eruit te zien alsof het geen moeite kost…

mascara-444166__340

Wat is jouw gelukkigste herinnering?

Onze huwelijksdag, trouwen met mijn beste vriend met iedereen die we graag zien erbij – de geboorte van onze lieve zoon  – onverwacht gevraagd worden om meter te worden – mijn doctoraat afleggen na vier jaar hard werk waarvan één jaar met het grootste verdriet.

Dat waren de ‘grootse’ dingen.

Maar ik heb ook zoveel gelukkige herinneringen aan de kleinste dingen.

  • Voorlezen uit Agatha Christie aan mijn groottantes op woensdagnamiddag
  • In de file staan met die goeie vriend na een dagje aan de zee, en die extra babbeltijd alleen maar leuk vinden
  • De omhelzing van mijn mama na drie maanden thesissen in het buitenland
  • Naar huis rijden en zeggen: ja ik vind ook dat we die bouwgrond moeten kopen
  • De vroedvrouw die zei: ‘’t is een zoontje’ en wij die niet kunnen stoppen met ‘gibberen’
  • Ons thuis voelen in de Ikea in Boston, daar viel een last vol heimwee van onze schouders

Van welke muziek word jij blij?

Na deel uit te maken van hun koor vorig jaar, staat de muziek van K’s Choice hier zeker bovenaan mijn lijstje. Er hangen nu nog zo veel meer heerlijke herinneringen aan!

Verder word ik ook gewoon blij van blije muziek zoals ‘Happy’ van Farrell Williams, of van die goeie muziek uit de jaren ’90. Als er een muziekmarathon uit dat decennium op de radio passeert, huppel ik door de dagen.

music-cassette-429264__340

Wat doe je op dagen als je jezelf down voelt om weer happy te worden?

  • Heel diep inademen, een kopje koffie halen en/of iets lekkers eten
  • Knuffelen met manlief of kleine krullenbol – ook onze katjes zijn goed knuffelmateriaal
  • Als ik niet bij hen ben, contact zoeken met manlief of vrienden; even bellen, een berichtje sturen, even klagen…
  • Naar buiten gaan en rustig nadenken over alles waar ik zo dankbaar over mag zijn
  • Een lijstje maken met plannen of iets leuks vastleggen
  • Iets bakken!

 

Noem drie willekeurige dingen die je ontzettend gelukkig maken.

Uiteraard word ik ontzettend gelukkig van die prachtige wezens waarmee ik een thuis deel.

Maar deze zou ik niet willekeurig noemen.

 

Vandaar dat mijn lijstje bestaat uit:

  • Cappuccino met een tekeningetje in de melk: dat iemand de tijd en moeite heeft genomen om mijn favoriet drankje zo mooi af te werken, maakt me blij. Of als manlief – die zelf geen koffie drinkt – speciaal voor mij melk opschuimt om me zo het perfecte kopje te bezorgen…. It must be love!
    coffee-668550__340
  • Onverwachte geschreven post krijgen: vroeger had ik pennenvriendjes, maar tegenwoordig is e-mail zo makkelijk. Toch vind ik het zalig om een geschreven brief te krijgen. Ik lees die dan extra traag, omdat ik zuinig wil zijn op dit cadeautje. Ik zou zo’n brief dan ook nooit weggooien!
    letter-447577__340
  • Een nieuw dessertje maken voor vrienden en merken dat het een schot in de roos is: bakken en kokkerellen is fantastisch als je er de tijd voor hebt, en als ik dan ook nog mijn nieuwsgierigheid naar nieuwe dingen en smaken kan linken aan het feit dat ik vrienden graag vet mest – tja, dan weet je dat het een goeie dag was!
    IMG_20160214_131400

 

Ps- Disclaimer: mijn vrienden zijn niet vet. Dus misschien doe ik mijn werk niet goed (genoeg). Iets om over na te denken, terwijl ik een kookboekje open sla.

 

Van welk eten worden jullie blij?

 

Een eerste schooljaar

Op weg naar huis in de buggy is het even genoeg geweest.

‘IK WIL NIET NAAR HUI-UI-UIS!

 

Ik zet me aan de kant van de weg en leun op een paaltje.

 

‘Okee, schatje.’

 

We staan daar. Een paar minuten. Tot zijn storm gaat liggen.

 

Ik snap het wel. Het is veel geweest. Het is de laatste dag van het schooljaar – zijn eerste laatste dag- en niets was vandaag zoals daarvoor. Er werd gedanst op de speelplaats, gezongen, en een erehaag gemaakt voor de leerlingen van het zesde, die afscheid namen van de school.

 

Heel fijn. Heel luid.

 

Een grote vakantie, hoe groot is die? Twee maanden, hoe lang duurt dat? En wat nu?

 

Lijken me vragen als je drie jaar bent, toch?

 

Zijn eerste schooljaar heeft uiteindelijk niet zo heel lang geduurd. Hij mocht eigenlijk in november vorig jaar al beginnen. Maar zo net 2,5 jaar, dat leek ons zo jong. We hadden al besloten dat hij in januari op school zou starten. En misschien zou ik dan twee maanden halftijds ouderschapsverlof kunnen opnemen, om bij hem te zijn bij die grote overstap.

 

Want we verwachtten wel dat het een grote overstap zou zijn, voor ons klein, gevoelig mannetje. Die net zoals zijn mama niet zo fantastisch tegen verandering kan.

 

Maar goed, alles liep dus anders. Ik werd ziek, kon er helemaal niet voor hem zijn zoals ik dat wilde en al snel werd beslist zijn start op school op te schuiven. Op de crèche stak hij dan wel met kop en schouders boven iedereen uit, hij amuseerde zich te pletter en ging nog steeds graag. Zelfs al viel hij van de loopfietsjes omdat zijn benen te lang werden.

 

Na de paasvakantie en zijn derde verjaardag stond zijn nieuwe rugzakje klaar.

IMG_2925

En zoals ze dat dan zeggen: hij was er klaar voor.

 

Hij had geen enkel ongelukje in de klas. Hij rende naar de school. Hij gilde van pret als de bel ging. Hij vond ‘tunere’ super want dan mocht je ‘heel hard lopen en ver springen en met een stok op een bal slaan’ (waren wij al enigszins bezorgd over de veiligheid in de gymles, bleek dit om een schuimrubberen ‘noodle’ te gaan).

 

Hij snapte dat dit een volgend hoofdstuk was.

‘De blauwe poort [van de crèche] is dicht, he mama. Nu is de oranje poort open’.

 

Na twee weken was het oudercontact. Op zich heel grappig om dan al te gaan, maar we waren alle twee paraat (én nerveus!). Hilarisch om te zien hoe een man van meer dan 1m90 zich op die kleine kleuterstoeltjes plooit. Maar ook papa wilde geen woord missen.

