Zomerreces

Nog één dagje werken en mijn zomervakantie staat voor de deur. Hoewel er morgen nog één en ander op het programma staat, ben ik er vrij rustig onder. De projecten lopen allemaal volgens schema, de grootste knelpunten werden de voorbije week weggewerkt en er werden afspraken gemaakt met een aantal collega’s voor die paar issues die in mijn verlof zullen opduiken.

 

We hebben er dit voorjaar wat over gepiekerd, over waar we heen zouden trekken en hoe lang. Maar uiteindelijk besloten we dat we met onze kleine man de laatste twee jaar voldoende kilometers hebben afgelegd. We gaan een weekje naar de zee, en ik kijk er enorm naar uit. De laatste weken kwamen we – meestal toevallig in het typische ‘en waar gaan jullie op congé’-praatje te weten dat echt behoorlijk wat van onze vrienden in de buurt gaan zitten aan zee. Dat is heel fijn, maar we beseffen heel goed dat we ook tijd voor ons drietjes nodig hebben.

 

Zowel manlief als ikzelf hebben ettelijke jeugdvakanties aan zee doorgebracht, en we hebben er allebei hele warme herinneringen aan, zelfs al liet de temperatuur te wensen over (hoewel, in mijn herinneringen is het echt overwegend zonnig, was er eind jaren ’80 – begin jaren ’90 toevallig geen rits van hete zomers?).

 

Daarna ben ik nog twee weken, en manlief één week thuis met zoonlief. Ook daar gaan we voor het ‘alles mag niets moet’ principe.

Natuurlijk staan er heel wat leuke dingen gepland, en natuurlijk is er weer een lijstje van dingen die ik deze zomer, en daarna, zou willen bereiken.

Maar manlief kwam met een interessante stelling: dat de zomermaanden een mooi moment zijn om te plannen voor ‘de tweede helft van het jaar’ maar ook, en zelfs misschien vooral, om samen te vatten wat je allemaal bereikt hebt in die eerste helft.

 

Dat staat dus als eerste op mijn ‘to do’-lijstje: opsommen wat er allemaal goed is gegaan de voorbije maanden.

 

Of nee, correctie! De eerste punten op mijn lijstje zijn: nu eerst lekker slapen, er morgen nog een lap op geven, en dan een mentale opruimactie om over al de rest na te denken.

quote

Advertenties

Amerikaanse vezels

Een jaar lang hebben wij ons enorm Belg en Vlaming gevoeld. Veel meer dan in het thuisland het geval is. Misschien omdat elke taxichauffeur wel eens vraagt waar je vandaan komt. Misschien omdat je toch wat typische dingen gaat missen. Misschien omdat je, in een zee van Amerikanen, iets speciaals hebt als Vlaamse vis. Zeker als het gesprek richting gezondheidszorg, schoolsystemen of de race naar het Witte Huis ging, voelde ik me in elke vezel behoorlijk Belg.

Nu zijn we thuis en blijkt er toch wat Amerika aan onze kleren te blijven plakken.

 

  • Na een jaar ‘plus zes’ doen, betrap ik me erop in de namiddag te denken: ‘Ik zou die persoon eens kunnen bellen, maar het is daar al bedtijd. Ah nee….toch niet’. Een unieke moment rond die situatie was ongetwijfeld toen een vriend van me, een dag eerder jarig dan ikzelf, en ik plots op hetzelfde moment jarig waren – of toch: hij was nog jarig bij ons, en ik was al jarig bij hen. Proficiat aan ons allebei!
    klok

 

 

 

 

 

  • In een wegrestaurant was ik ervan overtuigd dat ik mijn kopje koffie nog eens zou kunnen bijvullen. Dat kon inderdaad, maar natuurlijk niet gratis…
  • Wat zijn groenten en fruit toch ongelooflijk goedkoop! Het voelt als supersolden in je eigen supermarkt!
  • Aan de andere kant krijg ik op een rekening van 200 euro boodschappen, 1,14 euro korting met mijn klantenkaart. Dat is een lachertje in vergelijking met de supermarkt in Boston, waar ik makkelijk 20 dollar per karretje kon besparen.
  • Lekker brood! Je kan het eten zonder te toasten! En het kost maar 2 euro! Whoehoeeee! Ook na veertien dagen zorgt het nog voor een kleine mentale rondedans.
  • De meest gestelde vraag is ondertussen ‘maar is die winkel nog wel open’? We zijn ons pijnlijk bewust geworden dat de tijd van de heerlijke openingsuren voorbij is. Het zorgde voor een pak minder stress dat boodschappen doen nog perfect op een zondagavond 20u kon.
  • Een klantendienst die niet bereikbaar is tijdens het weekend? Maar ik heb een vraag! Nuuuuuu!
  • Het was wel fijn om te kunnen opstaan en al meteen heel wat nieuwtjes over het thuisfront te krijgen via de sociale media (aangezien daar de vriendjes en familie al wel even wakker waren – of toch de meesten!). Aan de andere kant viel er na 18 uur een stilte over onze avonden. Iedereen die we graag zagen, sliep, of zat naast ons op de zetel. Of gooide houten blokjes in mijn glas water. Dat kon ook.

In de krant – deel 2

Terwijl ik de hele verhuis en reis naar huis nog aan het verteren ben – een noodzakelijke stap voor erover geschreven kan worden – heb ik het lijstje waarover Amerikanen zich in Europa verbazen, verder aangevuld. Deel 1 met de puntjes 1 t.e.m. 6 vind je hier.

 

7. Wij moeten wachten op onze rekening. Soms moeten we zelfs opstaan om ze te gaan vragen

Dat is waar, ik ben in België al een paar keer moeten overgaan tot de ‘kijk-ik-doe –mijn-jas-aan-pas-op-ik-wandel-naar-de-deur’-truc om de rekening te krijgen. In Amerika ligt die al op tafel wanneer ze het dessert brengen. Nee, er wordt niet gevraagd of je nog een koffietje wenst. Misschien omdat ze dan weer gratis refills moeten geven?

 8. Onze melk staat uit de koelkast en toch worden we niet ziek

Hier had ik helemaal niet bij stilgestaan, tot de Amerikaanse vriendin met de nodige argwaan vroeg of wij inderdaad melk gewoon in de kast lieten staan. Mijn eerste reactie was dat de bus echt wel in de frigo staat, maar toen besefte ik dat de voorraad inderdaad gewoon twee maanden in de garage kan vertoeven. Het blijkt aan het verschil te liggen tussen de Amerikaanse pasteurisatie en de Europese UHT. Tussen twee haakjes, zowel manlief als ikzelf werden lactose-intolerant in Boston. Ik dacht nog dat het aan de zwangerschap lag, maar dat zoiets ook besmettelijk zou zijn, leek me sterk. We wijten het dan ook aan de andere behandeling van melkproducten, en kopen braafjes lastosevrije melk en yoghurt, om niet verder bij te dragen aan het broeikaseffect.

9. We mogen vloeken op de radio

En ‘shit’ hoeven we niet ‘the S-word’ te noemen.

10. We hebben ongelooflijk veel betaald verlof

Een gemiddelde Amerikaan moet het rooien met 10 dagen, ofte twee miezerige weekjes per jaar. Het is dan ook niet gek dat ze nog niet veel van de wereld hebben gezien. Of Europa ‘willen doen’ op tien dagen. Zwangerschapsverlof is trouwens niet federaal geregeld, elk bedrijf mag er zelf over beslissen. Het minimum is acht weken, onbetaald. Maar, zo vertelde een Amerikaanse me, toen ze mijn verbaasde smoel zag, je krijgt dan wel je job terug als je opnieuw start, hoor. OOOOOHhhhh, maar dan is het goed! Hartelijk bedankt!

11. Sommige mensen hebben geen auto

Dit punt moet ook plaatsafhankelijk zijn – in Boston is het eigenlijk logisch dat je geen auto hebt. Om te beginnen is de verzekering enorm duur, is er amper parkeerplaats en kost een uurtje parkeren in de stad zo maar eventjes 25 dollar. En als we er niet geraakten met het degelijke openbare vervoer, huurden we een auto voor een paar uurtjes.

 

12. Bijna iedereen weet hoe zijn oven werkt

… en gebruikt die dus niet enkel om nog wat spullen in te bewaren. Een andere trend duikt dan weer wel op, nl. een ‘soevit’. Jaja, ik heb het drie keer gevraagd, het bleef klinken als ‘soevit’. Tot ik het zag, en begreep dat het om een ‘sous-vide’ ging, een warmwaterbad, zodat je je vlees zachtjes tot perfectie kan laten garen. Het is nu even hip, maar heel ver gaat die keukengekte niet. In een land waar ‘zelfgemaakt’ betekent dat je zelf het pakje hebt opengeknipt, mag het niet verbazen dat de meesten nog nooit een staafmixer ‘in ’t echt’ gezien hadden. Ze komen daar dan ook zelden voor in het wild.

