Groene vingers, deel 2

Een tijdje terug vroeg ik me af of je groene vingers kan kweken. Ik heb in elk geval mijn stinkende best gedaan. Ik heb mijn mini-kruidentuintjes omringd met liefde, frisse waterneveltjes en elke ochtend en avond met een nieuwsgierige blik over elke groene millimeter die was verschenen.

De potgrond en de grotere potjes om elk stengeltje zijn ruimte te geven, waren aangesleept. Ik begon erin te komen, googelde al enthousiast ‘hoe kweek je een avocadoplant uit een pit’ en hing nauwkeurig de pit aan drie tandenstokers boven een glaasje water.

Waarschijnlijk was eind mei niet meteen het ideale moment om aan de slag te gaan met zaden en fragiele scheutjes. Waarschijnlijk kwam de hittegolf van de voorbije dagen niet als geroepen. Waarschijnlijk heb ik het water onder de avocado toch niet voldoende ververst.

Het enige wat op de pit groeide, was schimmel.

En mijn kruidenplantjes, die zien er zo uit:

plantjes

Groene vingers? Groen lachen, ja.

Het is geen Pasen, ik verwacht geen wederopstanding.

Toch staan die potjes er zo al enkele dagen. Manlief zwijgt wijs, hij weet dat ik even tijd nodig heb. Morgen ruim ik het op, echt.

Maar weet je wat het ook is?

 

Deze vrijdagavond voel ik wel wat als mijn tijmscheut.

Microscopisch fijn #2

Ik zit op mijn terras waar het na een verzengende dag eindelijk draaglijk lijkt te worden. Laptop op schoot, voeten in het opblaaszwembadje. Twee sandaaltjes maat 25 en een klein blauw shortje getuigen nog van het prettig gespetter dat hier twee uur geleden plaats vond.

IMG_0492

Het mag duidelijk wezen: er zijn ergere plaatsen om te schrijven.

 

Ik ben één watermeloen-kokos-smoothie verwijderd van de perfecte omgeving om een ‘microscopisch fijn’ lijstje op te stellen.

 

*verdwijnt drie minuten*

 

Zoals ik al zei, de perfecte omgeving om een microscopisch fijn lijstje op te stellen *slurp*.

 

Wat waren die kleine dingetjes die de voorbije dagen de boel opvrolijkten? Die net dat tikje extra energie gaven? Die me deden vergeten dat ik de laatste dagen achtervolgd wordt door hoofdpijn?

 

Ik som ze graag op.

  • Dat de poort van de parking open stond toen ik eraan kwam, zodat ik niet moest uitstappen om de code in te geven (altijd handig!)
    .
  • Een mooi complimentje van een collega, dat echt over mij als persoon ging
    .
  • Een brief uit het buitenland, mét supercool glitter postpapier! Ik herhaal: glitter postpapier! Oh, die tijd toen je een hele verzameling postpapier had, en elkaar schrijven altijd met pen en postzegel gepaard ging.
    briefpapier
    .
  • In het maatje kleiner passen
    .
  • Een opgeruimde schuif met alle diepvriesbakjes (103 verschillende maten en vormen, schat ik)
    .
  • Toen ik zag dat er een nieuw seizoen is van ‘Grace and Frankie’ op Netflix – een serie die me aan Boston doet denken, omdat ik het daar heb leren kennen (en verslonden)
    .
  • De terraslantaarns met kaarsjes, die we als kerstcadeau kregen, eindelijk kunnen gebruiken tijdens een barbecue met vrienden – heerlijk gezelligIMG_0491

 

Waar moesten jullie om glimlachen deze week?

Of wat bracht dat mini-yes-momentje?

Vijf op vrijdag: wat ik niet snap

Screen Shot 2017-06-16 at 22.35.33

Zo. Die vijf dagen zijn achter de rug. Een zonnig weekend lacht ons toe. Alles waar ik over piekerde, werd weggewassen samen met het zand tussen zijn teentjes.

Dat ‘gaan-slapen-ritueel’ wordt hoe langer hoe meer een zenmomentje. Met de zoon in ons ‘gjote bedje’ liggen en verhaaltjes lezen, diertjes aanduiden en me verbazen dat hij het ‘nij-paajd’ en de ‘neuze-hone’ al kent.

Schateren wanneer ik doe alsof ik slaap, en hij dan zijn neus tegen die van mij drukt- beste manier om gewekt te worden, ik zweer het je, zelfs uit een fake-dutje.

 

Hoe iemand ooit een kind kan kwetsen, is één van die vele dingen die ik niet snap. Maar goed, ik snap dan ook zo veel niet – vaak ook lichtere zaken dan oorlogen, racisme en elkaar de duvel aandoen. Vandaar, voor deze vijf op vrijdag: wat ik niet snap.

 

  1. Objectief onnozele reclames. Ongetwijfeld is er heel wat marketingbudget naar die reclames gegaan. Dat idee is goedgekeurd door tientallen mensen. En dan eindig je je duurbetaalde spot met: ‘en dan ga je naar de Pearl. Duu-hhuh’. Is het de bedoeling dat dat ‘hip’ overkomt ofzo?
    Of ‘P&V. Wij delen alles met u. Zelfs onze winst’ –> Dude, ik hoef echt niet alles van je, en je bent wettelijk verplicht je winst te delen met je klanten.
    Of reclame voor de Lijn – wie neemt er nu vaker de bus omdat de Lijn reclame maakt? Dat ik niet meer 3 keer langer moet reizen met het openbaar vervoer dan met de wagen, dát zou mij overtuigen.  ‘Laat je stress thuis’ zeggen ze dan.

.

  1. Kleine pakjes pampers. Voor baby’s die maar af en toe een kakske doen? Ja, voor peutertjes die bijna zindelijk zijn, snap ik dat je geen stapels meer aansleept. Of als je kindje misschien bijna de volgende maat nodig heeft. Of als het anders niet in je fietstas past, en je écht geen reserve meer hebt. Maar dat zijn toch kleine minderheden. Je betaalt meer per stuk, en je staat vaker in de winkel. Snap er niks van.
    bol
    .
  2. Skinny zwangerschapsbroeken. Ik heb nu zelf niet meteen het model om een skinny te dragen, zwanger of niet. Maar hoe irritant was het om op zoek te gaan naar zwangerschapskledij. Eigenlijk wil je alleen iets dat aangenaam zit, en als het kan nog een beetje elegant is ook. Om je dan met je zwangere lijf in zo’n spannend geval te gaan hijsen-  wandel je buiten als een olijf op pootjes.
    .
  3. Fietsers die zonder licht fietsen, in de winter. Liefst zijn ze nog volledig zwart gekleed. Met die lichtjes van tegenwoordig moet je niet eens harder trappen zoals met een ouderwetse dynamo. Mannekes, ik weet dat de automobilisten allemaal geschifte nutcases zijn maar (1) je bent écht écht écht niet te zien en (2) ik weet dat het een zot concept is, maar voorrang van rechts GELDT OOK VOOR JOU.
    .
  4. Het nieuwe mobiliteitsplan in Leuven. Krijg er kop noch staart aan. Iedereen langs dezelfde straatjes proppen, en dan de verkeerslichten – bewust- uitschakelen. Ook heel fijn voor onze slechtziende wandelende medemens die zonder gevaar voor eigen leven het kruispunt wenst over te steken – dat kan dus niet, tenzij met hulp. En gebeurt er iets, zoals gisteren, in die enige ‘uitgangsweg’, ja dan is het hek natuurlijk helemaal van de dam. En dan is het centrum opgedeeld in verschillende gekleurde zones. Da’s toch ook alleen maar om te kunnen laten weten ‘dat je stond aan te schuiven in de blauwe zone’.

circulatieplanlus_0 

.

Hors categorie: Trump.

Maar ja, wie snapt die mens? Hijzelf in elk geval helemaal niet, zo lijkt het.

Zijn er dingen die jij echt niet snapt?