 

Heel pienter. Vriendelijk. Altijd enthousiast. Wat gevoelig. Ligt goed in de groep.

 

Eerlijk gezegd snap ik niet dat mensen met kinderen nog buitenverlichting plaatsen – ik straal voldoende denk ik.

 

Maar vandaag, na twee en een halve maand, was het eerste schooljaar voorbij.

En daar moet iedereen weer even aan wennen, om de batterijtjes op te laden.

rawpixel-463437-unsplash

Mooie dagen

De zondag dat ik niet nerveus hoefde te worden voor maandag

De dag dat ik een haarlijn zag

De dag dat ik de shampoofles besloot te gebruiken

De dag dat ik de muts afzette in het zwembad

De dag dat ik ook buiten het zwembad mijn sjaals en mutsjes in de hoek gooide

De dag dat ik naar buiten ging zonder, en dat vergat

De dag dat de kinesiste zuchtte ‘jij hebt wel véél haar he’

De dag dat twéé mensen zeiden: hé, je krullen zijn er weer.

De eerste bad hair day

De dag dat ik 5 kilometer wandelde zonder al te veel problemen

De dag dat ik in een pashokje stond, en durfde kijken

De dag dat ik in de spiegel keek, en lachte

De dag dat er model in mijn haar te knippen was

De dag dat manlief zuchtte dat de douche-afvoer weer verstopt was door mij

De dag dat ik voor het eerst in een jaar mijn foto op Facebook postte

 

De dag dat ik voor het eerst in vijf maanden mijn ring kon aandoen –

Dat is vandaag. Een mooie dag.

 

IMG_4057

 

*de dag dat het geheugen weer mee wilde, heeft zich nog niet aangekondigd, valt het op?

Wereldvluchtelingendag

skunk-2398029__340

Ons avondritueel is een beetje veranderd deze week.

Een paar dagen geleden kon geen van onze eigen boekjes of de verhaaltjes van de bib krullenbol bekoren. Ook een gedichtje zag hij niet zitten.

Dus besloot ik een verhaaltje uit mijn spreekwoordelijke mouw te schudden. Hij mocht kiezen over welk diertje het ging.

 

Zo komt het dat hier al een verkouden olifant met een verstopte slurf (vééééél snottepieten!), een nijlpaard met hoogtevrees en een paars schaapje gepasseerd zijn.

 

Gisteren koos krullenbol voor een nieuw personage: een stinkdier.

 

  • ‘En hoe gaat dat stinkdier dan heten, schattie?’
  • ‘Kwaak’.
  • ‘Kwaak?’
  • ‘Ja, Kwaak’.

 

Kwaak it is, dus.

 

Kwaak Le Stinkie, om precies te zijn. Want tegenwoordig doen wij ook aan achternamen.

 

Door Kwaak Le Stinkie begin ik ernstig een carrière in comedy te overwegen. Het verhaal ging namelijk ongeveer zo.

 

Ik: Dus er was eens een stinkdier, en die heette Kwaak Le Stinkie.
Krullenbol: Whahahahaaaaaaa *lachen-gieren-brullen*

Ik: Op een dag ging hij naar school, en zijn klasgenootjes zeiden ‘Hey, goeiemorgen Kwaak Le Stinkie’

Krullenbol: Whahahahaaaaaaa *lachen-gieren-brullen* (nog nahikkend: ‘Nog meer mama’)

Ik: En ze hadden turnen die dag. En Kwaak Le Stinkie….

Krullenbol: Whahahahaaaaaaa *lachen-gieren-brullen- trappelen met de beentjes*

 

Enfin, je snapt het plaatje. Hij gierde het uit van de pret, en wij volgden omdat het steeds even klaterend en vol overgave was. Ook de zesde keer dat Kwaak Le Stinkie ter sprake kwam. En de tiende. En de vijftiende.

Tot Kwaak Le Stinkie ook ging slapen.

Daarna werden wolkenlampjes uitgedaan, kusjes en knuffels uitgewisseld, en slaapwel gewenst.

 

Waarom ik dit nu vertel?

 

Ten eerste, omdat ik dit niet wil vergeten.

 

Ten tweede.

Omdat élk kind een Kwaak Le Stinkie verdient ’s avonds.

En ik hoop dat niemand dat vergeet.

Weekendje aan zee met Superheld

Een weekendje aan zee. Wat tijd met ons drietjes. Ja, daar waren we wel aan toe.

De wagen werd vakkundig vol gehesen, de koelkast werd aan een kritisch oog onderworpen en slechts twee uur later dan we hadden gepland, zetten we koers naar de kust.

 

Het was al even geleden dat we deze driedaagse met drie vastlegden, en dat we besloten om naar het appartementje terug te keren waar we vorige zomer een fijne week doorbrachten. Immers, het ligt vlak aan het strand, het heeft een groot balkon en er is meer dan één vork in de keuken te vinden. En zo lang ik me kan herinneren, staat naar de zee gaan gelijk aan rust, ontspannen en genieten.

 

Pas twee weken geleden begon het me te dagen, dat het wel eens confronterend zou kunnen zijn.

Dat het niet alleen het appartementje is waar we een leuke vakantie hadden, het is ook het appartementje waar we een leuke vakantie hadden, vóór de hemel op ons hoofd viel, en het zes maanden nacht werd.

 

En opeens werd alles zo dubbel.

 

Dus ja, ik had stress. En niet alleen omdat er evidentere zaken zijn dan inpakken met een klaterende kleuter in de buurt. Ik had stress omdat ik dacht ‘wat als…’

 

….wat als de zee níet meer gelijk staat aan rust? Wat als het gelijk staat aan de ramp die je niet zag aankomen?

… wat als ik de zetel alleen herken als de plek waar ik een jaar terug misselijk zat te wezen – en blij was met die mottigheid, want ‘dat was zo’n goed teken tijdens een prille zwangerschap’.

… wat als ik alleen kan denken aan die voorzichtige hoop die we voelden, en die zo afschuwelijk is neergemaaid?

 

Stress.

 

We gingen wandelen op het strand. Alleen ‘wij drietjes’, zoals krullenbol dat zo mooi zegt.

Ik hield twee paar sandalen in mijn handen- één paar maatje 27 en één paar maatje 47 en luisterde.

 

Ik luisterde naar die grote schat van mij die vertelde hoe de zee soms dichtbij is, en dan weer veraf. Hoe er in dat laatste geval plassen en riviertjes worden gevormd op het strand. Hoe die grote vogel een meeuw wordt genoemd en dat die net een visje uit een plas had gehaald.