In de krant – deel 1

‘Je staat in de krant’, stuurde een vriend me recent als berichtje. Met daarbij een foto van een tekst uit De Standaard. Nu was ik me niet bewust van enige heldendaad van mijnentwege, noch van krantwaardig schandelijk gedrag, dus het was met grote nieuwsgierigheid dat ik de foto bestudeerde.

Het bleek om een artikeltje te gaan, getiteld ‘Rare jongens, die Europeanen’ waarbij 12 punten werden opgesomd die Amerikanen vreemd vonden aan Europa. Neen, ik had het niet geschreven, maar ja, het was wel een onderwerp dat in mijn pen zou kunnen leven. Ik heb hier al rondgevraagd naar clichés over Europeanen namelijk, in de hoop wat stof voor een blogpost te kunnen verzamelen. Helaas kwamen de meesten niet verder dan de gewone clichés als  ‘Fransen zijn snobs’ en ‘Duitsers zijn strikt’.

Nu was deze lijst opgesteld aan de hand van blogs van Amerikanen, die door Europa reisden en zich verbaasden over die kleine dingen die telkens nét anders zijn. Nu is België niet ‘heel Europa’ en Boston niet ‘alle Verenigde Staten’ maar het loont de moeite het even af te checken met onze dagelijkse beslommeringen (hier deel 1, van 1 tot 6. Binnen enkele dagen verschijnen vragen 7 t.e.m. 12).

 

  1. Europeanen ontbijten slaapverwekkend saai.

 

Recent hoorde ik een moeder zuchten dat het niet evident was om altijd drie gezonde maaltijden op tafel te zetten. Vooral dat warm ontbijt was een ellende. Warme havermout is toch écht wel een minimum en ‘gelukkig’ bestaan er kant-en-klare oplossingen zoals wafels, wafels met een kipfilet tussen of de Kellogg’s breakfast sandwich (twee pita’s met een omelet, spek en spinazie tussen) die je allemaal in de vriesafdeling van elke supermarkt vindt.

Pardon? U eet gewoon een boterham of een koffiekoek? De Amerikaanse varianten daarvan zijn echt niet om over naar huis te schrijven, helaas. Magere vleeswaren, buiten kip- en kalkoenfilet, zijn niet te vinden en op de gekookte ham staan dingen als ‘slechts 15% water toegevoegd’. Of nog beter, op een soort rosbief voor op de boterham: ‘10% karamelkleur toegevoegd’. Geen wonder dat ze dat hun kinderen niet willen aandoen.

kellogs

  1. Onze Europese koffies zijn belachelijk klein.

En ze zijn vaak niet eens mee te nemen. Ellende troef dus! Al moet ik toegeven dat ik de gratis refills wel ga missen. Al is dat enkel en alleen omdat je drie keer moet bijvullen om een Europese hoeveelheid caffeïne binnen te krijgen. Zo goed als iedereen loopt te slurpen uit een gigantische beker, of handige waterfles-met-inklapbaar-teutje. De angst voor dehydratatie is blijkbaar reëel.

 

  1. Onze belegde broodjes zijn zo goed als onbelegd.

Inderdaad, op onze belegde broodjes ligt gemiddeld één tot twee sneetjes kaas. Of ja, een sneetje hesp. Of allebei. Dat valt in het niets tegenover het pak ham of de blok kaas die hier tussen de witte boterhammetjes worden geduwd. Elke keer moet manlief vragen om 90% van het beleg er weer af te halen. Om helemaal voor gek versleten te worden, want wie wilt er nu niet een half varken op het blaadje sla vinden?

IMG-20160526-WA0009

Manlief krijgt lunch aangeboden op een congres

  1. Onze winkels zijn zo goed als nooit open.

Oh, wat ga ik de Amerikaanse openingsuren missen! Op zondagavond 20u op het gemakje inkopen gaan doen? Geen probleem! Thuis sluit de bakker op de middag – toen beseften we dat we niet meer in een stad woonden.

 

  1. In Europa zijn geen bag boys en je groenten weeg je zelf.

Toch even nuanceren. Je kan hier ook je eigen groenten wegen. Alleen kan dat tot een acute migraine-aanval leiden. Er is geen duidelijk scherm met fotootjes van de groenten en het fruit. Er zijn codes. Die codes staan ergens, verborgen op het prijsplaatje. Of niet. Een doorwinterde schattenzoeker die het niet opgeeft na de courgettes, de paprika’s en een tomaat of drie.

Dat iemand je boodschappen voor je inpakt, kan inderdaad handig zijn. Het gaat wel vlotter. Maar hoe goed de mannen (en madammen) van de Colruyt ook leren stapelen, de bag boys (en ladies) hebben niet dezelfde cursus gevolgd. Néé alsjeblieft niet de melk bovenop mijn verse kruiden. En de eieren mogen van boven, dank je wel.

Je zal ook steeds zien dat de inpakker (of zakkenvuller? Klinkt toch verkeerd…) steeds een pauze neemt als ik aan de beurt kom. Al zal de kassier dan mee helpen inpakken, ik zie het in de Delhaize niet zo snel gebeuren.

 

  1. Onze obers verwachten geen fooi, maar zijn wel onvriendelijk

Eerlijk? Ik vind dat fooi-systeem stresserend. Wanneer wel, wanneer niet? Hoeveel? De pizzajongen die mijn bestelling brengt, die doet toch gewoon zijn werk? Moet ik hem belonen omdat hij de doos niet heeft laten vallen? En dat er zo maar even 15 tot 20% bij de rekening komt, is soms wel even slikken. Nu is het voorstel op tafel gegooid om obers gewoon beter te betalen, in plaats van echt af te hangen van fooien omdat ze ocharme $2/uur verdienen. Ik stem in elk geval al voor!

 

(hier het originele artikel)

http://www.standaard.be/cnt/dmf20160517_02293060

 

Baby log

B.log – star date 09062016

  • Vandaag alweer als een baas alle groene boompjes en aardappelstukjes naar binnen gespeeld. Aangedrongen op meer kip volgende keer. Dat blijft toch het lekkerste.
    two-heads-of-broccoli
  • Perziksap werkt goed als haargel. Pompoenpuree iets minder, blijkt uit eerste testen. Niet opgeven.
  • Preliminair onderzoek duidt erop dat de houtsnippers van de speeltuin, niet lekker zijn. Mama raadt verder experimenteren af. Ook toen ik aanbood dat zij het zou proeven.
  • Mama had vandaag een t-shirt aan waarvan de neklijn nog volledig op zijn plaats zat. Dat heb ik snel even opgelost.
  • Als je goed mikt, kan je de schort én de handdoek omzeilen en papa’s broek toch raken met die havermoutpap. Maar de beweging moet vanuit de pols komen.
  • Ik stuurde aan op een compromis, maar blijkbaar moeten beide schoenen aan voor we naar buiten gaan.
  • Mijn ouders maken sterke verbale vooruitgang. Elke keer ik ‘BE’ roep, zeggen zij al spontaan ‘BI’. We hebben daar niet eens lang voor moeten oefenen.
  • Mama zegt dat ze altijd kusjes over heeft voor mij. Tot nu toe blijkt dit te kloppen. Note to self: Blijven testen, kan geen kwaad.

Spijtig spijtig spijtig (2)

  • Dat ik nog steeds niet helemaal de vergelijking kan maken tussen Belgische en Amerikaanse melk. ‘Half and half‘, tot daar toe. Maar 2%, 1%, fat free, skimmed… ? (keuzestress)
  • Dat een maandabonnement voor de fitness 110 dollar kost. En zes weken persoonlijke begeleiding 525 (maar met de coupon nog maar 495!)
  • Dat kinderkledij hier steevast de schattigste opschriften heeft en dus enorm moeilijk te weerstaan is (“Mom’s cute. I’m cute. Dad’s lucky”).
  • Dat ik nu officieel geen enkel kledingstuk meer heb zonder hardnekkige vlekken. Ooit was het anders (wanneer beginnen de solden hier?)
  • Dat ik dacht dat die oudere man een oorapparaatje had, maar hij eigenlijk handsfree aan het bellen was (Tja. Ofwel praatte hij gewoon tegen zichzelf, ook een optie)
  • Dat ik niet terug naar België wil/graag terug naar België wil/nu nog niet naar België wil/ nu meteen naar België wil/ (Repeat)
  • Dat veel mensen best wel negatief doen over onze terugkeer: ‘Ai ai terug naar het gewone leven’, ‘dat zal afzien worden’, ‘het mooie liedje is gedaan’, ‘terug naar saai en koud Vlaanderen’ etc etc. Lighten up people! ( Kan je wennen aan wennen? Maar worst things have happened dan dat wij naar huis komen)
  • Dat nu wetenschappelijk is vastgesteld dat er géén manier is om de buggy de trappen af te krijgen zonder je onderrug op zijn minst aardig te verrekken ( Auw. En nog eens auw).
  • Dat een baby die op je lijf trommelt met een houten blokje het dichtste is dat ik al  geraakt ben bij een therapeutische massage (even m’n verbeeldingskracht gebruiken)
  • Dat de uitspraak ‘sleeping like a baby’ mij nog altijd luidop doet lachen (whoehhaha – daar ga ik weer).