 

Vitamine K

Moeilijke gesprekken mails checken koffie tappen in de meeting stappen bijdrage bedenken water schenken nog mails antwoorden korte briefing verwoorden schetsen maken lunch laten smaken honderd lijsten nakijken verkoopscijfers vergelijken vergadering afwerken mentale schade beperken me door de file wringen een hoofdpijn bedwingen

 

 

De peutertjes hadden net een paar koekjes gekregen. Ventje zag me en lachte zijn mooiste lachje. ‘Mammmaaaa’! Ik zette me erbij en kreeg zelfs een lettertje. Toen ze allemaal op waren, kreeg ik mijn knuffel, nam hij me bij de hand en toonde de papieren bloemen die ze gemaakt hadden.  Ik droeg hem naar de auto, hij legde zijn hoofd op mijn schouder en kwebbelde vrolijk in mijn oor.

 

Mijn vitamine K.

 

quotes_vaderdag_10x15cm3

Zondag Zoondag #9: papadag

Ze liggen samen in ons bed en ‘doen alsof ze slapen’. Af en toe maakt manlief overdreven snurkgeluiden, wat keer op keer getrakteerd wordt op een klaterende schaterlach. Zoon kruipt over zijn buik, halverwege snuift manlief volleerd en besluit: even een pampertje verversen. Waarna de gekkigheid gewoon weer verder gaat.

 

Alles aan het tafereeltje doet me in een flits beseffen dat die man, mijn unief-liefje, een papa is. Hij is iemands vader. In een oogopslag, lijkt het wel.

 

We zaten samen op de banken van de universiteit, en hij was me in die zee van 360 man al opgevallen. Die knappe grote jongen met zijn blonde haren, knalblauwe ogen, en lange wimpers. Ik had het over hem tegen vriendinnen. We wisten nog niet hoe hij heette, dus we noemden hem Sven Svensson, vanwege dat bijna Scandinavische uiterlijk.

 

Niet veel later was het raak.

Ik wist van dag 1 dat hij een goeie vader zou zijn. We waren 19 toen we elkaar leerden kennen, en hij had er al een leven scouts en scoutsleider opzitten. Hij ademde rust en verantwoordelijkheid uit. Elk familielid was overtuigd dat hij een goede keuze was, na hem vijf minuten gesproken te hebben.

 

Maar goed, we waren wel studenten. En studenten leiden een studentenleven. Hij ging slapen om 3 uur en sliep een gat in de dag. Hij reed met een vriend naar het zuiden van Frankrijk, stond op een brug en sprong eraf, wetende dat de elastiek hem zou terughalen – om daarna meteen weer rechtsomkeer te maken en de nacht door naar huis te rijden.

Hij viel in slaap tijdens de dierkundeles, op de schouder van het meisje naast hem (die dat niet zo erg vond). Hij ontbeet nooit. Hij kookte zelden op kot, behalve om diepvriespizza met extra salami klaar te maken. Hij droeg t-shirts met reclameboodschappen van Frituur Rudy.

 

We leerden elkaar beter kennen. Na drie maanden was ik al zo zeker: dit is ‘em. Hij legde me uuuuuuren biochemie en informatica uit. Grote broer van drie zussen, wist hij wat (niet) te zeggen bij frustratie en niet-rationele boosheid. Hij vond het niet erg dat pastasalade het enige was dat ik kon klaarmaken. Hij bouwde mijn zelfbeeld op met een stevig fundament.

 

We bouwden een huis en namen twee katjes. We vertroetelden ze ontzettend. We gingen vaak en ver op reis, keken marathonsessie ‘House MD’, en genoten van alles wat kon. Hij vroeg me ten huwelijk en we vierden onze mooiste dag 11 maanden later. Ik vond het heerlijk hem eindelijk ‘mijn man’ te kunnen noemen. En we beseften dat we misschien ook wel iets anders wilden vertroetelen dat pluizige viervoeters.

 

Zoals zo vaak liepen plannen niet altijd helemaal volgens plan. Maar drie jaar later werd onze liefste jongen geboren. En die namiddag, opeens, werd die student die zijn haar blauw verfde voor een weddenschap, en dan naar het examen moest (oeps), die praeses was bij de ‘Foute t-shirt’-cantus, die me meenam om pitta te eten op onze eerste date, een vader.

 

Hij stond op die brug, tussen voor en na, en zonder twijfelen sprong hij. Er was geen elastiek.

 

Hij trok zijn t-shirt – dat ondertussen geen reclameboodschappen meer bevat- uit en hield dat bolletje baby tegen zich aan. Hij keek naar mij met een nieuw soort liefde, dan naar 3,5 kg gloednieuwe mens.  Ik had hem nog nooit zo gelukkig gezien.

Het plaatje klopte helemaal.

 

En zo werd dat leven dat we jaren met twee deelden, een leven met drie. Een leven waarin we soms ook om 3 uur (opnieuw) gingen slapen. Waarin studeren niet altijd het antwoord bood. Waarin routine van de baan werd geveegd.

 

Hij deed de marathonsessies rond de tafel lopen, in de hoop de krampjes te verjagen. De man die 6 minuten voor de les begon, uit zijn bed rolde, hij stond altijd mee op.  Hij viel in slaap tijdens ‘House MD’, met een baby op zijn schouder, en niemand vond het erg. Hij wilde updates over elke maaltijd die hij miste.

 

We verhuisden naar Boston, en opnieuw bouwden we een nieuwe routine op. Waarin hij een topjob had, en toch op tijd thuis was voor het badje (in een badkamer van 3 vierkante meter) en het bedje. Hij balanceerde tussen werk en gezin als een volleerd koorddanser. Hij liet ons nooit vergeten dat wij op 1 stonden.

 

Het had effect. Zoonlief is gek op hem. Na ‘bal’ was ‘papa’ het tweede woordje. Het waren en zijn vier handen op één buik.

 

Vind je dat niet erg?’, werd me soms gevraagd. Maar hoe kan ik dit erg vinden?

 

Die twee mannetjes van me, samen in een bed, aan het schateren, dat is zoals het hoort.

 

De familie Svensson, prettig gestoord.

 

Gelukkige vaderdag, mijn liefste schat.

Ik had me geen betere papa voor onze krullenbol kunnen dromen.

IMG_0363

Kan je groene vingers kweken?

 

Er werd gebeld. Onze buurvrouw stond aan de deur met twee kleine schattige komkommertjes. Of we die konden gebruiken? Want hun plant deed het zo goed dat ze het niet meer konden bijhouden. En als ik basilicum wilde, mocht ik er zeker komen plukken, want een mens kan nu eenmaal niet op álles pesto eten (al zou ik het niet eens zo erg vinden dit uit te proberen).

 

Ik zeg altijd ‘ja’ als ze vragen of ik zelfgekweekte groenten wil. Want ik wil graag zelfgekweekte groenten, heel graag. Alleen… wil ik ze niet zelf kweken.

 

Ik twijfel hier over de keuze van het werkwoord. ‘Wil’ ik geen groenten kweken, of ‘kan’ ik het niet? Wil ik het niet omdat ik het niet kan, of kan ik het niet omdat ik het niet wil? Taalkundige, maar ook bijna existentiële discussie.

 

Ik heb namelijk gestudeerd voor plantendokter. Ik scoorde op vakken als Plantenplaagkunde, Theoretische plantenteelt en Veredeling. Ik haalde mijn hoogste cijfer ooit (19/20) op … Bemestingsleer (lachen toegelaten, ik vind het eigenlijk zelf vrij hilarisch).

 

Maar die groene vingers, die heb ik niet tussen de boeken gevonden. Noch in de serres, noch in het labo, noch op het veld. Enfin, figuurlijk bedoeld, hoe creepy zou het zijn mocht ik effectief groene vingers op een veld gevonden hebben. Urgh. Die maaidorsers eisen hun tol.

 

Een paar elementen spreken in mijn voordeel.

  1. Mijn kamerplanten gaan al meer dan 10 jaar mee. Zij overleven dus met gemak onder mijn hoede.
  2. Mijn planten op het werk staan altijd groen, in tegenstelling tot de meesten van mijn collega’s, die eerder van de krokante soort zijn.
  3. Het moet ergens in mijn genetisch materiaal zitten, want mijn vader heeft sinds jaar en dag een halve tuin vol zelfgekweekte bonsais staan.