 

  • Een MEEUW, niet een LEEUW! Die pootafdrukjes zijn van een MEEUW!
  • Neen, deze zijn van een hond, niet van een olifant. Een olifant houdt niet van zand.

 

Ik luisterde naar de uitleg over de schelpjes, en dat die hele lange ‘messen’ worden genoemd. Hoe wormpjes zich in het zand graven en een worstje achterlaten.

 

Onze krullenbol was in een ‘superman’-fase. Hij heeft zo’n 76 keer ‘out of the blue’ik ben superheld’ geroepen, en dan in de lucht gegooid wat hij op dat ogenblik in zijn handen had (of het nu zand, een schelpje of zijn pet was). Blijkbaar is zijn superkracht heel hard dingen gooien, aldus manlief. We lachten.

 

Superheld draagt zand naar de zee. Met een geel schepje. Water dragen naar de zee, daar heb ik van gehoord, maar zand? Bijzonder, heel bijzonder.

 

Zoals Superheld natuurlijk.

 

En toen verdween de stress. En wist ik het wel. De zee, dat blijft rust. Wat niet mocht zijn zal niet de overhand nemen. Wat er is, dat telt.

 

Dus ik glimlachte bij de raad van grote schat aan kleine schat: met kwallen word je best geen vriendjes.

 

Ook goed advies voor je verdere leven, lieve Superheld.

IMG_3921

Jij ontbrak mij vandaag

chuttersnap-348304-unsplash

Als je me zou vragen wat dat is, missen, dan zou ik die vraag niet meteen kunnen beantwoorden.

Ik denk dat iemand missen anders is voor iedereen. En voor iedereen anders op elk moment.

 

Gisteren miste ik je niet. Morgen misschien heel erg. Misschien denk ik plots aan je, en voel ik me daar vrolijk door. Of misschien moet ik iets wegslikken. Tien jaar geleden miste ik je heel anders dan vandaag. Het missen verandert. Ik verander. Ik weet niet hoe die twee gerelateerd zijn, wat is oorzaak en wat gevolg?

 

Het lijkt me dus erg persoonlijk. Of misschien wel helemaal niet, misschien gaat het niet over mij, maar net over jou. Zoals het in het Frans is – tu me manques – Jij ontbreekt mij.

 

Jij ontbrak mij vandaag.

 

Zoals elke keer dat ik in de aankomsthal van Zaventem kom – of het nu is als passagier die net landde, of als ophaler van dienst, die reikhalzend tussen de deuren uitkijkt.

Niet dat jij nu zo vaak in Zaventem rondhing. Of daar een bijzondere band mee had.

 

Nee, het komt door die ene keer. Die keer dat ik terugkwam van vakantie- ik weet al niet meer waar precies-, en dat er was afgesproken dat iemand anders mij zou oppikken en naar huis brengen. En toen kwam ik door die deuren met mijn koffers achter me aan, en jij stond er toch.

 

Omdat je het niet kon laten. Omdat je mij wou zien. Omdat je mij gemist had.

 

Tegen alle logica in is er elke keer weer dat stukje van mij – niet veel, maar een onmiskenbaar snippertje – dat hoopt dat jij daar zal staan. Als verrassing. Zoals toen. Omdat je mij al zo lang moest missen.

 

Wat zou ik doen mocht het zo zijn, vroeg ik me vandaag af.

Ik zou je knuffelen/knuffelen/knuffelen, opnieuw en opnieuw. Ik zou geen tijd verspillen aan vragen over hoe en wat mogelijk is. En tegelijk zou ik je meteen vertellen over die krullenbol die ons leven zoveel mooier maakt, hoe lief en zachtaardig hij is, hoe pienter en schattig en hoe hij van gedichtjes houdt en van zingen en van fietsen en van kietelen en nog zoveel meer.

 

En dan zou jij me aankijken en glimlachend zeggen: ‘maar moushi, dat wéét een oma toch allemaal al.

Na de zakenreis

Na een half leven, na meer dan 18 jaar.

Na zotte avonturen, afschuwelijk trieste uren en heerlijk perfecte momenten

Na tonnen ‘gewoon’ en grammen uitzonderlijk

Na letterlijk duizenden dagen en duizenden nachten.

Na verlies, winst, vallen, opstaan en dat alles schier eindeloos herhalen

 

Klopt mijn hart toch weer net iets harder

Wordt mijn glimlach net iets breder

Als ik jou ontdek op de luchthaven.

Natuurlijk kom ik je ophalen.

Vijf dingen die je nooit wilde weten over chemo

Ik ben moe. Dus het is geen goed moment om een blogje te schrijven. Dan lijkt het alsof ik altijd moe ben.

Heb ik de voorbije weken een keer of 80 gedacht.

Dus ik schreef niets. Maar ik dacht er wel aan. Laat ons zeggen dat mocht ik elke tiende keer dat ik aan een postje dacht, ook effectief iets geschreven hebben, dan….

 

Ja, wat dan? Dan stond hier meer geschreven. Ha!

 

Maar vandaag wil ik het niet hebben over moe zijn. ‘Moe zijn’ is iets dat de meeste mensen verwachten, als je chemo krijgt. Al verwachten ze het misschien niet meer als je drie maanden post chemo bent, maar dat is een ander verhaal – een verhaal dat ik nog wel eens zal doen.

 

Chemo heeft een grote impact op je leven, op je gezondheid. Ik geef toe dat ik er weinig van wist, voor ik er moest aan beginnen. Je krijgt een lijstje met alle meest voorkomende bijwerkingen (en als je 5 chemo’s krijgt, kan ik je verzekeren dat dat lange, enge lijsten zijn), maar dat er nog een 1000-tal andere, kleinere dingetjes zijn, dat vertelt niemand je.

 

Omdat je dat niet wilt weten.

 

Niemand vertelt het, omdat je het niet wilt weten.

Toch heb ik 5 zaken opgelijst. Vijf dingen die je nooit wilde weten over chemo.

 

 

  1. Je mag niet alles eten

    Sommige voedingsmiddelen en supplementen kunnen interfereren met de werking van de chemo. And you don’t want that. Zo zou je kunnen denken: mijn algemene gezondheid wordt hier stevig onder vuur genomen, ik doe eens een vitaminekuurtje. Helaas pindakaas, vitamine C is een ‘big no-no’. Af en toe een kiwi of een sinaasappel mocht wel, maar pompelmoezen waren dan weer helemaal uit den boze.

    Nu lust ik eigenlijk geen pompelmoezen. En eet ik zelden pompelmoezen. Maar als je ze dan niet meer mág….

    Dan kan ik je verzekeren dat die eerste roze pompelmoes na 12 februari ZO LEKKER was! Jongens jongens, nog nooit heeft zo’n bitter ding zo gesmaakt!
    (Zegt dat iets over mijn relatie tot autoriteit? Neuuuuuuuu!)