Spijtig spijtig spijtig (1)

  • Dat de vermelding ‘Gluten conscious cookie’ mij niet van de goede bedoelingen kan overtuigen (calorie conscious daarentegen…)
  • Dat ik het nog steeds een dom idee vind om elke douchekop vast te maken in de muur (en hoog te plaatsen)
  • Dat ik het niet kan laten foto’s te nemen van de mensen die in de plaatselijke koffiezaak in slaap vallen op hun tafeltje (in need of coffee duidelijk)
  • Dat ik drie weken niet ging joggen tijdens het bezoek van familie en vrienden, en mezelf nu vervloek –> bezoek = goed voor het hart, slecht voor de conditie
  • Dat de yogabroek het dichtste is dat ik bij de yoga geraakt ben tot nu toe (stilish wel hoor)
  • Dat Belgische chocolade lekkerder lijkt te smaken als je niet in België bent (FACT. Wetenschappelijk bewezen, n=1 en zelfevaluatie)
    mignonetten
  • Dat mijn haar kalkarm water niks vindt en dat PLUISFACTOR TIEN van kracht is sinds we hier zijn aangekomen (mijn mede-curlies weten wat ik bedoel) (Got my fluff on)
  • Dat de oudere man die ik mijn hulp aanbood in de winkel om iets van het hoge schap te nemen, daar bleek te werken als rekkenvuller (Oepsie)
  • Dat er wordt gevraagd of ik uit Duitsland kom, op een moment dat ik dacht m’n accent vrij goed weg te moffelen (ik zei zelfs ‘I live in Boawsten’ en al).
  • Dat ik nét iets te luid juichte toen er in Toronto ook een verschoningstafel was in de mannentoiletten. Want waarom zouden zij niet mogen delen in de vreugde? (Gedeelde fart is halve fart).

De jaren BC

Dat er veel verandert als je een baby krijgt? Je weet het, iedereen zegt het, je leest erover, maar je er helemaal op voorbereiden, lijkt een utopie.

Dingen die je als vanzelfsprekend beschouwt, zo in de jaren BC (before child), worden een behoorlijke opdracht met dat hoopje wonder op je schoot. En bepaalde woorden en uitdrukkingen krijgen een hele andere kleur, eens je ‘with child‘ bent (WC). Het gebeurt ongemerkt, maar geen ouder die eraan ontsnapt.

i-love-me-time

 

Uitdrukking BC WC
De was doen Een vlek op deze t-shirt? In de was ermee! Eén vlek op deze t-shirt? Dat valt wel mee!
Nachtvoeding Een pitta’ke na een uit de hand gelopen feestje Om 1u. Om 3u30. Om 6u. Om…zucht…
Me-time Een dagje sauna, filmpje kijken, gaan winkelen… Gaan winkelen? Ja, alleen naar de Colruyt, heerlijk. Of even rustig naar het toilet kunnen gaan, een onderschat geluk.
Rugschieter Verraderlijk persoon die je aanvalt als je niet kijkt Verraderlijke pamper die je aanvalt door de boel niet bijeen te houden, maar naar boven toe te katapulteren.
Persoonlijke hygiëne Een uitgebreid doucheke, scrubje, tandjes poetsen, flossen, wenkbrauwen epileren, nageltjes lakken… Tandenpoetsen? Gisteren nog. Nee echt. Of wacht… welke dag zijn we vandaag?
Brunch Uitgebreide maaltijd tussen ontbijt en lunch met zoetigheden en hartige hapjes. De droge boterham om 11u, rechtopstaand binnengepropt.
Kolf Maïs? Geweer? Medela? Lansinoh?
Knip 1) Afsluitingsmechanisme 2) Afsluitmiddel 3)Afscheidsbeweging (crypt.) 4) Beurs 5) Baai in Curaçao 6) Bordeel 7) Broodsoort  8) Deurgrendel 9) Deel van een raam Don’t mention the war.
“Mijn hart lijkt twee keer zo groot” Dilaterende cardiomyopathie is een ernstige hart- aandoening, ik zou dat toch eens laten nakijken. Sinds 2 april 2015. Feeling fine hartje

Blijvend verbaasd

Toen we het vliegtuig opstapten vorig jaar in juli, hebben we héél lang aan de incheckbalie gestaan. Neen, de oorzaak lag niet in onze grote koffers, die wogen wel degelijk allemaal netjes 22,9 kg. Het lag zelfs niet aan het paspoort van zoonlief, met de foto van toen hij 3 weken was (en een beetje leek op de varkentjes van bij Angry Birds – alleen op de foto hé!). Neen, het lag aan de brave man aan de andere kant van de balie. Hij kon maar niet besluiten welk vakje aan te vinken over de status van ons visum. Een green card was het niet, op vakantie gingen we niet en er werd druk heen en weer gebeld over de andere mogelijkheden. Uiteindelijk werd het ‘legal alien’. Een legaal marsmannetje dus.

 

Dit legaal marsmannetje voelt zich geregeld nog een buitenstaander. OK ik geef toe dat ik ook niet veel pogingen tot indoctrinatie heb ondernomen. Ik loop nog steeds niet elke dag in een yoga- of strakke fietsbroek op straat zonder ooit te gaan sporten. Ik loop zelden met een koffie van meer dan 750 ml rond. Ik heb nog steeds geen chips bij mijn middagmaal (of eender welke maaltijd) gegeten. Ik blijf hardnekkig op zoek naar eetbaar brood (zoektocht naar eetbare croissant is recent opgegeven, een mens moet zijn grenzen kennen).  Kortom, ik ben dik geflest voor die hele inburgering. En er zijn nog steeds zaken die me elke keer doen grinniken. Een korte top 5.

Blijvend verbaasd over

  • Het grote optimisme dat spreekt uit bepaalde voedingswaren. Vlees met 10% vet in, wordt aangekondigd als 90% vetvrij. Dat is toch geweldig? Ik ben vanaf nu dus ook volledig schuldenvrij op twee leningen na, ik ben in topvorm, op 450 km jogging na en ik ben 28. Op een paar jaar na (niet verder te specifiëren aub).
  • Elke keer zeg ik ‘ja, we kunnen oversteken, het is groen’. Maar het is helemaal niet groen. Het is wit, een wit mannetje. Of er staat ‘WALK’. Was groen te verwarrend, of al bezet voor iets anders? En ik kan ook maar niet wennen aan het feit dat alle lichten voor de voetgangers groen wit worden op hetzelfde moment, zodat je diagonaal de straat mag oversteken. Voelt nog steeds fout aan.
    walk
  • Ze zeggen dat keuze doet eten. Dat verklaart heel veel. Ik heb bijvoorbeeld nog nooit zoveel soorten M&M’s gezien. Melkchocolade. Melkchocolade met pinda. Met amandel. Met gepofte rijst. Zwarte chocolade. Met specifieke kleurtjes voor Valentijn -> dit leverde recent wel een aardige taart op!
    IMG_20160214_131400

Ook de uitgebreide selectie macaroni en kaas verbaast me elke keer. Meer dan 10 merken, en het is dus gedroogde macaroni en gedroogde kaas. Enkel te koken in water. Ik krijg al honger…or not.

DSC_0758

ik vind 7 soorten kippenvleugel toch wat mager

 

  • Jarenlang dacht ik dat het water ten zuiden van de evenaar naar de andere kant draaide in de afvoer. Recent geleerd dat dat niet klopt. Nu kan ik geen enkele reden of fysische natuurkracht meer bedenken waarom alle sleutels hier naar de ‘verkeerde’ kant gedraaid moeten worden om een deur te openen. En waarom kan ik hier maar niet aan wennen? Damn you, koppig motorisch brein!
  • Ik heb al een aantal keer over de grappige producten in de supermarkt gepraat. Maar deze zet ik met stip op nummer één. Spaghetti die ‘potvriendelijk’ is. Lees: het zijn kortere sprieten zodat die meteen in je pot passen. Denk aan wat dit de gezondheidszorg kan besparen aan stressgerelateerde aandoeningen!