 

Helaas spreekt de realiteit mij tegen. Mijn kruidenbak viel ten prooi aan droogte en de katten die ‘op de bieslook’ een ideale plek vonden om een dutje te doen. Na de winter scheen het er maar niet van te komen de boel eens op te ruimen – recent heb ik nu toch al het onkruid verwijderd. Het enige wat mijn gebrek aan actie overleeft, is de munt.

IMG_0341

Dus toen ik een tijd geleden aan de kassa stond van de Albert Heijn en de kassierster me vroeg of ik kleine moestuintjes wilde, snapte ik het niet meteen. Maar ik zei toch ‘ja’, en al gauw had ik een zestal kleine kartonnen doosjes, met de instructies rond gewikkeld.

De doosjes beloofden het volgende te bevatten:

  • Tuinkers
  • Peterselie
  • Tijm
  • Rucola
  • Kerstomaat
  • Komkommer

 

 

Die bleven dan een aantal weken in een hoekje van de keuken liggen, tot ik met Hemelvaart besloot dat het tijd was voor actie – ik mengde water bij het droge blokje en maakte zo grond (voelde me een beetje god, want wie ‘maakt’ er nu grond?), vulde het kleine kartonnen potje tot drie vierde en legde voorzichtig het zaadmatje erop. Nog wat grond erover en klaar.

 

Als ik iets heb onthouden uit mijn cursussen, dan is het wel dat te veel water nog schadelijker kan zijn voor planten dan te weinig. Ik besloot geen risico te nemen, kocht een klein sproeiertje in de Action (eigenlijk voor haarproducten over je hoofd te verspreiden, maar ik laat me niet afleiden door details) en elke morgen en elke avond checkte ik mijn plantjes en kregen ze een kleine regendouche.

IMG_0381

Na twee dagen kwam de tuinkers al piepen. Ik heb luidop ‘YES’ geroepen. Ik begon het wat te snappen. Ik keek er echt naar uit om ’s ochtends de potjes te checken. En ’s avonds na het werk nog eens. Als manlief proactief al water had gegeven, vond ik het stiekem een beetje jammer.

 

De vorderingen:

 

Gezaaid op 25 mei 2017

IMG_0295

27 mei 2017

Na twee dagen kwamen tuinkers en rucola al piepen. Bij tuinkers groeiden de plantjes helaas niet door het zaadmatje heen, maar hing dat zaadmatje op de plantjes.

IMG_0340

29 mei 2017

Na nog eens twee dagen kwamen komkommer en kerstomaat voorzichtig kijken.

IMG_0339

 

31 mei 2017

Het duurde nog eens een dag voor er bij tijm enig groen te bespeuren viel. Ondertussen waren tomaat en komkommer echt helemaal in hun element geraakt en groeiden die bijna zienderogen.

IMG_0349

 

Jammer genoeg hielden tuinkers en rucola het op dit moment ook voor bekeken. Peterselie deed helemaal niks.

IMG_0350

 

Vandaag zijn dus vooral de kerstomaat, de komkommer en de tijm veelbelovend. De eerste twee zouden eigenlijk al mogen verpot worden (vanaf 4cm hoge plantjes, volgens de uitleg die erbij zat). Ik heb nog niet de ideale potjes in huis, maar dat zou deze week in orde moeten komen. Ik ben benieuwd… als je grond kan ‘maken’, kan je misschien ook groene vingers kweken.

 

Fingers crossed.

 

 

Microscopisch fijn

images

Doodgewone momentjes, die je helemaal een boost kunnen geven zodat je er weer tegen kan: vorige week postte ik al een lijstje. Met een verzuchting: het voornemen om elke dag die kleine pareltjes op te schrijven, is vanaf 2 januari op de klippen gelopen.

 

Maar zeggen ze niet: beter laat dan nooit? En ook: Je kan elke dag opnieuw beginnen.

 

En als ik nog even door zoek, ben ik zeker dat ik nog wel wat citaten vind die het allemaal wat kaderen en goedpraten, haha.

 

Bovendien waren er de voorbije week heel wat doodgewone dingen die mij niét blij maakten. Een halve dag stevige rugpijn. De helft van de inhoud van de koelkast die plots beslist vrolijk te beschimmelen. Werken op de steenweg naar het werk waardoor je tien minuten aan een onnozel verkeerslichtje staat te koekeloeren, terwijl je net zo goed op tijd was.

 

Eén ding is alvast zeker. Na mijn opsomming van vorige week, heb ik minstens twee keer gedacht: hey, dit is zo’n microscopisch fijn momentje. Ermee bezig zijn verhoogt mijn aandacht. En ik mag nog eens een lijstje maken. Double win.

Acht keer microscopisch fijn:

  • Op een ochtend de eerste plantjes die ik gezaaid had, zien uitkomen
  • Thuiskomen na een lange dag en ruiken dat het eten al in de oven staat
  • Aan manlief vragen om een kopje koffie en een heerlijke cappuccino krijgen (bless him)
  • Onverwacht een leuke brief krijgen
  • Én zien dat de postzegel op die brief niet afgestempeld is (ik word daar altijd blij van terwijl ik ze eigenlijk zo goed als nooit hergebruik. Toch voelt het als een extra cadeautje).
  • ’s Nachts op de wekker kijken en zien dat het 03:33 is. En dat je nog lang mag slapen.
  • Langs een veld met klaprozen lopen, met een knalblauwe lucht en wolkjes die erop geschilderd lijken. Manlief noemde het ‘Firenze wolken’, en ik vond dat zò mooi.
    foto
  • Twee overrijpe bananen ‘redden’ door bananenbrood te maken (dat man- en zoonlief er ongelooflijk smakelijk van gegeten hebben, is uiteraard extra genieten)

 

Wat ik hieruit leer is dat de week niet perfect hoeft te zijn, om perfecte momentjes te bevatten. De kunst is van ze niet over het hoofd te zien, omdat je bijvoorbeeld te hard aan het piekeren bent over …tja, die 1001 dingen waarover wij nu eenmaal piekeren.

Ik merk dat ik ook vrolijk word om te horen wat andere mensen heeft doen glimlachen. Daarom:

Wat was voor jullie microscopisch fijn deze week?

Een weekmenu opstellen: de bloopers

Screen Shot 2017-06-05 at 14.20.20

 

Ik dacht, ik begin vandaag met een citaat.

 

Een citaat dat heel mooi omschrijft dat zelfs de mooiste plannen niet perfect zijn, en bijgevolg mijn weekmenu, of liever de uitvoerder van het weekmenu (= moi) ook niet.

 

Ja, ik geloof dat het nadenken over wat je gaat eten die week, over het algemeen leidt tot minder stress, minder tijdsverlies, minder voedselafval.

 

Over het algemeen. In theorie altijd. Maar zoals we weten: in theorie is theorie en praktijk hetzelfde, maar in de praktijk is dat niet zo.

 

En omdat ik nu eenmaal niet wil doen alsof het altijd goed gaat: mijn weekmenu bloopers van de afgelopen dagen.

 

  • Misschien had ik mijn koffie nog niet gehad bij het opstellen van de boodschappenlijst. Daarom: tip van de dagdrink altijd eerst je koffie voor je daaraan begint. Als je geen koffie lust, tja, dan kan ik je ook niet helpen. Misschien kom je dan elke week in dezelfde situatie  als ik, en merk je dat je toch enkele belangrijke ingrediënten vergat te noteren.
    Geen wraps in huis voor de wraps met kip bijvoorbeeld. Dan maar rijst gemaakt, maar dat duurt natuurlijk wel langer. Te weinig prei gekocht voor de kabeljauw met prei. Manlief klaagde niet, maar viel iets sneller dan gemiddeld de koelkast aan na het eten.
    .
  • Op woensdag werden we uitgenodigd om de verjaardag van de schoonmama te gaan vieren, en uiteraard gingen we daar maar al te graag op in. De kaas-spinazieburgers had ik al laten ontdooien, maar die konden nog wel een dagje extra wachten aan. Helaas gold dat niet voor de broccoli, die tegen donderdag een nieuwe trendy kleur had aangenomen. Gevoelige groente te laat op de week gepland dus.
    .