 

 

  1. Je kan al je haar verliezen

    Dat wist je al? Tja, dat is natuurlijk ook heel zichtbaar. Mensen dragen een sjaal of mutsje, wenkbrauwen en wimpers worden dunner, je gezichtsuitdrukking verandert. Ik heb mijn wenkbrauwen ontzéttend gemist. Ze waren niet weg, maar wel veel dunner, zeker in vergelijking met de zwarte, dikke rupsen die normaal boven mijn ogen dansen.

    Maar je hebt ook nog ander haar… het haar op je armen, je oksels, je benen, je neus, je… euh… andere plaatsen. Ik hoorde van mensen die dit alles verloren in 24 uur, wat me enorm traumatisch lijkt. Het liep niet zo een vaart bij mij. Ik pakte het haar dat nog op mijn benen stond niet aan, want hey, als je wekelijkse chemo overleeft, dan ben je echt vechtershaar en dan laat ik je verder ook met rust.

    Het enige haar dat er in slaagde vérder te groeien tijdens de chemo, waren… de witte haren op mijn hoofd. Daardoor kan ik nu eerlijk zeggen: ik heb eerbied voor mijn grijze haren.

 

 

  1. Snel delende cellen zitten overal

    Je haar valt uit omdat chemo gemaakt is om snel delende cellen zoals tumorcellen aan te vallen. Onze haarzakjes bevatten ook zo’n cellen, die voor haargroei zorgen.

    Maar niet alleen daar vind je cellen die zich snel delen. Ook in je mond, je neus, je darmen… zitten potentiële doelwitten van de chemomiddelen. Dat kan aften en neusbloedingen veroorzaken, diarree of constipatie. In mijn geval had ik last van wondjes in mijn neus die moeilijk genazen en met momenten behoorlijk pijnlijk waren. Gelukkig zijn er voor dit soort bijwerkingen altijd wel middeltjes. Maar….

 

  1. Ook medicatie tegen bijwerkingen heeft bijwerkingen

    Neem nu die pijnlijke aften in je mond. Ik kreeg een bepaalde chemo die daar berucht voor was. Als voorzorg moest ik mijn tanden heel goed verzorgen (met een zachte tandenborstel en bepaalde tandpasta- gelukkig was mijn sensodyne OK), maar ook na elke poetsbeurt spoelen met een bepaald mondspoelmiddel. Ik heb amper aften gehad, dus het middel werkte prima.

    Alleen had het een opvallende bijwerking, waar niemand me iets van verteld had: je tanden verkleuren en krijgen bruine randen. Na een paar weken ga je er dus uitzien als een verstokte aanhanger van grote hoeveelheden pruimtabak.

    Tijdens de behandeling werden ook steroïden toegediend. Deze houden mogelijke allergische reacties tegen de chemo onder controle (altijd fijn als de patiënt NIET in anafylactische shock gaat tijdens de behandeling).

    Ook steroïden hebben behoorlijk wat bijwerkingen. Dat gaat van nerveus zijn een paar dagen na toediening (ik liep opeens de muren op en wist met mezelf geen blijf, terwijl ik doodmoe was – een vreemde combinatie), tot het (tijdelijk) aantasten van het gezichtsvermogen. Plots vertrouw ik mezelf niet meer bij het autorijden, en al helemaal niet als het donker is. Dit zou wel verbeteren na een paar maanden, maar was evengoed iets waarover niemand me wat vertelde.

    De steroïden zorgden er ook voor dat ik vijf kilo aankwam op evenveel dagen omdat mijn vochtmetabolisme helemaal overhoop ligt. Mijn trouwring ligt op mijn nachtkastje, te wachten op die mooie dag dat mijn handen niet meer helemaal gezwollen zijn… Ikzelf kijk ook uit naar dat moment, waarop ik weer netjes zal kunnen schrijven en met stokjes kan eten zonder na elke maki mijn hand te masseren.

 

  1. Je huid blijft ook niet buiten schot

    Dat je er tijdens de behandeling niet al te fris kan uitzien, is geen groot geheim. Sommige middelen kunnen er voor zorgen dat je terug geslingerd wordt naar de puberteit door een stevige acné opstoot. Maar als je rode bloedcellen weer met voldoende zijn om voor een blosje te zorgen, kan je dit best niet vieren op een terrasje: je huid en ogen houden nog ongeveer een jaar een verhoogde gevoeligheid aan de zon.
    Dit kan zorgen voor o.a. gemakkelijker en zwaarder verbranden en pigmentvlekken die moeilijk weg te krijgen zijn. Factor 50 maakt bij deze deel uit van mijn dagelijks verzorgingsritueel. En ja, een schattig zonnehoedje is ook al aangekocht.

 

Zo, dat waren vijf dingen die je nooit wilde weten. Nu weet je ze.

Weet ook dat het details zijn. Ik neem ze er allemaal bij nu ik weer tot het rijk van de gezonden hoor.

Wat niet betekent dat ik me erbij neer leg. Ik had en heb een plan van aanpak. Maar daarover vertel ik later meer. Want nu ga ik genieten van een rustige avond met mijn ventje.

sun

 

 

 

Waarom ik chemo kreeg, en hoe het allemaal begon, lees je hier

Bloemlezing

Ik hou van je

een beetje veel

ontzettend veel

helemaal niet

 

Ik hou van je

een beetje veel

ontzettend veel

met heel mijn hart

dat ik met je deel

IMG_3225

De kleine poëet werd drie!

IMG_2982

Het was zo ver, krullenbol werd drie jaar. Ik vond het prachtig. Toen hij 1 werd, kon ik het niet geloven.  Op zijn tweede verjaardag dacht ik ‘nu al?’. Maar zijn derde verjaardag kwam zo mooi op tijd. Als je boven de meter uitsteekt, en tot 20 telt, in het Nederlands en het Engels, dan kan je gerust drie worden. Dat past.

 

Het was mooi weer en hij wees op de lucht vol ‘vliegtuigstreepjes’. Bij de mama ging het dagen – peuters, dat zijn kleine poëten. Woorden die passen, maar niet bestaan, die worden uitgevonden. Zoals toen hij wat langer in bad had geplonsd en hij plots ontzet naar zijn vingers keek. ‘Ja, je vingers hebben rimpels, maar straks komt dat weer goed’, zei ik. ‘Ja, het zijn vimpels’, zei hij, nog steeds niet helemaal gerust gesteld.

‘Wij moeten misten’ – die ochtend dat je geen hand voor ogen zag, maar we er wel door moesten.