 

Zeggen ze niet dat je de verwondering van een kind moet blijven delen? Ik doe in elk geval mijn best. Al is ons kleinste ventje moeilijk te evenaren – laat ons eerlijk zijn, een houten blokje is voor mij alleen de eerste 6 keer interessant.

5 keer mythe of waarheid

Het lijkt alsof er met de kalender is geknoeid, maar toch is het zo: we wonen ondertussen al zes maanden in Boston.

Op zes maanden hebben we Boston en de Bostonianen net iets beter leren kennen. Al is er nog zo veel dat onontgonnen terrein blijft. Laat ons zeggen dat als je tijdens een vakantie bovenop de toeristische ijsberg staat, wij toch al eens ons hoofd onder water hebben gestoken om te kijken wat er onder het oppervlak leeft. Nu hebben we nog een half jaar om onze innerlijke pinguin aan te spreken, en het allemaal wat dieper te gaan onderzoeken.

Ik bedacht me deze week dat ik – en waarschijnlijk iedereen wel – vooraf een heel aantal ideeën had over Boston en Amerikanen in het algemeen. Enkele van die clichés (want dat zijn ze wel) bleken te kloppen. Bij anderen sloeg ik de bal dan weer enorm mis (een beetje zoals de Patriots die recent verloren van de Bronco’s en daardoor niet in de Super Bowl zullen spelen volgend weekend, Boston in rouw).

Bij deze een kort overzicht van een aantal clichés met de analyse: mythe of waarheid? Ik heb altijd al een mythbuster willen zijn!

 

  1. Amerikanen zijn erg oppervlakkig en het is moeilijk ze beter te leren kennen

 

Mythe of waarheid?

Dat eerste kan ik niet bevestigen of ontkennen. Ik vind het eerlijk gezegd wel heel leuk dat er in de winkel wordt gevraagd hoe het met mij gaat. Natuurlijk weet ik wel dat het die man of vrouw waarschijnlijk niet veel kan schelen, maar toch, het geeft een prettig gevoel. Idem voor de standaard ‘have a nice day’ als je vertrekt.

Het tweede blijkt dan wel weer te kloppen: het is erg moeilijk om als buitenstaander echt Amerikaanse vrienden te maken. Ik ontmoet nu elke week enkele andere mama’s en hun 2015 babies, en dat is heel gezellig. Maar er zijn er weinigen waarmee ik verder nog zou afspreken. Het zijn dus misschien niet de Amerikanen, dan wel de contacten, die oppervlakkig blijven. Nu ja, ik geef de moed zeker nog niet op!

 

  1. Amerikanen kunnen niet koken

 

Mythe of waarheid?

Zeker niet voor iedereen zo, maar ergens wel waar. Ze hebben ook gewoon een ander idee over koken. Een Amerikaan is al snel onder de indruk van een zelfgekookte maaltijd of zelfgemaakt gebak. Vooral als je verduidelijkt dat de Europese betekenis van ‘zelfgemaakt’ betekent dat er bloem, suiker en andere échte ingrediënten aan te pas komen. Want ‘zelfgemaakt’ kan hier evengoed betekenen dat je zelf het pakje deeg hebt opengeknipt en het zelf in de oven hebt gezet. Recepten die je op een pakje pasta vindt, bijvoorbeeld, zijn vaak niet meer dan: doe de pot saus open. Warm op. Kook de pasta. Bedelf onder een pond kaas. Smakelijk. Dat brengt ons bij nr. 3.

 

  1. Amerikanen eten enorm ongezond en zijn dan ook allemaal te dik

 

Mythe of waarheid?

Hier vallen twee groepen van mensen op, die eigenlijk lijnrecht tegenover elkaar staan. Ja, je hebt de chubbies die chips eten als middagmaal, bovenop een pizza en met een frisdrankje van een liter erbij. En ja, die mensen denken vaak nog dat ze goed bezig zijn, want chips = aardappel = groente en op die pizza ligt ook één olijf en olijfolie = gezond.

 

Er is ook enorm veel kant-en-klaar gemaakt. En gefrituurd. En met kaas, veeeeeel kaas.

 

Aan de andere kant is het aanbod aan ‘bijzondere’ voeding/recepten ook erg groot: vegetarisch, veganistisch, kosjer, glutenvrij en vooral ORGANISCH – je vindt het allemaal gemakkelijk terug. (Btw, ik besef dat glutenvrij zeker niet hoort bij de keuze-dieten, al denken sommigen hier dat gluten de duivel zijn en dat ze 126 gaan worden als ze die vermijden). Vaak komen mensen dan ook aan met een lijst van alles wat ze niet wensen te eten.

‘Gewoon gezond en gevarieerd’ eten, is blijkbaar niet zo een optie. Ofwel bij je bij team Donut ofwel bij team Don’t.

 Oh, en in Boston valt het aantal écht dikke mensen geweldig goed mee! Dat komt misschien door nr. 4…

 

  1. Boston is de meest Europese stad van Amerika

 

Mythe of waarheid?

Dat blijkt te kloppen. Het is de oudste stad van de VS en dat zie je vooral aan wijken zoals Little Italy, met kronkelige kleine straatjes en pleintjes en niet het klassieke dambordpatroon. Boston is ook een erg groene stad, met vele parken en grasvelden. Het is niet moeilijk je hier thuis te voelen – en veilig. Er wonen veel expats en je vangt gemiddeld een 5-tal talen op als je een half uurtje gaat wandelen.

 

  1. Amerikanen zijn behoorlijk wereldvreemd

 

Mythe of waarheid?

Mja, deze kunnen we vaak toch niet ontkennen…Is België een mooie stad? Spreken jullie dan Belgisch? – OK, we kunnen nog argumenteren dat België wel echt heel klein is, dus dat dat misschien geen verplichte leerstof is. Maar dit is een land waar Spaans de tweede taal is. En waar ze in de Spaanse les ‘happy birthday’ voor mij zingen = Feliz Compleaños. En de dame naast mij dan fluistert: oh jee, de lerares denkt dat je ‘Feliz’ heet.

Ohh well… ik heb al ergere bijnamen gehad!

A few of my favorite things

Soms zijn uitdrukkingen een beetje vreemd. Zoals ‘nou breekt m’n klomp’. Of ‘nu komt de aap uit de mouw’. Maar soms verwoorden ze exact wat je denkt. Zoals ‘een foto zegt meer dan 1000 woorden’. Dat klopt.

Duizend woorden is dan ook niet zo veel. Een vrouw gebruikt gemiddeld 20 000 woorden per dag. Dus met die 1000 kom ik niet verder dan halfweg het ontbijt. En dan nog een doordeweeks ontbijt, met wat corn flakes en een kiwi, don’t get me started over pakweg een pannenkoekenbrunch. Of over de écht grote momenten- daar zijn vaak niet eens woorden genoeg voor. Of niet de juiste woorden. Zoals dat moment dat je mama of papa wordt. Of het moment dat je beséft dat je mama of papa bent. Want die twee vallen niet noodzakelijk samen. Bij mij toch niet, maar ik ben dan ook uitzonderlijk traag van begrip. Ik had wat tijd nodig, zoals ze het zo mooi in het Engels zeggen ‘to wrap my head around it’. Zo voelt het ook echt, dat je je hoofd, al je gedachten en emoties,  rond dat idee moet draperen, dat moet opnemen.

 

Maar we wijken af. Ik had het over foto’s. En het verhaal dat die vertellen. Of het gevoel dat ze overbrengen. Dat blijkt heel wat te kunnen zijn. Bijvoorbeeld het gevoel van een warme knuffel. En met Thanksgiving achter de rug en Kerstmis in aantocht, kreeg ik een opstoot (niet besmettelijk, doet geen pijn) van een gevoel van fluffy blij zijn. Er zijn veel mensen die me blij maken. Van hen is geen lijstje te maken, hoogstens een kunstzinnige collage. Maar daar ga ik niet aan beginnen, kunstig als een koala dat ik ben. Naast personen, zijn er veel dingen die me blij maken.  Eén van de tips uit van die geluksboeken is dat je foto’s moet maken van zaken die je opvrolijken. Elke dag 1 foto, een jaar lang. Om te beseffen dat het ook de kleine dingen kunnen zijn waar vrolijkheid in schuilt. Een mooi projectje, maar ik hou het lijstje vandaag iets korter – het doet me aan ‘The sound of music’ denken: These are a few of my favorite things.