IMG_0351

.

  • Bovendien smeedde onze koelkast een complot tegen ons: De helft van onze groenten en al het beleg besloot spontaan pootjes en haar te kweken. Daardoor kon de aspergesalade met gerookte ham niet doorgaan, want euh… geen asperges meer en geen ham. Dan maar met manlief over de middag gaan lunchen – ja, het was niet allemaal kommer en kwel.
    .
  • Ik probeerde enkele oude appels en overschotjes bloemkool te redden door er appelcake en bloemkoolsoep van te maken, maar vergat het bakpoeder en daarna ook de soep op het aanrecht.

 

Maar kijk, een nieuwe week, een nieuw menu, een nieuwe poging.

 

Lunch Diner
Maandag Varkensgebraad met patatjes en spinazie Soep met balletjes en boterham
Dinsdag Omeletje met groenten en hesp, broodje Spaghetti
Woensdag Lunch met vriendin Taco’s met koolvis
Donderdag Couscoussalade met feta Indische curry met paksoi
Vrijdag Boterham met eiersalade en sla Kip cordon bleu met krieltjes en worteltjes

Ps– tips om zo’n weekmenu op te stellen (want meestal loopt het goed, I promise):

Hebben jullie ook wel eens zo’n bloopers? Ik beloof dat ik niet (hard) zal lachen!

Slik.

21 februari 2017

Ik heb een airbnb gevonden, vlak aan Borough Market. Daar kunnen we zeker eens iets gaan eten. De ligging is geweldig, vlak aan Londen Bridge Station.

27 april 2017

London, baby! Here we come!

28 april 2017

Zullen we langs Borough Market lopen en daar al eens gaan kijken?

Wow, het is hier echt druk. En gezellig!

4 juni 2017

Slik.

 

Zondag Zoondag #8

Knock Knock

Who’s there?

 

NOOOOOOOOOOOOOOOOOOOOOOOOOOOOOOOOO

NO NO NO NO NO NO NO NO NO NO NO NO

 

WHAAAAAAAAA AAAAAAA   AAAAAAAAA

You should say: It’s who?

Okay Okay, do it again then.

 

Knock Knock

It’s who?

 

It’s the terrible two.

 

 

 

 

 

Heerlijk suikervrij bananenbrood

Het is alweer een tijd geleden dat ik een receptje heb gepost. Niet dat er niet gekookt of gebakken werd ten huize Bostonpeuter. Integendeel, er zijn heel wat nieuwe ingrediënten aangesleept en zeker tijdens de 40 Dagen Zonder Vlees heb ik vaak gerechten in première op tafel gebracht.

 

Bovendien letten we hier een beetje op onze lijn (manlief en ikzelf door calorie-bewust te eten, zoonlief door vooral naar zijn eigen buik te kijken en er dan vrolijk op te trommelen – want zeg nu zelf, het is een perfecte buik en daar mag al eens op getrommeld worden om het te vieren).

 

Dat betekent dat ik vaak receptjes van het internet pluk en ze dan aanpas aan onze huidige standaarden van veel groentjes, mager vlees, gevarieerde koolhydraten en gezonde vetten, met mate.

 

Verder heb ik al aangehaald dat ik echt mijn best doe om zo weinig mogelijk voedsel weg te gooien. Een weekmenu opstellen en hoeveelheden leren inschatten, is daar een deel van. Recepten die met restjes werken, uitproberen, is een ander luik.

 

Het receptje van vandaag past eigenlijk helemaal in dat plaatje. Ik maakte bananenbrood, met overrijpe bananen die anders echt tot de composthoop waren veroordeeld. OK, de composthoop voelt niet helemaal als verspilling, maar als je die wakke, bijna zwarte sukkeltjes kan omtoveren naar een superlekker ontbijt of tussendoortje, dan voelt dat toch als een echte ‘win’.

IMG_0329

Banaan, terminaal.

Bovendien is het recept suikervrij, en geen caloriebom. Oh, en ook nog glutenarm, voor wie het wilde weten.

 

Komt daar nog bij dat het een flexibel receptje is, ik bedoel daarmee dat je gerust wat ingrediënten kan toevoegen als de bakfee je dit zou influisteren.

 

Kortom: ik zou bijna twee bananen wat verloren leggen, om ze zo ‘toevallig’ te vergeten.

 

Voor één broodje (eten we met z’n drietjes ongeveer twee keer van)

Ingrediënten
  • Twee overrijpe bananen
  • 2 eieren
  • 75g havermoutvlokken
  • 25 g amandelmeel (gemalen amandelen dus. Als je hier niet van houdt, kan je ook 100g havermout nemen).
  • paar drupjes vanille-extract
  • theelepel bakpoeder
  • snufje zout
  • kaneel naar smaak
  • Optioneel: bos- of andere bessen, stukjes appel, rozijntjes, dadels, lepeltje cacaopoeder, noten, chocoladestukjes…
Aanpak

Verwarm de oven voor op 180°C.

Mix de havermoutvlokken eerst fijn tot meel. Plet de bananen.

Klop de eitjes schuimig.

Voeg alle ingrediënten (behalve de extra opties) toe en mix. Voeg als laatste je extra opties toe. Giet in bakblik dat je met bakpapier hebt bekleed. (Handige tip om dit vlot te doen vind je hier).

IMG_0331

Exemplaartje met cacaopoeder

Bak 45 minuten tot een uur (afhankelijk van je oven, bij mij zeker een uurtje – check geregeld of het voldoende droog is binnenin).

Haal uit de oven en laat afkoelen in het bakblik.

 

Heel lekker als ontbijt met wat boter of yoghurt, of als tussendoortje. Zoonlief is er helemaal gek op, en ik weet dat hij voedzaam aan het snoepen is.

.

 

Smakelijk!

Vijf op vrijdag: lifehacks

Daar zijn we weer. Vrijdag. Maandag zat ik vol energie na een heerlijk lang weekend, maar rugpijn kwam deze week roet in het eten gooien. Geen idee wat ik nu weer had uitgespookt, niet met dozen gezeuld, geen hakken gedragen, alle puntjes van de rugschool mooi gevolgd. Enfin, niets dat een nieuw lang weekend niet kan oplossen.

 

Over oplossen gesproken, deze vijf op vrijdag gaat over lifehacks. Lifehacks zijn kleine, creatieve tips die alledaagse dingen wat gemakkelijker kunnen maken.

Hier heb je er alvast vijf. Misschien spaart er wel eentje jou een grijs haar uit?

 

  1. Hou je bakpapier onder het water en verfrommel het. Nu is het veel gemakkelijker om het in de bakvorm te leggen.
  1. Na een receptje met citroenzeste, kan je het sap bewaren door het in te vriezen in ijsblokvormpjes. Handig voor cocktails of gewoon voor een fris glaasje water. (Ook handig als je bouillon hebt gemaakt of een fles wijn niet volledig opkrijgt – een blokje in de saus zorgt voor heel wat smaak)..
  2. Gebruik de uitgeschraapte vanillepeul door ze in een potje met suiker te stoppen. Ze geven nog veel smaak af en je hebt natuurlijke vanillesuiker.

 

  1. Altijd bang dat de yoghurt uit de pot gaat kruipen? En hoe lang stond dat halve blokje bonen daar nu weer? Had dat al haar? Schrijf altijd op de verpakkingen wanneer je ze geopend hebt. Ook handig voor make-up – je wilt liefst niet dat je mascara eigenlijk een zwarte streep bacteriën is, maar weet jij nog wanneer je de laatste geopend hebt?

IMG_0348

  1. Ken je het citaat ‘Boeken houden er niet van om uitgeleend te worden. Ze komen dan nooit meer terug’? Dat geldt wel voor meer spullen. Ik vergeet dan ook altijd wat ik heb uitgeleend aan wie (en vaak ook wel of ik zelf iets heb geleend). Neem foto’s van je spullen in de hand van de persoon die ze leent. Als ik zelf boeken leen, schrijf ik de naam van de eigenaar op een post-it op de eerste bladzijde.