Of toen hij mij plaagde door mij aanhoudend ‘protkusjes’ te geven en ik de beste acteerprestatie ooit neerzette door te doen alsof ik het niet zo leuk vond en riep ‘waarom, waaaarooooooom?’. Hij stopte, keek even omhoog, en haalde zijn schouders op terwijl hij zuchtte ‘waarom, waarom, wat is waarom?’. Tja, dat weet zelfs mama niet!

Zijn verjaardagsfeestje was een groot succes. Er waren ‘kadookjes‘ en er was taart en het was zo heerlijk gezellig. ‘Waarom kreeg je eigenlijk een feestje?’, vroeg ik.

‘Voor mijn driejaardag’, zei hij vrolijk. Want ik ben ‘driejaardig’.

 

Volgend jaar zal het nog mooier zijn –

 

Een ‘vierjaardag’ vier je niet elke dag.

party

 

Over rugzakjes en sterke schouders

Daar staat-ie dan, het rugzakje.

Helemaal nieuw, helemaal klaar.

Na veel onderzoek heeft de mama gekozen voor een giraf als thema. Die rugzak was niet alleen leuk, gelinkt aan zoonlief zijn liefde voor dieren, maar ook groot genoeg om een drinkflesje mee te nemen, een brood-, koeken- en fruitdoosje en nog wat reservekledij. Al die dingetjes staan ook klaar, met een mooi naamstickertje erop.

IMG_2925

Kortom, materieel zit die eerste schooldag volgende maandag wel snor.

 

De mama is wat nostalgisch deze week. Heeft zich bezig gehouden met fijne afscheidscadeautjes voor de andere kindjes van de crèche en voor de fantastische verzorgsters in elkaar te knutselen. Heeft met een klein brokje in de keel gekeken naar de berg kunst die we meekregen, gemaakt door zoonlief dit laatste jaar. En naar de fotootjes als subtiele getuigen van hoe onze kleine man in een minder kleine man verandert.

Meer krulletjes. Meer glimlachjes. Minder verlegen. Meer zelfvertrouwen.

 

Ik denk aan mijn eigen rugzakje. Niet dat waar mijn computer inpast, maar dat met vakjes voor ‘alles wat geweest is’. Dat rugzakje is zwaar met momenten. Misschien zwaarder dan van de meeste mensen van mijn leeftijd? Zou best eens kunnen.

 

Vooraan zitten alle prachtige momenten – zo kan ik ze er makkelijk uithalen om naar te kijken. Als ik er mijn hand op leg, voelt het warm aan. Zo veel liefde.

 

Ik denk aan dat middelste vak, je weet wel, waar ooit een banaan in verdwenen is om nooit meer terug gezien te worden, en andere bruine, vieze, stinkende brij. Je ritst het dicht en probeert het verder te negeren, niet te ruiken, niet te zien. Maar je neemt het wel mee, overal. Alle verlies, alle verdriet, … soms begint dat wat te gisten. Soms blijft het braafjes zitten – heb je er weinig of geen last van.

 

Hoe hard zou ik kleine krullenbol willen behoeden voor extra ballast in dat middelste vak. Dat er enkel mooie dingen ingeladen worden, ballonnen, knuffels, zorgeloos spelen,  feestjes, eeuwig jarig zijn. Dat er geen traantjes, afscheid, onrecht of wat dan ook moet weggeritst worden.

 

Maar ik weet ook dat dat nooit helemaal kan lukken, al doe ik zo mijn best.

 

We kunnen alleen zorgen voor sterke schoudertjes.

De voordelen van kort haar

‘Elk nadeel heb se voordeel’ – blijkt een wijs filosoof ooit gezegd te hebben.

Na vier maanden ‘mutsen’ (mag ik hier een werkwoord van maken?) besliste ik vorige week dat het genoeg geweest was. Of eerder: dat er genoeg was, om de muts te laten. Mijn nieuwe motto:

als je het recht kan zetten met gel, dan is het een kapsel. (Willen we dat afspreken?)

 

Nieuwe uitdaging: help, ik heb nog nooit gel gebruikt in m’n haar. Of wax. Of klei. Of leem. Of modder. Enfin, je snapt het. Dat wordt tutorials bingewatchen op Youtube, zoveel is duidelijk.

Vier dingen over mijn nieuwe coupe:

  • Het is kort (duh) – ongeveer zo:

    nathalie

Ja, Nathalie Portman en ik zijn echt net een tweeling. Het is akelig hoeveel we op elkaar lijken. Op 30 kg na. En de make up. En het gezicht. En het feit dat ik geen miljoen kreeg om mijn haar af te doen (by the way, SCHANDALIG).

  • Het is zwart (oef)
  • Het is zacht (denk konijnenhaartjes-zacht)
  • Het is veel (want het aantal haarzakjes wordt niet aangetast door chemo)

Op een paar dagen tijd heb ik absurd veel aan mijn haar gevoeld. Aan de andere kant vergeet ik het soms, en zie ik mensen dan verrast kijken – ik hou het op ‘verrast’ en niet ‘zich wild geschrokken’.
Als meisje met eeuwig lang haar, merkte ik al gauw een aantal voordelen aan kort haar. Komt-ie!

De voordelen

  • Met wat ik bespaar op shampoo (vroeger een halve bus tegenover nu een erwtje), kunnen we waarschijnlijk op vakantie.
    .
  • De droogtijd van mijn haar is gereduceerd van 24 uur naar 24 seconden.
    .
  • Ik kan mijn zoon mijn haar laten kammen en ik gil het niet uit van de pijn.
    .
  • Als het plots 25 graden is, is het lekker fris aan mijn hoofd.
    .
  • Ik kan nu gewoon zeggen dat ik 1m71 ben en niemand die vraagt ‘en zonder je haar?’ (Moeha, het blijft een giller. Not.)
    .
  • Ik kan nu wel schattige hoedjes kopen want er past effectief iets op mijn hoofd en het blijft nog staan ook, in plaats van langzaam naar omhoog te kruipen en zo stiekem te ontsnappen.

De nadelen?

Tja, die zijn er ook.

  • Ik mis mijn krullen. Please guys, come back soon! (waarom ik mijn krullen als mannelijk aanspreek, weet ik ook niet).
    .
  • Headbangen op Bohemian Rapsody is écht niet hetzelfde

    bohemian
    .

  • De verpleging vroeg waar zoonlief zijn mooie krulletjes haalde.
    Ik deed stilletjes ‘van mij’
    Mijn hart deed stilletjes van krak.

Coming out in Aquamundo

Een paar dagen Centerparcs was net wat we nodig hadden. Eventjes weg, eventjes met ons drietjes. We hadden een VIP cottage geboekt, met een sauna in het huisje zelf, verse broodjes die elke ochtend werden geleverd en ander heerlijks.