 

    • Herfstkleuren/de eerste sneeuw/nieuwe blaadjes aan de bomen/lange avonden, kortom de charme van het seizoen

       

    • Cappuccino met tekeningetjes in de melk (ook als die wat mislukt zijn)
      2015-11-29 16.45.38
    • Brunch – in goed gezelschap. Brunch is de beste maaltijd van de dag. Je eet allerlei lekkers door elkaar en je krijgt en goeie koffie bij. Of cappuccino. Dubbel gewonnen.brunch
    • Zoetigheid bakken – cake is de perfecte wetenschap. Volg het protocol en je krijgt een goeie cake. Volg het protocol én voeg nog een snuifje eigen touch toe, en je krijgt een zalige cake.
      P1120262
    • Baby-piekhaar. Want het is een baby. Met haar dat rechtop staat. Het blijft hilarisch.
P1110729


OK, nog niet veel haar, maar dat komt nog wel.

  • De zee – ik weet niet waarom, golven zijn gelinkt aan rust en vakantie.
    P1120857
  • (Mijn) katjes – wie meent dat je geen vriendschap krijgt van katten, heeft er nog nooit eentje in huis gehad (ik zeg bewust niet: ‘heeft geen kat’ want zo werkt het niet met katten, natuurlijk).
  • All things Snoopy- Snoopy was mijn eerste knuffel en die hond met zijn apart filosofie (‘Be yourself. No one can say you are doing it wrong.’) heeft nog steeds een plekje in mijn hart.
    P1120070
  • Kaartjes/smsjes/kleine gesprekjes – ik ben zo’n zeem die dat allemaal bijhoud.

DSC_0381

Waar worden jullie blij van?

10 keer net iets anders

Elk land is anders. Dat merk je als buitenlander in de grote en kleine dingen. Die eerste oogopslag lijkt het vaak ‘zoals thuis’. Maar dan knipper je één keer, en opeens vind je het gek dat de rekening al op tafel ligt nadat je je laatste hap hebt doorgeslikt, of vraag je nog een extra glaasje water want dat wordt gratis aangeboden en kost geen 8 euro per fles.

 

  1. Soms kom je merken tegen die je herkent. Dat is wel eens fijn. Al worden die merken vaak anders genoemd. Ik had eerder al aangehaald dat het ijsjesmerk ‘Ola’ hier ‘Good Humour’ heet. Wat me ook opviel was dat ‘Oil of Olaz’, wat me toch een Engelse term lijkt, hier ‘Olay’ heet. Misschien om een Spaans publiek aan te spreken? “Je ziet er goed uit, nieuwe dagcrème?” “OLAY!”.
  2. Wat kan er nu zo anders zijn aan liften? Wel, om te beginnen gaan ze niet van 0 naar pakweg 3. Het gelijkvloers is hier niveau 1. Dus het eerste verdiep is eigenlijk al 2. En de subniveaus zijn niet -1 of -2. Neen, die zijn vaak cryptisch omschreven als L, M, LL of P. Het is vaak gokken waar je dan gaat uitkomen, want ze staan ook niet altijd onder elkaar (zodat je nog uit de plaatsing zou kunnen afleiden hoe ze zich tegenover elkaar verhouden). Maar kom, wie houdt er nu niet van verrassingen?
  3. Minder fijn verrast waren we toen we door de buggy steeds de lift moesten nemen aan metrostations. Blijkbaar worden openbare toiletten en deze liften vaak verward. De stank is soms bijna niet te harden. Zouden deze ‘gebruikers’ dat niet vreemd vinden dat het urinoir op en neer beweegt?
  4. Soms zijn liftlobbies dan weer behoorlijk ‘fancy’. Daar hoort wat uitleg bij. Wetenschappelijk onderzoek wordt in de VS erg gesteund door financiële giften. Dat merk je al snel als je een ziekenhuis bezoekt. Elk gebouw, elke afdeling, elk sportevenement, het is gesponsord en draagt de naam van de wilde weldoener. The Arthur en Linda Gelb Center for translational research –> heel rijk. The Dana-Farber Building –> heel heel rijk. En als je dan niet stinkend rijk bent, maar ‘gewoon’ rijk, en je wilt ook je steentje bijdragen, dan moet je tevreden zijn met het gangetje aan de liften dat jouw naam draagt. Officieel met een koperen plaatje! Komt toch wel een beetje lullig over, vind ik. Waar zullen we afspreken? Bij de Familie Dinges-lift? Aan de Miranda Huppeldepup-toiletten?
  5. Iedereen kent de cijfers. Je wéét de 2 op de 3 Amerikanen overgewicht hebben of obees zijn. En toch vind ik het nog steeds shockerend dat mensen in de cafetaria van een ziekenhuis, die een uitgebreid koud buffet heeft en verschillende soepjes en andere gezonde maaltijden biedt, een punt pizza kiezen (tot daar aan toe) met als bijgerecht een pakje chips. En dan alles wegspoelen met een half litertje frisdrank. De dame voor me aan de kassa claimde echter op haar lijn (streep?) te letten, dus zij ging enkel voor twee pakjes Doritos. Oh ja, die kilo’s vliegen eraf, dat kan je al zo voorspellen. Ach, het was tenminste op de middag. Want ik heb hamburger en chips ook al zien verorberd worden als ontbijt. Met een flesje sportdrank erbij. Een mens moet zich goed hydrateren he. Da’s gezond!
  6. Als je in een labo werkt, dan is één van die algemene regels dat je geen voedsel of drank meebrengt naar je werkplek. Lijkt logisch. Dat je je labojas, waar god-weet-welke-dinges nog aanhangen, ook niet meeneemt waar je gaat eten, dat lijkt ook logisch, toch? Maar hier niet. Hier wandelt het medisch personeel vrolijk met de hele operatie-outfit de cafetaria in en uit en gaan ze er de straat mee op. Ook omgekeerd vind ik dat eigenlijk niet zo’n prettig idee- dat iemand aan mijn ziekenbed komt staan met een uniform waar een halve stad aan fijn stof op ligt. Maar wel elke 5 seconden hun handen ontsmetten. OK dan.
  7. Ik krijg graag post (hint hint). Maar we vroegen ons wel even af hoe dat ooit zou lukken hier. Onze postbus heeft namelijk geen gleuf. Helemaal potdicht is-ie. Tot ik merkte dat de postbode alle brievenbussen kan openen langs de bovenkant. En dan maar zoeken naar de naam van de eigenaar. Lijkt me niet zo efficiënt, maar ik heb natuurlijk geen post gestudeerd.
  8. Wanneer de bovenburen dan even geen basketbal in huis spelen, de meubels verhuizen of een tapdanslesje vervolledigen (OK, dat laatste is waarschijnlijk niet waar maar soms zou je toch denken…), dan slaat de verwarming aan en klinkt het alsof er overal knikkertjes vallen en buizen worden aangetimmerd. Heel erg vreemd.
  9. Ik dacht dat Amerika technologisch zo vooruitstrevend was, maar op sommige vlakken valt dat erg tegen. Self scanning in de supermarkt staat nu in zijn kinderschoenen, en gaat niet bepaald zonder slag of stoot (de enige keer dat ik het probeerde, liep het fout omdat ik een item wilde verwijderen – ja, wie doe dat nu, stel je voor!). Heteluchtovens zijn ook nog niet tot over de plas geraakt, en de fax is hier nog een veelgebruikt werkinstrument, en niet de grijze bak die stof staat te vergaren naast de printer, zoals wij hem kennen. Nu ja, wij betalen de elektriciteitsfactuur met een cheque, dus wat had ik verwacht?
  10. Ze zijn dan misschien niet technologisch vooruitstrevend, zuivelgewijs worden hier nieuwe toppen bereikt. Het is culinair gesproken dat ook zowat het enige dat ik zou verkiezen boven de Belgische variant: het roomijs is ge-wel-dig! Mijn favoriet is momenteel ‘Crazy sea turtle’: karamelijs met daarin kleine pretzeltjes met chocolade rond en kleine chocoladecupjes die openbarsten en zelf weer gevuld zijn met lopende karamel. Oordeel: Vijf sterren! Jep, ijssmaak-recensent is een harde job, maar je kent me he: ik offer me wel op.

 

 

Waar ik best wel boos van word

Definities

  • Noem het geen koffie, maar bruine thee. Laat ons afspreken dat dit geldt zolang ik de bodem zie bij een vol kartonnen bekertje…
  • Noem dàt geen croissant. Het is een kromme donut, meer niet. En als het nadat je er bent op gaan zitten, weer dezelfde vorm aanneemt binnen de twee seconden, noem het dan geen brood (en nee, ik ga niet uitleggen hoe ik dat getest heb).
  • Noem het geen droogkast als mijn kleren er niet droog uitkomen. Dan is het gewoon een trommel waar je anderhalve dollar moet insteken om even op je gewassen kleren te babysitten.
  • Noem dat brokkelige gevalletje dat smelt van zodra je er met een half oog naar kijkt, geen chocolade.