 

quote

 

Hebben jullie ook zo’n handige lifehacks?

Tekst en uitleg #7

Twee weken geleden startte ik met het beantwoorden van 10 persoonlijke vragen. Zo kwam ik al bij de eerste 20 vragen van een reeks van 1000, die bij het magazine Flow werden uitgegeven. Ik ben dus nog wel even zoet. Deze week vraag 21 tot en met 30, over de mening van anderen, niets doen en guilty pleasures.

  1. Maakt het veel uit wat anderen van je zeggen?

Goh, het is natuurlijk altijd leuker als mensen positieve dingen zeggen over je. Maar ik maak een groot onderscheid tussen wie nu precies wat zegt. Ik kan het mij bijvoorbeeld echt niet aantrekken dat iemand in de supermarkt duidelijk afkeurende ogen trekt omdat zoonlief een crisis krijgt. ‘Wat de mensen wel niet denken’ – tja, wat ze willen he, daar heb ik toch geen vat op.

What-Other-People-Think-of-you-is-none

  1. Wat is je favoriete dagdeel

Elke avond leg ik zoonlief in bed. Dat houdt natuurlijk een heel ritueeltje in, pyjama aan, tandjes poetsen, boekje lezen, lichtje uit… en het eindigt met hem op mijn schoot in de grote schommelstoel op zijn kamer. Ik neurie het avondlied (zelf nooit bij de scouts geweest) en hij installeert zich comfortabel en ontspant. Dat is het beste moment.

 

Of als het een warme dag beloofd te worden, en je raakt op tijd uit bed om de ramen op te gooien: die frisse lucht die binnenkomt en het gevoel dat je supergoed bezig bent.

 

  1. Kan je goed koken?

Vroeger helemaal niet. Maar tegenwoordig breng ik het er aardig vanaf. Vooral bij desserts waag ik me al eens aan uitdagende receptjes.

DSC_2510

  1. Op welk seizoen lijk je het meest?

Volgens manlief: de zomer. Omwille van mijn warm karakter (ja, je merkt meteen waarom ik met hem getrouwd ben he).

 

  1. Wanneer heb je voor het laatst een dag helemaal niets gedaan?

Helemaal niets? Dat is toch niet mogelijk? Zelfs als je slaapt, zijn er wel 106 dingen aan de hand.

 

  1. Was je een gelukkig kind?

Ik maakte me behoorlijk veel zorgen, maar ik denk dat ik wel gelukkig was als kind. Als tiener, dat is dan weer een andere zaak.

 

  1. Koop je vaak bloemen?

Ja, ik laat geregeld boeketten leveren bij familie en vrienden. Voor mezelf koop ik zelden bloemen.

 

  1. Wat is je droom?

Mag ik even mijn joker inzetten?

 

  1. In hoeveel huizen heb je gewoond?

Als ik ‘huizen’ begrijp als alle plaatsen waar ik ooit gewoond heb: Mijn ouderlijk huis, het appartement dat ik deelde met een vriendin tijdens mijn studie, het huis dat ik drie maanden bewoonde tijdens mijn eindwerk in Martinique, het appartement waar ik met manlief gaan samenwonen, het huis dat we samen bouwden en onze flat in Boston.

 

  1. Wat is jouw guilty pleasure?

Vind ik een ietwat rare omschrijving: guilty pleasure. Waarom zou ik mij schuldig moeten voelen omdat ik het fijn joggen vind op liedjes van Britney Spears, of graag naar Jani’s programma’s kijk? Gewoon doen als je daar zin in hebt, zou ik zo zeggen! Het leven is al zo serieus, dat we ons toch niet gaan schamen omdat we genieten van wat ‘foute’ muziek, televisieprogramma’s of wat dan ook.

trips through the world

Een weekmenu opstellen voor gevorderden

Screen Shot 2017-05-28 at 22.06.44

Dat ik fan ben van het opstellen van een weekmenu, is al even geen geheim meer. Ik zie eigenlijk niets dan voordelen (vijf, om precies te zijn), en ik denk dat iedereen er wel aan kan beginnen, als je rekening houdt met een paar kleine puntjes (zie ook: weekmenu opstellen voor dummies).

 

Ik haal mijn inspiratie uit magazines van supermarkten, uit eenvoudige kookboeken zoals Dagelijkse kost, maar ook en vooral van het internet (met een milde Pinterest-verslaving tot gevolg).

 

Nu kan je natuurlijk altijd een stapje verder gaan met dat weekmenu. Met nét iets meer rekening houden dan enkel de maagjes die zo goed mogelijk gevuld moeten worden in een zo kort mogelijke tijd (geef toe, wie heeft er tijd om uitgebreid te koken tijdens de week? Zelfs Jeroen Meus niet.)

 

In de categorie Geld besparen

 

  • Hou rekening met de groenten die in het seizoen zijn. Dit geeft meteen inspiratie en kan je uiteraard ook geld besparen. Het is altijd leuk om een gerecht te zoeken op basis van 1 bepaald ingrediënt – op de Colruytwebsite kan dit bijvoorbeeld makkelijk.
    Geen idee of witloof in een zomersalade past en wanneer de bloemkool bloeit? Je vindt het allemaal op de groenten- en fruitkalender van Velt: http://www.velt.nu/groentekalender.
  • Nog zo’n geldbespaarder: check je vriezer en je voorraadkast. Sinds wij een inventaris hebben gemaakt van onze vriezer(s) (ja, ik weet het, nerd alert) check ik altijd eerst die lijst voor ik alwéér kip koop. Zo voorkom je ook dat al dat lekkers te lang in de vriezer blijft steken, want ook al kan dat niet zo héél veel kwaad, smakelijker wordt het er niet op.

IMG_0321

In de categorie Tijd besparen

  • Vaak maak ik twee keer zoveel pasta en eten we de volgende dag pastasalade. Goeie kans dat we na een avond met zalm met krieltjes, een Luikse speksalade eten.
  • Eentje waar ik zelf nog niet zo goed in ben: hou je succesrecepten bij! Of werk met vaste dagen, zoals visdag, veggiedag, voor mijn part worst-met-spruiten-dag…. Ik eet graag gevarieerd, maar denk nog altijd met veel liefde terug aan de spaghetti van Miracoli ELKE zaterdagmiddag van mijn jeugd.

 

In de categorie Tegen voedselafval

  • Leer je porties kennen en koop, indien mogelijk, niet meer dan dat. Voor alle andere restjes kan het een goed idee zijn een paar ‘restjesopmakers’ op het menu te plaatsen. Pastagerechtjes, soep, quiche, omelet, pizza, paëlla, … elke keuken heeft een aantal schotels die er gewoon om sméken om alle groentenrestjes toegeworpen te krijgen. Of neem de overschotjes van je avondmaal gewoon mee als lunch. Tijd gespaard, dubbel gewonnen!
  • Hou rekening met de houdbaarheid van groenten en fruit. Een zakje sla is superhandig maar na drie dagen in mijn koelkast ziet het eruit alsof iemand er eens is op gaan zitten. Die programmeer ik dus aan het begin van de week. Een bloemkool zingt het dan weer een tijd langer uit (figuurlijk, gelukkig), die kan gerust op vrijdag op het menu komen.Ik probeer zo weinig mogelijk eten weg te gooien en ben me nu aan het inlezen over wat je best op welke plek in je koelkast bewaart, wat best buiten de koelkast (onlangs nog een kleine discussie gehad over bananen in het koelvak – niet doeeeeeeen, tropische vruchten hebben het niet graag koud!).

Ons weekmenu ziet er deze keer zo uit:

 

Lunch
Maandag Aardappelsalade met radijsjes en ei Wraps met kip, guacamole en groentjes
Dinsdag pastasalade met geitenkaas Kabeljauw met prei en krieltjes (moest vorige week wijken voor BBQ)
Woensdag Gevulde omelet met broodje Kaas-spinazieburger met blé en bloemkool
Donderdag Aspergesalade met gerookte ham Rijstnoedels met brocolli en scampi’s
Vrijdag  Couscous met groentjes en feta Zelfgemaakte pizza
 

 

Ik ben zelf echt ook nog dingen aan het uitzoeken en aan het optimaliseren, dus als jullie nog tips hebben, dan hoor ik het heel graag!