Aangezien de zomer, of zelfs de lente, nog niet in de lucht hing, planden we vooral uitstapjes naar het subtropisch zwemparadijs Aquamundo. Krullenbol vindt rond fladderen in zo’n peuterbadje geweldig, en al helemaal als er een glijbaantje is. Bleek dat glijbaantje nu toch wel in de vorm van een olifant zeker. Het wordt niet veel beter dan dit, people!
Voor mij stelde dat zwembad meer dan één uitdaging.

  • Zo gaan zwemmen, ook al sla je zelf geen slag, is best vermoeiend. Ik wist niet zeker of ik dat allemaal wel ging trekken.
  • Natuurlijk valt er weinig te verbergen in zwemkledij. Ook die extra 10 kilo niet. Zéker die extra 10 kilo niet. Minder aangenaam als je je al niet geweldig in je vel voelt. Ik had nog een burqini overwogen maar dat vond ik er net wat over.
  • Een katoenen mutsje dragen is ook maar wat gek aan een ploeterbadje. Geweldige oplossing – of zo dacht ik – een badmuts. Niemand die gek opkijkt als je zo’n ding op je hoofd hebt in die setting. Dat liep niet helemaal zoals gepland…

 

We zijn gaan zwemmen. We zijn elke dag gaan zwemmen.

Hier is hoe ik die uitdagingen heb aangepakt.

 

Het energiepeil

Puntje 1 was te ontdekken. Het ergste wat er kon gebeuren, was dat ik eerder naar ons huisje zou terug keren, om daar een dutje te doen. Dat gebeurde niet. Het schateren van zoonlief gaf me voldoende energie om een uur of twee rond te spetteren en ontelbare keren te supporteren aan de glijbaan. Op een eventueel klein dipje waren ze helemaal voorzien want ze verkochten koffie aan het zwembad, dus ik zat gebeiteld.

 

Het zwempak

Bij uitdaging 2 was het dan eerder een kwestie van ‘zet je erover’. Na mezelf een keer of 162 gezegd te hebben dat het allemaal wel meevalt, en dat niemand iets kan verbergen in zwemoutfit, trok ik mijn zwempak aan (bikini is meer dan een brug te ver momenteel) en heb ik doorgebeten. Ja, er liepen mensen rond die op een kalender pasten. Natuurlijk valt je oog daar eerst op. Je ziet hoofdzakelijk wat je wilt en niet hebt. Maar ja, er liepen er nog véél meer rond die een heel ander soort kalender zouden maken. En dat was allemaal ok. Dus ik ook.

(Tussen haakjes, manlief vertrouwde me de eerste dag langs het peuterbadje toe dat hij niet verwacht had dat er zó veel zwangere vrouwen zouden zijn. Ik kon alleen maar zeggen: ik wel. Zoals ik al zei: je ziet hoofdzakelijk…).

 

De muts

Puntje drie – de eerste dag hadden we de tijd niet genomen om een badmuts te kopen. Ik hield dus mijn chemomutsje aan en dacht er niet te veel over na. Ik bedoel: ik zat naast een papa die heelder scènes van War of the Worlds op zijn armen had. (Ik weet ook alleen maar dat het War of the Worlds was omdat die woorden zijn hele onderarm sierden). Mensen hadden lichaamsdelen laten piercen waarvan ik niet besefte dat je er een stuk metaal door kon poken. Wat is een katoenen mutsje dan?

Maar de tweede dag kochten we wel een badmuts. Nu had ik vroeger ZO VEEL haar dat ik eigenlijk nooit een badmuts kon opzetten – gewoon te veel, te lang, te dik haar, dat liet zich niet in  zo’n klein plastieken bolletje proppen. Dat ‘probleem’ is nu van de baan, dus ik zette de muts op en HOWLY CRAP WHAT THE HORROR HELL dat deed PIJN! AUWIE! Mijn slapen werden binnen drie seconden gepletterd, en ik vroeg me meteen af hoe ik dat zou uithouden. Neen, dat had ik er totaal niet voor over.
Dus hup, bye bye badmuts, hallo katoenen mutsje.

 
Maar toen begon manlief enthousiast te vertellen over een aantal van de grote, verrassend spannende glijbanen. Na drie dagen aan de kant van een peuterbadje – hoe plezant het daar ook toeven is – had ik ook wel zin om de grote draaitrap in het midden van Aquamundo te nemen en de ‘Monkey Splash’ te proberen. Alleen ja… dan gaat je hoofd onder water en verlies je niet alleen je oriëntatiegevoel, maar ook je mutsje.

Ik keek rond naar die zee van mensen – allemaal anders.
Kleine mensen, grote mensen, mensen met gênante tattoos zoals kusmondjes van de schouder tot in de zwemshort – mensen van S naar XXL –  blond haar, donker haar, geen haar, groen haar –

en ik dacht

F*CK IT

 

En ik liet het mutsje liggen.

Niemand keek naar die vrouw die een korte coupe vroeg bij de kapper en waarbij ze duidelijk de verkeerde kop van de tondeuse hadden gekozen. Zelfs ondanks haar half waanzinnige grijns alsof ze net de beste mop ter wereld had gehoord.

En als ze keken, heb ik het niet gemerkt: ik had het te druk met tollen en gieren in de Monkey Splash!

Het was fris, bevrijdend, en eerlijk.

HET WAS GEWELDIG!

Monkey-Splash-glijbaan

SaveSave

Vertrek naar Centerparcs met de héle familie

Manlief en ik kennen elkaar straks een half leven. Op die tijd leer je de gewoontes van die andere familie kennen, net als de anekdotes en verhalen. Zo weet ik dat er aan zijn oma geen grote reiziger verloren is gegaan. Zodra iedereen in de auto zat om op vakantie te vertrekken, zuchtte ze naar verluid: ik zal blij zijn als we weer thuis zijn.

 

Daar moest ik aan denken toen we bij ons huisje in Centerparcs aankwamen, en onze krullenbol meteen protesteerde dat hij naar ONS huisje wilde, ons huisje met Scotty en Janie. Pas nadat ik uitgebreid had gerust gesteld dat er goed op onze katjes zou gelet worden die vier dagen, ging zijn storm een beetje liggen.
Onze mini-vakantie kon beginnen.

 

Natuurlijk werkt het kennen van elkaars familie in twee richtingen. Zo weet mijn halve trouwboek heel goed dat mijn lieve groottante, waar ik al eerder over schreef, elk jaar in juni een maand naar zee ging. 45 jaar lang naar hetzelfde appartement in De Haan.