Onbeleefdheid

  • Glip niet gewoon langs mij heen als ik met de buggy en de boodschappen de trap niet op/af geraak. Zeker niet als je een man van +-120 kg bent en èigenlijk niet kan passeren door buggy en boodschappen.
  • Beledig de cassière niet omdat je DENKT dat ze een coupon vergeten is en vraag niet het kassaticket te zien vòòr je hebt afgerekend, want dat kan ze sowieso niet geven dan.
  • Zeg mij niet naar de website te gaan kijken, als ik de moeite heb genomen om tot in de winkel te komen.
  • Begin geen ‘kindjes-engels’ te spreken omdat ik een accent heb.
  • Laat in een appartementsgebouw je kinderen niet basketten in huis.
  • Leg mijn schone was niet op de grond omdat jij NU METEEN de wasmachine wenst te gebruiken.
  • Doe als bank niet alsof je iedereen wilt helpen, terwijl alles erop ingesteld is mensen ‘in ’t zak’ te zetten en letterlijk alles geld kost. Oh ja, overschrijven van eigen spaar- naar zichtrekening is 3 keer per maand gratis. Dank je wel hoor.
  • Verwacht geen fooi als je 40 minuten later dan aangegeven een pizza levert, waarbij je excuus is dat er veel verkeer was (afstand pizzeria – flat: 0,8 mijl, op zondagavond om 20u).

Dommigheid

  • Als je het antwoord op mijn vraag niet weet, vraag het dan na of zeg dat je het niet weet, in plaats van te gokken (geldt ondertussen voor GSM operator, internetbedrijf, bankbediende, winkelbediende)
  • Gebruik als bedrijf geen automatisch bandje bij je klantendienst waarbij mensen iets moeten inspreken (bv. “Do you want to talk to somebody, say yes or no”) – dit werkt nu eens echt nooit en ik zit als een dolle YES YES YEEEEES in de hoorn te brullen. De buren moeten wel denken…

Wat ik nog zo gek vind

  • Is dat het ijsjesmerk Ola hier ‘Good Humor’ heet. Ok, ik glimlach ook bij een lekker ijsje, maar zo grappig is die Magnum toch helemaal niet?
  • Is dat de recepten die op verpakkingen staan, steevast bestaan uit het samengooien van voorgemaakte ingrediënten. Zoals: “kook de pasta en open de pot saus. Giet de pot saus erover. Serveer. “ Wauw ik ben een ware chef, merk ik nu pas.
  • Is dat de veiligheidswaarschuwingen echt infantiel zijn. Dus eigenlijk kan er staan: “Kook de pasta – pas op, de pasta is dan warm – en open de pot saus – pas op, het randje kan scherp zijn. Giet de pot saus erover. Pas op, rode saus spettert erger dan witte. Serveer en blazen he, ’t is warm.
  • Is dat je vaak coupons vindt voor medicijnen en remedies. En vaak voor bepaalde medicijnen en remedies. Zò vaak dat ik ga denken dat alle Amerikanen incontinentieproblemen hebben.
  • Is dat je bij alles op het menu aan de muur de calorieeën leest. Manlief verorberde zo een warme chocomelk met marshmellows en slagroom met dezelfde energetische waarde als een Big Mac. Maar hé, I never met a calorie I didn’t like!
  • Is dat een hamburger $1 kost en een rode paprika $2.
  • Is dat een blikopener hier echt nog een nut heeft, aangezien 90% van de blikken geen ‘lipje’ heeft.
  • Is dat hier bepaalde cornflakes ‘met extra proteïne’ zijn (zouden er beestjes inzitten ofzo?), en dan staat erbij: ‘against hunger’. Ja euhm…. Waarvoor anders?!
  • Is dat alle ovens groot genoeg zijn om een reuzenkalkoen in klaar te maken.
  • Is dat “maar we zijn hier tweetalig” blijkbaar als een geldige uitleg telt waarom de kinderopvang $500 PER WEEK kost.
  • Is dat er bij de vele –véle- schoonheidssalons een exotische behandeling bestaat die ‘European wax’ heet. Hmm… een Brazilian wax- al van gehoord. Maar ‘European’? En zou er dan een verschil zijn tussen pakweg een Polish en een French wax? In welk haar ze weghalen of in welk vormpje? Verbeelding slaat op hol!
HAHAHahaaaa een lekker ijsje!

HAHAHahaaaa een lekker ijsje!

Quotes waardoor je weet dat je in Boston bent

  • Is dat een mooie stad? (toen we zeiden dat we uit België kwamen)
  • Aaaaaaanywhere! (als antwoord op de vraag: waar is er hier een Starbucks? En ze bleek gelijk te hebben!)
  • Ah dan heb je nog een goeie zes maanden borstvoeding geven te gaan. (wat de pediater zei toen ze vroeg hoe oud ons ventje was)
  • ‘We should like, get like a pretzel’. ‘Ooh em gie (OMG, oh my god dus), best idea like EVER’. (in een winkelcentrum)
  • Best brownie ever! (dank u, Jeroen Meus)
  • You set the bar for all future brownies. (nog eens bedankt, Jerre)
  • Water in de fles gieten en goed schudden. (als antwoord op de vraag: hoe maak je pannenkoeken?)
  • Ik vond Italië niet zo geweldig. Heb me kapot gezocht naar een koffie-to-go. (tja…en ook al geen donuts op dat San Marco plein)
  • 1,8 (als resultaat van de rekensom: wat is 20% van 36?)
  • Dat moet ik gaan navragen (nadat ik beweerde dat het 7,2 was- niet zo’n reclame voor het schoolsysteem hier)
  • Dus je spreekt twéé talen? Frans én Nederlands? (nadat we in het Engels de taalsituatie in België uitlegden)
  • Hier! (wijzend op de Jello – gekleurde gelatine- toen ik vroeg waar de jam stond. Misschien dus toch niet te hard rekenen op die derde taal…)

10 dingen die opvallen na 1 maand Boston

Wat me vooral opvalt aan de start van dit lijstje, is mijn ongeloof over het feit dat we al een maand in Boston wonen! Dat ging snel! Maar natuurlijk sprongen er nog andere dingen in het oog de voorbije weken…

 