 

Wat is jullie gouden tip bij het opstellen van een weekmenu?

Mijn lijf tijdens 5 km joggen

‘Ik ga dinsdagavond joggen’. ‘Nee, echt morgen dan’. ‘Donderdag hebben we vrijaf, dus dan lukt het zeker’. ‘Ik heb net ontbeten, het gaat toch nog even moeten wachten’. ‘Nu lukt het niet meer hoor, we moeten vertrekken’.

 

Ik had het al drie dagen voor me uitgeschoven, uiteindelijk was het vrijdag en ik was nog niet gaan joggen. Omdat ik écht heel graag die 5 km met gemak in de benen wil krijgen, zat er niets anders op dan in de hete namiddag toch de loopschoentjes aan te trekken en een schaduwrijke route uit te stippelen.

 

Vijf kilometer lijkt voor velen misschien peanuts, voor mij is het een mooie toer. En bovendien mijn limiet, volgens mijn kinesist en de chirurg die mijn rug oplapte.

 

Ik merkte al snel dat er wel interne gesprekken gaande zijn, zo tijdens dat eindje joggen. Meer zelfs, er wordt wat afgekletst.

 

Vandaar, met een dagje vertraging (wegens, ja, warm, barbecue, vrienden, gezelligheid etc): Mijn lijf tijdens mijn vijf.

 

0 tot 1 km

 

(net de straat uit)

  • Lijf: Oh zo gaat-ie lekker, het is nog zo warm niet.
  • Mond: Droog hier.

 

(100m verder)

  • Benen: Wow wow wow, wat is dat hier? Wij zijn niet geconsulteerd in deze beslissing!
  • Huid: Zweetmodus aan.
  • Blaas: Ik weet dat je net naar het toilet bent gegaan, maar volgens mij ben ik niet helemaal leeg.
  • Brein: Wij negeren Blaas en Benen.

 

(200m verder, brug over)

  • Benen: Waaaaaaaaat? Wij gaan een beetje krampen hoor.
  • Mond: Droog hier.
  • Brein: Ademhaling, rustig blijven! Voeten, kleine stapjes zetten.

 

1 km tot 2 km

  • Handen: wij beginnen te jeuken, gewoon omdat het kan.
  • Benen: OK, we zitten in het ritme.
  • Huid: Superzweetmodus aan.
  • Schouder: Pijn.
  • Brein: Schouders, niet verkrampen. Laten hangen. ’t Zal wel beteren.
  • Mond: nog steeds droog hier.

 

2 km tot 3 km

  • Ogen: kijk, onze schaduw.
  • Zelfbeeld: OK, we zien er niet moddervet uit. De zon zal goed zitten, zeker?
  • Buik: Ik ben aan het zweten.
  • Brein: Dat is het vet dat aan het huilen is, Buik.
  • Zelfbeeld: Dan mag het veel huilen, HA!
  • Brein: Zwijgen, Zelfbeeld, we zitten al over de helft.

 

3 km tot 4 km

  • Darm: Prrrrrrt.
  • Zelfbeeld: Oh nee, OH NEE! Is er iemand in de buurt?! Ah oef, nee.
  • Schouder: Pijn.
  • Brein: Armen, zwaai eens wat, misschien stopt Schouder dan met zeuren.
  • Mond: droog droog droog.
  • Tenen: Wij gaan slapen.
  • Brein: Nee, wakker blijven, Tenen! Hey, nee, niet tintelen. OK, negeren die handel. Komaan iedereen, we zijn er echt bijna.
  • Zelfbeeld: Aan deze snelheid duurt het nog maar een uur of drie.
  • Brein: Echt waar, Zelfbeeld, die negativiteit van u! Het is 30° en we zijn aan het joggen. Niemand gaat nu snel. Dat is normaal.
  • Oor: Hey, een schaap. Hey, nog een schaap.

 

4 km tot 5 km

  • Ademhaling: Puf puf Puuuufff. Puf puf Puuuufff. Puf puf Puuuufff. Puf puf Puuuufff
  • Brein: Bijna. Bijna. Bijna. Niet kijken hoe ver nog. Niet kijken, eerst tot aan de straat lopen. Nog even, nog even. OK, je mag kijken.
  • Oog: Nog 240 meter!
  • Bijnier: Adrenaline shot komt eraan.
  • Brein: Komaan!
  • Mond: Heel droog nu.
  • Brein: Seffens een bosbessensmoothie. Komaan! OKEEEEEE, we zijn er. Ter plaatse rust, iedereen. Jullie niet, voeten, blijven wandelen.

….

 

  • Huid: Gutsmodus aan.
  • Zelfbeeld: OK, dat was geen complete ramp. Beetje fier.

 

quote

Doodgewone dingen

Ik ben zo iemand die dingen ziet. Kleine dingen.

 

Misschien moet ik even specifiëren. Er zijn namelijk ook heel veel dingen die ik niet zie. Als een vriendin vijf kilo is afgevallen (of bijgekomen!) bijvoorbeeld… kleine kans dat ik dat merk. Als er nog stof ligt onder de kast wanneer de poetsvrouw is geweest… ontgaat me waarschijnlijk. Dat mijn auto immens vuil wordt… moet ik eens op gaan letten.

 

Maar ik zie wel de nieuwe oorbellen van mijn collega. De ring die plots aan een vinger verschijnt. Het trekje om de mond van iemand die ‘ça va’ zegt, net niet overtuigend genoeg. De nieuwe muggenbeet op het been van zoonlief. Dat kleine detail op het trouwfeest.

 

De eerste blaadjes in de lente. Een mooie boom. Een grappige wolk. Ik kan daar blij van worden. Van kleine, doodgewone dingen.

 

Ik lees dus ook heel graag de rubriek in De Standaard Magazine, waarin een Bekende Vlaming zijn lijstje maakt van die dingen die hem/haar vrolijk maken. En toen ik zag dat de schrijfster van die stukjes, Kelly, op haar blog uitnodigt om hetzelfde te doen, dacht ik: gaat-ie!

 

Mini-disclaimer: vrienden, familie en gezin, uiteraard maken die me vrolijk. Maar daar gaat de helft van deze blog al over. Ik wil nu even inzoomen, op kleinere, bijna microscopische zaligheidjes.

 

Vijf doodgewone dingen die mijn hart deden zingen deze week:

 

  • Een beetje wasabi in je sojasaus mengen en weten dat je nog al je sushi te goed hebt
  • Als je alle was opvouwt en alle sokken hebben hun ‘partner’ nog
  • De eerste keer buiten eten in de lente
  • Het gevoel van pas gepoetste tanden
  • In de Albert Heijn rondlopen en de tijd hebben om op onderzoek uit te gaan

 

Ik gaf op nieuwjaar een grote glazen bokaal cadeau, samen met 400 post-its. Met als motto: Niet elke dag is goed, maar er zit iets goed in elke dag. En ik nam me voor om ook elke dag dat kleine goede momentje bij te houden.

bokaal

nl.metrotime.be

Tot nu toe bleef het bij een voornemen, maar misschien is dit een mooi begin?

 

Welke doodgewone dingen maken jullie blij?

Een weekmenu opstellen in vier stappen

Screen Shot 2017-05-20 at 14.35.27

Vorige week had ik het over de vijf grote voordelen van het werken met een weekmenu. Natuurlijk, het is niet omdat je overtuigd bent dat iets een goed idee is, dat je dat meteen kan of wil realiseren.

Enkele van de vragen die me gesteld werden over de praktische kant van de zaak:

  • Hoe begin je aan zo’n weekmenu?
  • Kost dat niet heel veel tijd om zoiets uit te denken?
  • Ik heb sommige dagen echt heel weinig tijd, wat doe je dan?
  • Hoe link je je boodschappenlijst aan je weekmenu en zorg je dat je niets vergeet?