De verhuis daarheen was legendarisch. Zij nam namelijk ALLES mee. Niet alleen zowat elk kledingstuk dat ze bezat (wat betrekkelijk meeviel), handdoeken en breiwerk, maar ook al haar kookgerei, potten en pannen incluis, want ja ‘in zo’n huurappartement hebben ze toch geen goed materiaal’.

 

Ook maakte zij tijdens die zomermaand confituur, tenminste ‘als de aardbeien bij prijs waren’. Bijgevolg werden er ook pakweg 100 glazen potten en een berg ‘pec’ mee ingepakt. Over het algemeen volstonden twee grote wagens nét om haar met haar inboedel naar zee te verkassen op 1 juni.

 

Deze herinnering deed ons allebei glimlachen, toen we eindelijk klaar waren om te vertrekken naar De Vossemeren. Vier dagen zouden we weg zijn, met genoeg bagage voor een jaar (nu ja, toen we terug kwamen uit Boston was het andere koek).  De héle wagen zat vol, deels omdat we voldoende kleren moesten meenemen – het was 12°C toen we vertrokken maar er werd sneeuw voorspeld in het weekend – maar ook omdat die wagen een soort vrijheid gaf die leidde tot conversaties als volgt:

– ‘Wat denk je, gaan we croque monsieur eten?’
– ‘Bwa ja, da’s wel handig en lekker he’.
– ‘Okee, ik pak onze panini-grill in’.

 

– ‘Zal ik die eitjes ook nog meenemen?’
– ‘Geen probleem, ik neem de grote frigobox wel.’

Krullenbol zat extra veilig in zijn kinderstoel – alle kussens van het hele gezin waren namelijk naast hem op de achterbank gestouwd. Airbag avant la lettre!

 

– ‘En wij maar lachen met tante Nelly! We zijn geen haar beter!’
– ‘Toch wel, wij hebben geen confituurpotten bij!’

 

Zo zie je maar, je dénkt dat je met drie op vakantie vertrekt, maar eigenlijk reist de hele familie mee.

overload

Maar géén confituurpotten!

Bostonbaby doet van 10 naar 1

telraam-web

kollekt.be

Het mag al eens wat luchtiger, zei ik tegen mezelf. Misschien moet je eens een ‘tag’ invullen, zo een lijstje met vragen rond een bepaald thema waar je dan een antwoord op verzint, bijvoorbeeld.

Ik dwaalde wat rond in Google maar vond niet meteen iets dat me aansprak.

Tot ik het blogje las van Tifosa, die met ‘Van 10 tot 1’ een aantal lijstjes maakte over dingen die haar aanspreken – of net niet. Leek me leuk, lijstjes maken over mezelf, en vooral: vlot te schrijven, niet te veel over nadenken, geen al te zware kost.

Viel dat even tegen! Tien dingen over mezelf, lieve deugd, ik heb daar op lopen sjieken! Alsof ik mezelf net was tegengekomen. Heb zelfs af en toe de hulplijn (manlief) ingeroepen. Zes manieren om mijn hart te winnen? Ik vraag het aan het publiek, want ik heb even een black out over mijn eigen leven, lijkt het wel.

Maar het is toch gelukt, kijk.

10 dingen over mezelf

  • Mama, lief en vriendin, allemaal met een grote portie enthousiasme
  • Realist met een positief kantje (al pas ik wel bij ‘een optimist moet een slecht geheugen hebben’)
  • Bakster
  • Wetenschapper/leraar/schrijver
  • Lijstjes lover aka listomaniac
  • Empathisch
  • Cat person
  • Krullenbol (tijdelijk onder constructie)
  • Woonde 1 jaar met veel plezier in Boston met haar ventje en een baby en noemde daar een blog naar
  • Blinde vlekken: schoonmaken, strijken, naaien en alles wat moet ‘omdat het zo hoort

 

9 dingen die ik leuk vind

  • Kusjes van de zoon (‘tien kusjes mama’)
  • Cappuccino in de perfecte kop
  • Een wellness dagje
  • Tijd doorbrengen met vrienden en familie
  • All Things Brunch
  • Lekker eten (sushi, Thais, Italiaans, mega salades met alles erop en eraan)
  • Lijstjes
  • Snail mail, oftewel nog old school post krijgen
  • De liedjes van de top 500 van de 90’s meekelen

 

8 dingen die ik niet leuk vind

  • Onrecht, zeker als ik er niets aan kan doen
  • Murphy’s obsessie met ons leven de laatste 10 jaar
  • Mensen die hun job niet/niet goed doen zodat ik er last van heb
  • Dweilen (ok, laat ons eerlijk zijn, poetsen in het algemeen)
  • Stoofvlees
  • Gigantisch gezeur over dingen die er niet toe doen
  • Pesterijen, waaronder maar niet gelimiteerd tot: de ‘algemene soort’ maar ook racisme, seksisme, homofobie en agisme (slechte zorg is echt niet okee omdat de persoon in kwestie toevallig boven de 80 is)- dit valt eigenlijk ook vaak onder nr 1 nu ik het zo bedenk.
  • Rokers die zeggen dat ze niet willen stoppen ‘omdat ze willen genieten van hun leven’. Eeeeeuhm? Insert eyeroll emoticon.

7 plekken waar ik graag ben

  • thuis
  • op ons terras in het zonnetje, met mijn voeten in een zwembadje
  • mijn (schoon)ouderlijk huis
  • in de sauna of het bubbelbad
  • aan de zee, het hoeft niet eens mooi weer te zijn
  • in een koffiebar terwijl ik de tijd heb om wat tijd te ‘verdoen’, met een fijne gesprekspartner
  • in Valiano, Italië.

6 manieren om mijn hart te winnen

  • Met een gemeend vriendelijk woord
  • Door mij te doen lachen (en te lachen met mijn grapjes)
  • Door niet in hokjes te denken
  • Door een foodie te zijn (altijd handig voor tips!)
  • Door enthousiast en gepassioneerd over iets te zijn – hoeft niet eens iets te zijn waar ik geïnteresseerd in ben (al is het natuurlijk prettig om enthousiast te worden over hetzelfde)
  • Door attent te zijn- iemand die aan die ene datum denkt, of gewoon zomaar eens een kaartje stuurt, dat is toch heerlijk?

5 plaatsen waar ik nog/opnieuw heen wil

  • Nog eens: Ijsland
  • Eerste keer: New York /Cambodja/Namibië/Nieuw-Zeeland

4 dingen waar ik niet zonder kan

  • Man & zoon (stating the obvious here, I know)
  • Koffie – dit mag je letterlijk nemen, aangezien ik hoofdpijn krijg als ik geen koffie drink (ow oww… addiction alert!). Toch zijn er enkele periodes geweest dat ik ‘cold turkey’ ben gegaan. Maar ik vind koffie gewoon zo lekker, dat ik er steeds naar terug keer.
  • Minstens 7 uur slaap (en liefst 8)
  • Aangezien uit elke psychologische test (van onnozel quizke op het internet tot serieus assessment) blijkt dat ik een extravert persoon ben, kan ik eigenlijk ook niet zonder andere mensen. Als ik me niet lekker of vrolijk voel, kan even met iemand bellen of sms’en echt al een wereld van verschil maken.