  1. De meeste mensen zijn wat vriendelijker en meer open dan de Belgen. Zo zette een dame haar wagen even aan de kant om ons te waarschuwen dat we ons best naar binnen repten, want dat er een storm was aangekondigd via de radio. Ook een t-shirt met een grappige print (in concreto: een foto van een konijn met een bril op) wordt positief onthaald met een ‘hey nice shirt’ of ‘love your shirt!’ of gewoonweg ‘hahaha’. Deze bescheiden Belg had niet meteen door dat het over mij ging. Ook Boston baby krijgt geregeld complimentjes, maar dat is natuurlijk minder opmerkelijk, hij is ook gewoon ongelooflijk schattig!
  2. Bij ons is er de kringloopwinkel, hier is er de ‘Spit-stoep’. Mensen hebben de gewoonte meubels en andere items die niet langer nodig zijn, gewoon aan de straat voor hun huis te zetten. Wie het kan gebruiken, heeft het maar mee te pikken. Zo kom je dus geregeld een zetel tegen (handig om even op uit te rusten als er 7,5 kg baby aan je buik hangt) of een zakje met boeken in waarop ‘to take with you’ staat.
  3. Amerika is zo maar even 322 keer groter dan België. En toch kost een binnenlandse postzegel hier 49 dollarcent i.p.v. 77 eurocent bij ons. Wie de logica hierachter vindt, mag ze mij altijd doorsturen, maar niet op een gele briefkaart he, veel te duur!
  4. ’t Is natuurlijk fijn dat pakweg een beterschapskaartje sturen goedkoper is dan in België, maar je kan iemand die dat nodig heeft, maar beter meteen condoleren ook – ziek worden is een kostelijke zaak in de VS. Wij gingen met ons ventje langs bij de pediater om zijn dossier te laten opstellen en hoorden hoe de dame voor ons eventjes meer dan 450 dollar neertelde voor de eenvoudige check up van haar twee kinderen. Wij als nieuwe patiënten kregen 20% korting en een rekening van 240 dollar. Gelukkig zijn wij verzekerd vanuit België, want….
  5. …want met dat sociaal vangnet hier, vang je nog geen neushoorn terwijl je op zijn rug zit. Obama care maakt het mogelijk voor werknemers om een ziekteverzekering te nemen, en daar slechts één tiende van de kosten voor bij te dragen. De rest wordt dan bijgelegd door hun werk. Die 10% betekent per maand 160 dollar. U maakt zelf de maandelijkse rekening? Met zo’n bedragen zit je wel even safe, hoewel – eens je operatie meer dan 6000 dollar kost, sta je er weer mooi alleen voor, verzekering of geen verzekering.
  6. Als je dan je dokter 240 dollar hebt betaald om eens in je oren te kijken, moet je natuurlijk nog medicijnen oppikken. Dat kan dan gewoon bij de winkel om de hoek. Heb je je kortingsbonnetje voor de perdolan bij?
  7. Trouwens, heb je de dokter betaald per cheque? Want naast betalen met VISA, is dat een heel populaire manier om een rekening te vereffenen. Dat is ook niet zo gek want het is een stuk goedkoper dan geld overschrijven. Inderdaad, stel dat ik iemand 60 dollar heb geleend, maar deze persoon heeft een rekening bij een andere bank dan ikzelf. Dan kost ons dat beiden geld. Aan de kant van de zender gaat er 12 dollar af, maar ook ik moet er nog eens 10 dollar van afgeven (je verliest dus zo maar even meer dan een derde van het bedrag). Voor een gewone overschrijving, dat klopt. Daarom betalen mensen dus liever per cheque. En natuurlijk ook omdat je die cheques kan bestellen met verschillende kleurtjes, met hondjes, Disney prinsessen of wijze spreuken van oude indianen op. Jawel, het stukje papier dat je gebruikt om je huur te betalen, is perfect geldig met een tekening van Tweety Bird erop, en daaronder de tekst ‘They say money talks. Mine just says goodbye.’
  8. Ook in de winkel is het heel gewoon je chequeboekje boven te halen voor de dagelijkse boodschappen. Stel evenwel geen moeilijke vragen (zoals: hoe werkt de getrouwheidskaart van deze winkel? Welke filter past in deze koffiezet die jullie hier verkopen?) want de werknemers worden niet echt gehinderd door enige kennis van zaken. Of het nu gaat om de rekkenvuller, de bankbediende of de persoon aan het loket van sociale zaken, letterlijk geen enkele vraag die we de voorbije weken stelden, werd meteen correct beantwoord. Tenzij het antwoord was: ‘dat kan ik nu hier niet doen, maar kijk eens op onze website’. Ooooh jaaaaaa, dat we dààr nog niet hadden aan gedacht!
  9. Ergens is er een discrepantie ontstaan in de porties, en dan vooral in de portiegroottes. In restaurants of koffiezaken is de ‘gemiddelde’ maat vaak voldoende om een weekje mee toe te komen. Maar koop een pakje verse pasta van 200g en er staat op dat dit voor 8 porties telt. Sneeuwwitje en de zeven dwergen dan?
  10. De chauffeurs in Massachusetts worden de ‘massholes’ genoemd (samentrekking van Massachusetts en … – je snapt het wel he). Ze zouden dus vrij agressief zijn in het verkeer. Ik kan daar alleen maar uit concluderen dat ze elders écht als slakken op wiet rijden, hier lijken het volgens manlief allemaal ‘taffelaars’. De staat van de wegen roept wel enigszins op tot voorzichtig rijgedrag, dat is waar. Maar beterschap is op komst: hier en daar wordt al de oproep gedaan: ‘Adopt a highway’. Ja, en zo een lief schattig stukje highway, wie ziet dan nu niet zitten seg?
Oh ja, waarom hebben wij geen betaalmethode met kittens op?

Waarom hebben wij geen betaalmethode met kittens op? Gemiste kans!

Iemand een zetel hebben? 't is van de

Iemand een zetel hebben? ’t is van de “voorniet”.

Oh no.

Zo’n 100 jaar geleden werd de ‘aha-erlebnis’ beschreven door een Duits psycholoog. Dat is het moment dat je nieuwe inzichten krijgt. Of zoals Wikipedia zegt: “het realiseren dat je de essentie van iets helemaal hebt doorgrond”.

Noch Duitse, noch psycholoog, wil ik toch graag een afgeleide term voorstellen: de ‘oh no-erlebnis’ – het moment dat je als nieuw inzicht krijgt dat de boel compleet naar de zak is. Het realiseren dat de essentie is dat ‘the sh*t hit the fan’.

 

Een oh no-erlebnis krijg je als…

  • je vergeet dat er in Amerika geen maximum op de watertemperatuur van de keukenkraan staat.
  • iemand met de wagen naast je stopt en roept dat er een storm op komst is. Op dat moment besef je dat je net deze ene keer de regenovertrek van de koets niet bij hebt. En het dondert in de verte.
  • zoonlief even stil wordt, geconcentreerd kijkt, rood kleurt en daarna opgelucht begint te lachen. Het dondert, maar niet in de verte.
  • de ingang van de tram voor gehandicapten (en dus ook voor koetsen), niet werkt. Volgende tram dan maar.
  • je een t-shirt uit de kast neemt en ziet dat er nog een vlek op zit. En op de volgende. En op de volgende.
  • je een biljet van twintig dollar hebt, maar geen kwartjes en dus de was niet kunt doen.
  • je de was wel kon doen, en ontdekt dat de wasmachinemonstertjes een papieren zakdoekje in een broekzak hebben gestoken.
  • je tijdens de nachtelijke verschoningssessie denkt dat je klaar bent, en dan merkt dat de achterkant van zijn rompertje helemaal nat is. The sneaky fountain has no mercy.
  • de garbage disposaler stuk blijkt en je dit als deskundige kan afleiden omdat je afvalresten van gisteren weer in de afwasbak drijven.
  • Je samen met zoonlief in bad zit, en deze opeens ‘alle bommen los’ speelt. De omgeving was nog nooit zo snel geëvacueerd.

Boston bucket list

Een bucket list. Een ‘emmerlijst’ dus. Tot voor een paar jaar had niemand ervan gehoord, toen kwam de gelijknamige film uit en opeens moest iedereen zo’n ding hebben. Het concept is dan ook eenvoudig: een lijstje opstellen met dingen die je gedaan wilt hebben voor je het tijdelijke voor het eeuwige inwisselt (‘kicking the bucket’). Klinkt allemaal wel heel gewichtig en serieus maar kom, een lijst is een lijst en aangezien ondergetekende op lijstjes kickt (‘kicking up the bucket list’), wil ik graag opsommen wat ik het komende jaar absoluut niet wil missen in Boston en omgeving. Van kleine wensen tot grote dromen, hier is mijn Boston Bucket List.

  1. Uiteraard willen we ongegeneerd de toerist uithangen in Boston. We zitten al gebeiteld wat de outfit  betreft: de korte broeken zijn gestreken, de opzichtige camera ligt klaar, alleen de t-shirts met daarop I heart wicked Boston (blijkbaar is wicked hét stopwoordje van de Bostonians) moeten we nog aanschaffen. Oh, en om de vraag te beantwoorden nog voor ze gesteld wordt: neen, sokken in sandalen gaat zelfs voor een ongegeneerd toerist te ver. No discussion.

Ik heb nooit de ambitie gehad om een toeristische gids te schrijven. Ik ben daar niet hip genoeg voor, zoveel is duidelijk (bijvoorbeeld: ik gebruik het woord hip. Per definitie niet hip.) Het wordt dan ook een samenvatting van onze to do-list: Ik wil graag minstens 30 dingen doen van de 50 die handig opgesomd staan op volgende site:

http://www.timeout.com/boston/things-to-do/50-best-things-to-do-in-boston

Enkele van de hoogtepunten zijn slenteren door de vele parken die Boston rijk is, de historische wandelingen door de stad maken en naar een openlucht festival of film gaan. Maar ook wanneer de sneeuw blijft liggen, hoeven wij dat niet te doen – het grote aquarium, het Mapparium (een glazen wereldbol waar je in kan wandelen), het planetarium en nog veel andere –ariums lonken, nadat we moe geschaatst zijn op Frog pond, of ons ventje met de slee door Griggs park hebben getrokken.

Ik ben nog nooit naar een voetbalwedstrijd geweest – en kan diegenen die ik volledig op tv heb gevolgd op één hand tellen-, maar nu we hier zijn wil ik toch graag een baseball match bijwonen (eerst even de spelregels blokken, en alleen juichen als de buren dat ook doen kwestie van niet ‘in affront’ te vallen), net als een basketbalmatch en een American football game. Sport is in Amerika ‘a big thing’. Alleen al de sfeer kunnen opsnuiven, lijkt me de moeite waard.