 

En ik dacht terug aan hoe ik in het begin aan puzzelen was om alles in een menu te laten passen, maar vooral ook om daarna iet of wat het menu te volgen. Want wat heb je aan een mooi lijstje op je magneetbord, als je elke avond denkt ‘Daar begin ik echt niet aan’ of ‘oei ik heb geen pasta voor de pastasalade of geen spinazie voor de spinazieomelet’.

 

Laat ik beginnen met de stelling dat je weekmenu een richtlijn is, geen wet. So what als je halverwege de week besluit morgen toch Chinees te gaan halen? Wat maakt het uit als je twee dagen hetzelfde eet omdat je in al je enthousiasme pasta hebt gekookt alsof er een leger kwam eten? Doel van een weekmenu is minder stress, niet meer.

 

Daarom vandaag:  een weekmenu opstellen voor dummies!

(En volgende week: weekmenu opstellen voor gevorderden).

 

1. Wat plannen?

Ga je een menu opstellen voor elke avond, of plan je ook de lunch mee in? Ga je all the way, en staat het ontbijt, de snacks en het dessert er ook bij? Dat hangt natuurlijk van je situatie af. Ik ben geen boterhammenfan, maar merk dat als ik mijn slaatjes niet op het weekmenu zet, ik ’s middags eindig met koude pasta en een halve paprika. Ik plan onze lunches dus ook in.

 

2. Timing

Om te beginnen is het belangrijk na te denken over wanneer je dat weekmenu gaat opstellen. Zaterdagvoormiddag zou een goed moment kunnen zijn, omdat je dan meestal wat tijd hebt om met de andere gezinsleden te overleggen, en de meeste mensen doen inkopen in het weekend. Neem een koffietje, twee papiertjes en een pen.

 

Als je echter een andere planning hebt, of zoals wij Collect and go doet, dan moet je er iets vroeger aan beginnen, om dan op zaterdag je boodschapjes op te kunnen halen.

 

Hoe dan ook is het een goed idee een vast momentje te prikken om even na te denken over de volgende week.

Dat betekent niet dat al het denkwerk op dat moment moet gebeuren – misschien denk je tijdens de week ‘oh, ik heb nog eens zin in kippenburgers’, of ‘die boontjes moeten dringend op’ – schrijf dat ergens neer en haal het boven om op het menu te zetten (kippenburger met boontjes- check!).

3. Inplannen in de gezinsagenda

Als je een lijst opstelt met wat je wilt gaan eten, is het nuttig even de weekagenda erbij te halen. Moet je op een bepaald moment gaan lunchen voor het werk? Ben je op de baan en zal je in de auto moeten eten? Dan is een rijstsalade niet meteen handig.

 

Een stoofpotje of ovengerecht is heerlijk maar als zoonlief naar de muziekschool moet, of de dochter heeft basketbaltraining om 19u en jullie komen thuis om 18u, dan moeten we realistisch zijn. Op sommige dagen moet het heel snel gaan, op andere snel, en op nog anderen heb je iets meer tijd.

 

Hou hier voldoende rekening mee. Je kan natuurlijk ook altijd inplannen dat je de ovenschotel al klaarmaakt voor de volgende dag, zodat je die gewoon moet opzetten en ondertussen iets anders kan doen. Kan werken. Ik probeer zelf niet te vaak te vertrouwen op mijn inzet om al ‘op voorhand’ te koken, omdat ik weet dat ik daar vaak toch niet de moed voor vind, tenzij in het weekend.

 

Als het vaak heel druk is ’s avonds, kan het een optie zijn om een paar weekends echt volop in kook-modus te gaan en maaltijden in te vriezen. Spaghettisaus, soep, zelfs (groenten)puree,… keuze genoeg!

 

4. Linken aan de boodschappenlijst

Als halverwege de week de melk bijna op blijkt te zijn, of je begint aan dat laatste rolletjes toiletpapier, zal je waarschijnlijk ook wel ergens een papiertje hebben liggen of een bord hebben waar je zulke boodschappen op noteert. Als dat niet het geval is: erg handig, doen!

 

Bij het opstellen van het weekmenu maak je best ook onmiddellijk een boodschappenlijstje. Steak met bloemkool en aardappeltjes – hebben we nog steak in de vriezer? Hoeveel bloemkool hebben we nodig? Staat er nog geen haar op die patatjes in de garage? Ga alle ingrediënten in het recept na. Misschien is de bakboter wel op? En was er nog voldoende zout? Of hebben jullie ook zo iemand in huis die bij alles mayonaise eet?

 

Natuurlijk is je boodschappenlijstje niet klaar samen met je weekmenu. Welke maaltijden staan er niet op je menu? Heb je daar nog iets voor nodig? Is er voldoende muesli, yoghurt, beleg? Wat gaan jullie snacken? Is er nog voldoende te drinken?

 

Volgende categorieën: een mens doet meer dan eten alleen. Wat heb je nog nodig:

  • In de badkamer
  • Qua poets- en wasgerief (afwasmiddel, zeep, Dettol…)
  • Voor de huisdieren (die moeten ook eten, maar kijk, die krijgen weekmenu van brokjes brokjes brokjes)
  • Speciallekes: dingen die niet vaak terugkomen, maar mogelijk wel nodig zijn zoals papierwaren, vuilzakken, … wat dan ook.

 

 

Voilà, het weekmenu is opgesteld en het lijkt haalbaar voor iedereen. Bij ons ziet het er deze week, een beetje een speciale, ‘korte’ week, zo uit:

 

  Lunch Diner
Maandag Spinaziesalade met geroosterde tomaatjes en geitenkaas Kipfilet met bloemkoolrijst en tuinbonen
Dinsdag Omeletje met groenten en hesp, broodje Pasta met erwtjes, spinazie en spekjes
Woensdag Pastasalade met kip tandoori Shakshuka
Donderdag Boterhammetjes en soep Nog te bepalen (mogelijk uitstapje)
Vrijdag Wraps met groenten en chilisaus Kabeljauw met prei, aardappel en roomsaus
 

 

 

Waar houden jullie zoal rekening mee bij het opstellen van je weekmenu?

 

 

Zondag, zo’n dag

Het werd zo’n weekend.

 

Zo’n weekend waarin er matig weer was voorspeld, maar het lekker zonnig werd.

 

Zo’n weekend waarin je op zaterdagochtend minifuif houdt en met z’n allen volledig crazy gaat op de Maya- en de Bumbadans.

 

Zo’n weekend waarin je in de bib tussen de peuterboekjes het beste vriendje van je zoon, en zijn ouders, tegenkomt en gezellig kan bespreken of je nu ‘Kasper gaat op het potje’ gaat meenemen, of eerder ‘Over een kleine mol die wil weten wie er op zijn hoofd gepoept heeft’.

 

Aangezien de bib aan het gemeentehuis ligt, konden de geluiden van kersvers getrouwde koppels je vrolijk maken.

 

Waar je bij het buiten rijden twee bekenden ziet, die erg geïnteresseerd zijn in een huis dat te koop staat op 200m van je deur.

 

Zo’n weekend waarin manlief gaat joggen, zoon een lekker lang dutje doet en jij met een koffietje een half uurtje gewoon voor jezelf hebt – en dan ook bewust de boel de boel laat en ervan geniet.

 

Waarin de buurvrouw je plots uitnodigt om langs te komen met een lege kookpot, omdat ze te veel aspergeroomsoep heeft gemaakt.

 

Waarin vrij onverwacht die goeie vriend die in het buitenland woont, komt eten en je samen pizza’s maakt.

 

Een weekend met een rustige zondagmorgen, waarin we alle drie van havermoutpannenkoekjes met banaan smullen als ontbijt – en zoonlief ze eerst met schattige concentratie met wat boter besmeert.

 

Waarin we met ons drietjes gaan joggen!

Nu ja, we begonnen zo, vol goede moed

IMG_0217

Maar na een tijdje was zoonlief het zitten beu en ging het zo:

Screen Shot 2017-05-21 at 14.18.59

 

En het eindigde zo – snel ging ik niet meer, maar kom, krachttraining telt ook he!!

IMG_0558

 

Zo’n weekend waarin we buiten konden aperitieven, familie zien en ’s avonds nog energie genoeg hebben om aan de salade van morgen te beginnen.