 

3 lievelingsliedjes (in willekeurige volgorde)

2 wensen

  • Een goeie gezondheid voor mij en mijn lieve schatten, de rest komt vanzelf wel
  • Na de laatste turbulente maanden (of zelfs jaren), wens ik gewoon veel ‘gewoon’. En reken maar dat ik daarvan zal genieten.

1 laatste woord

  • Gezondheid

 

 

Peuterpraat – bijna 3 jaar

Toddler-talking-back-to-mom

 

Er is geen ontkennen aan, binnen een kleine maand wordt onze kleine krullenbol drie. Hoewel het even duurde voor hij écht is beginnen praten – zou dat jaar Amerika er voor iets tussen zitten? – heeft hij die kleine achterstand ruimschoots ingehaald.

 

Ik vind het dan ook geweldig dat hij op sommige momenten echt een spraakwaterval is. Op andere is hij dan weer net een juke box die de hele tijd speelt. ‘Voeder Japop, Voeder Japop, slaap jij nog?’. Ook passeren hier vaak twee beren of komt er een haasje aangelopen.

 

Een greep uit de uitspraken van de voorbije maanden.

Peuterlogica

Zoonlief: Ik ben bang.
Ik: waar ben je bang van?
ZL: van de vliegtuigen.
Ik: maar die doen toch niets?
ZL: jawel, die vliegen.
Geen speld tussen te krijgen he!

Hij kan goed tellen, maar soms loopt er toch iets mis: ‘mama ik geef je ‘ten en tien’ kusjes!’ Geeft me twee kusjes en zegt bij het eerste ‘ten’ en bij het tweede ‘tien’.

Hij zit ‘verstopt’ onder de dekens.
Papa: Waaaaaaaar ben je? Ben je in de badkamer?
ZL: Nee!
Papa: Waar ben je dan? Ben je verstopt?
ZL: Ja, onder de dekens.
Het concept van verstoppertje is nog niet helemaal doorgedrongen OF hij is net iets te behulpzaam natuurlijk.

Al ‘best volwassen’…

Zl ziet een filmpje op Youtube over iemand die een hindernissenparcours overwint: ‘wow, da’s keicool!’

Iets te vroeg wakker en mama draagt hem na vele pogingen om wat verder te slapen, dan maar naar beneden: ‘Het is nog best donker!’
Noooooo kidding!

Twee autootjes belanden onder de zetel. ‘Oh nee, vréselijk!’

Ik drink altijd eerst een kop thee voor ik aan de koffie begin. Zoonlief vraagt of ik kop thee in mijn hand heb. Ik zeg dus: ‘nee mijn thee is al op, dit is de koffie’.
Waarop hij: ‘Goed, ik snap je.’

 

…of net niet!

Ik: Kom, we gaan naar boven.
ZL: Nonni, nonni, nonni.
(Bumba, I blame YOU!)

 

Ik: Schatje, de poetsvrouw is er,  maar wij gaan boodschappen doen.
ZL: Ja. Straks Madam Poets niet meer hier.

 

Ik: Schatje, je broekje is nat, je mag wel in je slipje lopen als je wilt.
ZL: Nee mama. Ik proper broekje aandoen. Ik niet in mijn beentjes lopen.

 

Gewoon zo schattig

Ik: Schatje, de diertjes uit het boek gaan nu allemaal slapen. Zeg maar ‘slaapwel’ aan de diertjes!
ZL: Slaapwel, toekan!

De kat knort in zijn slaap.
ZL: Scotty nurkt. Is éél grappig!

En mijn favorietje momenteel –
‘Mooie haartjes mamaatje!’ – Ook al heb ik dat nooit gevraagd ❤

 

carousel_package_1024x768_toekan_blij

To be or not to be… jarig

Vorige vrijdag was ik jarig.

Maar alleen dit jaar.

Klinkt dat vreemd? Volgens mijn paspoort was ik al een maandje eerder jarig. Maar eerlijk gezegd, dat zag ik niet zitten. Het zou een vrijdag na drie dagen hospitalisatie zijn, sowieso al niet mijn beste moment, het werd de vrijdag na vier dagen van hoge koorts en uitstel van de start van de laatste chemocyclus.

Hoe dan ook, ik voelde me niet bepaald feestelijk en had dat ook al voorspeld.

Dus heb ik in de weken voordien aan iedereen die het horen wilde, verteld dat mijn verjaardag uitzonderlijk, enkel en alleen in 2018, vanwege een speciale zonnewende, schrikkelmaand en jaar van de hond en andere, hoogst wetenschappelijke redenen, een maand later viel.

Natuurlijk waren er heel wat mensen die deze memo niet gekregen hadden. En die me supergoed bedoeld, een ‘gelukkige verjaardag’ wensten, een maand te vroeg. En dat was moeilijk. Dat was echt even slikken. Want hoe kan je nu in die omstandigheden een gelukkige verjaardag hebben?

Die voormiddag was ik niet om aan te spreken, dat geef ik eerlijk toe. Ik besef heel goed dat ik ook pissed zou geweest zijn mocht niemand eraan gedacht hebben, dus ja, eigenlijk was het sowieso mis. Maar manlief was thuis en de namiddag werd toch nog aangenaam en zonnig in alle opzichten, wat helemaal zijn verdienste is, want mijn hoofd stond op onweer.

Vorige vrijdag waren er dan een aantal lieverds die me effectief een gelukkige verjaardag wensten. Een kleine drie weken na de laatste chemo is er inderdaad al veel veranderd. Mijn bloedwaarden gaan de goeie kant op, mijn haar komt weer piepen en het energiepeil is met momenten best OK. Ik voelde me dus behoorlijk goed, maar ook behoorlijk on-jarig.

Op zondag kwamen een aantal goeie vrienden brunchen. Iedereen bracht wat mee zodat wij niet te veel voorbereidingswerk hadden. Ik maakte vers appel- en ananassap. Er waren 2 soorten quiches, spinazie-, bananen- en appelpannekoeken, koffiekoeken, pistoleetjes, en fijn gezelschap. Het was fantastisch, gezellig en gewoon heerlijk gewoon. En ik besefte: jep, nu kan ik wel een jaartje ouder worden. En genieten van wat een privilege dat is.

IMG_2435