 

Zo’n weekend was het. Kan ik ergens een abonnement nemen?

Tekst en uitleg #6

Vorige week startte ik met het beantwoorden van 10 persoonlijke vragen. Nu waren dat de eerste 10 van een reeks van 1000, die bij het magazine Flow werden uitgegeven. Ik ben dus nog wel even zoet. Deze week vraag 11 tot en met 20, over in Sinterklaas en jezelf geloven, entertainment en liefdesverdriet.

  1. Tot welke leeftijd geloofde je in Sinterklaas?

Ik heb eerlijk gezegd echt geen idee. Ik herinner me wel nog heel goed dat ons buurmeisje me vertelde dat het allemaal nep was. Waarop ik de Sint eerst nog verdedigde – lief he, van mij. Maar na wat nadenken besefte ik toch dat paarden op daken ietwat zeldzaam zijn. Het staat me nog zo goed voor de geest dat ik toch echt wel 6 of 7 moet geweest zijn.

 

  1. Wat wil je nog graag kopen?

Nieuwe kleren en schoenen. Ik weet dat ongeveer elke vrouw wel eens zegt dat ze niets heeft om aan te trekken, maar in mijn geval komt dat letterlijk akelig dicht bij de waarheid. Jammer genoeg mis ik dat stukje DNA op het tweede X-chromosoom waar het shopping-gen zit. Anders gezegd: Ik HAAT shoppen!

 

  1. Welke karaktereigenschap zou je graag willen hebben?

Ik ben al vijf minuten aan het sjieken op deze vraag. Ik vind dit een heel moeilijke. Daaruit kan ik twee mogelijke conclusies trekken.

  • ik ben niet creatief genoeg om iets te bedenken –> ik zou creatiever willen zijn
  • ik vind mijzelf al behoorlijk geweldig dus ja, wat kan er nog bij? –>ik zou bescheiden willen zijn.

 

  1. Wat is je favoriete televisieprogramma?

In de categorie ‘Series’ ben ik grote fan van Suits en het 3de seizoen van How to get away with murder was naar schatting 1340 keer beter dan het 2de. Voor dat half uurtje voor het slapengaan mag het How I met your mother en Modern Family zijn.

In de categorie ‘Licht entertainment’ heb ik erg genoten van Hotel Römantiek en Jani Gaat. Zo grappig, zonder uit te lachen. Een dunne grens.

 

  1. Wanneer ben je voor het laatst in een pretpark geweest?

Lieve deugd, het is zo lang geleden dat ik het me niet meer kan herinneren. We zijn voor de plechtige communie van de jongste schoonzus naar Walibi geweest. Dat is dus … euh… zo’n 16 jaar geleden. Help.

 

  1. Hoe oud hoop je te worden?

Ik hoop een mooie leeftijd te halen, probeer daarom ook zo gezond mogelijk te leven. Wie niet? Ik kan daar geen cijfer op plakken, het hangt van zoveel factoren af. Laat ons het erop houden dat het leven mij erg smaakt, en ik er nog veel van lust.

quote 2

  1. Aan welke vakantie denk je met weemoed terug?

Aan Guadeloupe, omdat we zo heerlijk jong en onbezorgd waren. De belangrijkste vraag van elke dag: welke strand is het mooiste?

 

Aan Ijsland, omdat het zo een prachtige, ongelooflijke reis van drie weken was, die meteen de start betekende van een heel ander soort reis, van 9 maanden.

 

  1. Hoe voelt liefdesverdriet voor jou?

Het klinkt misschien wat gek, maar het ergste LDVD heb ik gehad toen een hele goeie vriend plots niets meer met mij te maken wilde hebben. Ik begreep er echt niets van, mijn 16-jarig hartje kon daar niet mee om. Die hele zomer voelde ik me ongelooflijk verlaten en ellendig.

 

  1. Had je liever anders willen heten?

Nee hoor, ik ben genoemd naar mijn oma, omdat ik haar eerste kleindochter was na een hele rits kleinzonen – en die naam dragen vind ik een hele eer. Bovendien is dat toch gek, je voorstellen dat je anders heet? Een naam groeit toch met je mee, gaat bij je passen, toch? Hoe zou een stoel heten als het geen stoel was? (OOeehh, daar wordt het even filosofisch!)

 

  1. Waarin heb je aan jezelf getwijfeld?

In ongeveer alles wat een naam heeft, want ik was heel onzeker als kind en tiener. Manlief heeft mijn zelfvertrouwen een serieuze boost gegeven, al heeft dat tijd gekost. Als er één voordeel is aan ouder worden, dan is het wel dat je jezelf beter leert kennen, waardoor je wat minder moet twijfelen.

 

Maar of je dan nooit meer twijfelt… dat betwijfel ik!

loesje mezelf twijfelen

Wat eten we deze week? Voordelen van een weekmenu

‘Wat eten we vanavond?’– toch zeker in de top 5 van meest gestelde vragen ever. Bij ons is het antwoord duidelijk: ‘kijk maar even op het bord’.

 

Ons magneetbord is de place to be in geval van stress rond het avondeten. Daar hangt netjes ons weekmenu, met een overzicht van de geplande lunches en diners.

 

Ja, een weekmenu samenstellen is sinds jaar en dag een gewoonte van me – ik kan me echt niet meer voorstellen dat ik niet vastleg wat we gaan eten. Hoe gaat dat dan, als je dat niet doet? Die stress, elke avond naar huis rijden en moeten denken, wat gaan we nu weer maken? Wat zouden we nog liggen hebben? Misschien net dat éne ingrediënt te kort komen voor dat geniale idee dat je dan toch krijgt. Hoe vaak moet je dan nog ‘even’ langs de winkel?

 

Mensen die me melden dat dat écht te veel tijd kost, zo een weekmenu (en bijhorend boodschappenlijstje) opstellen, die verwijs ik graag door naar bovenstaande opmerkingen. Wij gaan 1 keer per week naar de winkel (of liever: tegenwoordig pikken we één keer per week de boodschappen op met Collect & Go), en tussendoor pik ik nog één keer iets op (vers brood, beleg) van onze buurtwinkel.

 

En als je weet wat je gaat eten, dan heb je daar over het algemeen ook zin in (want critici hebben me al gezegd dat je toch niet kan voorzien wat je wil eten). En als je er dan echt geen zin in hebt: tant pis. ’t Is een weekmenu, niet de 10 geboden.

 

Ik ben dus een absolute aanhanger van het opstellen van een weekmenu. Samengevat spaar ik vijf dingen uit:

  • Tijd – beter één keertje serieus boodschappen gaan doen, dan vijf keer de kassarij trotseren
  • Geld – want geef toe, die vijf keer neem je toch altijd nog iets extra mee
  • Stress – ik weet gewoon dat alles in huis is, en dat het avondeten dus wel in orde komt. Ik hoef er niet meer over na te denken
  • Calorieën – bij het opstellen van het weekmenu probeer ik gezonde keuzes te maken. Komt beter uit dan snel een pizza in de oven schuiven omdat ik niets weet te verzinnen (al staat pizza uiteraard ook geregeld op het menu).
  • Voedselafval – doordat ik mijn boodschappenlijstje afstem op wat we effectief gaan maken, gooien we minder ‘vergeten’ eten weg.

 quote

 

 

 

 

 

Wat er deze week op het menu staat?

  Lunch Diner
Maandag Rijstsalade met gerookte zalm en geitenkaas Knolselderijstoemp met gebakken seranoham
Dinsdag Couscoussalade met feta Pasta met spinazie en artisjok
Woensdag Pastasalade met rauwkost Asperges met ei en puree
Donderdag Groentesoep met broodje Witloof met hesp en bloemkoolsaus
Vrijdag Krieltjessalade met spekjes en radijsjes Zelf gemaakte pizza
 

Er zitten een paar van onze klassiekers tussen, maar ook dingen die we nog niet eerder gemaakt hebben. Naar de knolselderpuree ben ik bijvoorbeeld heel benieuwd!

 

Wat staat er bij jullie op het menu?

 

terrible day