  1. De foodie in mij wilt verder ook enkele Amerikaanse eigenaardigheden van de plaatselijke cuisine onderzoeken en enkele uitdagingen aangaan: kan ik elke week minstens één ingrediënt gebruiken dat ik nog niet of niet vaak gekocht heb? Waar hebben ze de beste koffie van de stad? En laten de Bostonians je naar huis vertrekken zonder dat je de pizza met butternut squash, ricotta en cranberry of die met geroosterde kip, gekarameliseerde peer en fontina kaas hebt geprobeerd (zie: http://www.ottoportland.com/menu.html)? Kunnen we dat risico lopen? Neen, mijn waarde, neen.
  1. Amerikanen zijn gekend voor en trots op hun feestdagen. Ik sla alvast voldoende snoep in voor Halloween – en neem me voor dat het er nog zal liggen die 31ste oktober. Het wordt niet algemeen aanvaard die kindjes alleen lege papiertjes toe te stoppen. Ons ventje krijgt zeker een toepasselijke outfit, we twijfelen nog tussen Jaws, een mummie of een lieveheersbeestje. Europa mag dan Halloween hebben overgenomen, of toch de commercie errond, hier is het écht ‘trick or treat’!

In plaats van Halloween zou ik eerder Thanksgiving willen invoeren thuis. Ook al waren de pelgrims in België niet zo gedenkwaardig, het idee van Thanksgiving is op zich prachtig; samenkomen met je familie en vrienden en uitspreken waar je dankbaar voor bent: je familie, vrienden, en dubbel gevulde oreo’s bijvoorbeeld, ik zeg maar wat.

  1. En last but not least- ik wil me graag verdiepen in het fenomeen dat heet: extreme couponing, oftewel gelijk-ne-zot-bonnekesknippen. Op tv zie je dan mensen met zeven volle karren een berg bonnetjes te voorschijn toveren en uiteindelijk 3 dollar betalen voor de hele lading boodschappen (30 pakken toiletpapier, 17 luchtverfrissers, 50 liter fruitsap, 29 blikken tomatenblokjes met basilicum…). En dan boos zijn dat het nog 3 dollar was. Want je kan ook geld terugkrijgen. Owwwww ja, de poen ligt voor het rapen in the land of opportunities! Ik ga rijker terugkomen dan ik vertrokken ben!

10 dingen die opvallen na 1 week Boston

  1. Clo Clo didn’t have to die! In Bostoniaanse appartementen hangen er zo goed als geen lampen aan het plafond (behalve in de keuken) en zijn er geen stopcontacten in de badkamer. Claude François zou dus geen fatale lampen kunnen vastdraaien in Amerika. En zou ook niet Claude François heten in Amerika. Want ‘François’, dat bekt niet bepaald, geloof me.
  2. Ze heten dan wel Brussel sprouts, maar de liefde voor de spruitjes heb ik nergens groter gezien dan hier. Je kan ze hier in zakjes krijgen, volledig, geraspt of in twee gesneden. Alle mensen die heel veel tijd verliezen met het halveren van spruiten, zien die issue hier dus handig opgelost.
  3. De verwachtingen van de New Paris Bakery werden helaas niet ingelost. Nee, ze hadden geen brood, misschien in september? Wat ze wel hadden, kan ik niet anders omschrijven dan eclairs die aangereden werden bij het oversteken.
  4. Bostonians hebben steeds één van twee items in hun hand: hun smartphone (gemiddelde grootte: een kleine strijkplank) of een drinkbeker van een halve liter. Waar de Amerikaan uit de spaghettiwesterns nog lustig tabak sjiekte, wordt er nu iced caramel machiato geslurpt. De bekers worden overal meegenomen (tram, metro, supermarkt, meubelwinkel) en achtergelaten (waarom staat deze tafel hier anders in de Ikea?). Het dwangmatige hydrateren doet me afvragen waarom er niet meer openbare toiletten zijn.
  5. Temperatuur in Farhenheit, gewicht in ounces, lengte in foot en inches, maar het is zelfs wennen aan data en adressen. De dag staat na de maand en het huisnummer staat voor de straat. Welke dag is het vandaag? Augustus. Waar woon je?  519.
  6. Naast je social security number is je kredietscore heilig. Hoe goed jij je leningen afbetaalt, bepaalt zo ongeveer je hele leven. Als jij geen leningen hebt, omdat je bijvoorbeeld rijk bent geboren of het gewoon handig hebt aangepakt en alles tijdig afbetaalde (of als buitenlander geen credit score hebt omdat wij daar gewoon niet aan mee doen), dan heb je hier dus een probleem – vergeet die huislening maar meteen, wat je inkomen ook mag zijn. Zorg dus dat je schulden hebt, en ze netjes afbetaalt. Dan komt het wel goed in de bank, zelfs als je werkeloos bent.
  7. Last van een bad hairday? Niet klaar voor de skinny pants? Vindegij uw gat te dik in deze rok? Gewoon even gaan wandelen, en binnen de drie minuten zie je rondere rollen, kwabbiger kwabben en kortere shortjes om dit geheel te accentueren.
  8. Het betalen van de huur gaat per cheque. Dit zal dus de eerste keer zijn dat ik zo’n papiertje invul. Kan niet mislopen, er is zelfs een website met tips hoe zo’n cheque in te vullen. Toch maar even lezen, ik schrijf niet spontaan dat iets ‘one hundred twenty seven and 89/100’ kost (huur is wel een tikje meer, maar kom bij wijze van voorbeeld…). Die cheque doe je dan gewoon op de bus. Lekker high tech.
  9. Totale verwarring bij de man in de bank:’Jullie zijn getrouwd? Maar jullie hebben verschillende achternamen!’. Ja man, welkom in de 21ste eeuw.
  10. 21 juli, nationale feestdag in België: gemiddeld aantal vlaggen in een straat: 1. Met Jupiler over gedrukt. Doordeweekse dag in Boston: gemiddeld aantal vlaggen in een straat: 7. Geen spoor van Budweiser erop.

10 dingen die opvallen na 1 dag Boston

 

  1. De toiletten op de luchthaven zijn bij de smerigste die ik ooit gezien heb. Echt, ik snap niet hoe je zò kan plassen dat het ook dààr hangt! Nee, je hoeft het niet voor te doen.
  2. Het verkeer is chaotisch en de gordels in de taxi’s zijn vooral decoratief bedoeld. Ik kon deze niet verder naar me toe trekken omdat er naast mijn zetel een grote ijzeren wand (?) stak. Veeleisende Europeanen ook.
  3. Amerikanen moeten het gezondste volk ter wereld zijn. De helft van wat er in de winkels ligt, is nl. organisch, cornflakes werken tegen kanker en alles is met minder vet. Oh ja, en je hebt de ‘GMO-free pledge.’ Dat yoghurtje was uiteraard uitzonderlijk lekker, zo zonder GGO.
  4. Standaard is boter zout. Ongezouten boter is uitzonderlijk en soms omschreven als ‘European style’. Standaard is boter trouwens geen boter, maar ‘just like real butter’. Het merk dat letterlijk heet ‘I can’t believe it’s not butter’ is hier wel een heel mooi voorbeeld van.
  5. De USA-versie van de Ikea catalogus staat vol met bakjes om te sorteren en te recycleren. In de realiteit is er één grote vuilbak waar je alles behalve papier in gooit. Zo, opgeruimd staat netjes.
  6. Ze worden aangeprezen als Engelse komkommers maar er staat dat ze uit Canada komen, en de Italiaanse kiwi’s dragen een stickertje met ‘Chile’ op. En dan vragen ze zich af waarom Amerikanen niet zo goed zijn in aardrijkskunde.
  7. Ik vermoed dat niemand buist op het Amerikaans theoretisch rij-examen (als dat bestaat). De verkeersborden zijn nl. zo duidelijk als maar kan: er staat altijd letterlijk op wat er bedoeld wordt. Zo heb je het ronde, rode bord met de witte streep in het midden, dat ons welbekend is. Wel, hier staat er dan nog op geschreven: DO NOT ENTER. Een pijl naar links op een pand van een kruispunt is voor ons vrij eenduidig, maar hier hangt er dan nog een bordje boven ‘WHEN ON LEFT LANE, TURN LEFT’.
  8. Het is moeilijk een wolkje melk te gieten uit een bus van een gallon (3,78 liter, god I miss the metric system). Mijn GGO-vrije yoghurtjes zijn gelukkig maar 1,5 x groter dan bij ons.
  9. Er zijn tot nog toe ongekende smaken van Ben&Jerry’s gesignaleerd. Ik herhaal: ONGEKENDE smaken! That’s it, I’m staying!
  10. Ooit heeft er volgend gesprek plaatsgevonden tussen enkele product marketeers:
  • Hoofd van de afdeling; “OK, mannen, we hebben een nieuw product, het gat in de markt wat betreft vegetarisch lekkers: tofu die naar turkey (kalkoen) smaakt. Het enige wat we nog nodig hebben om dit aan de man te brengen, is een aantrekkelijke naam. Komaan, laat ons brainstormen; tofu en turkey, tofu en turkey… “
  • Man die jammer genoeg gelooft dat er tijdens een brainstorm geen domme ideeën zijn: “eeeeeuh… tofurky?”

En zo begint een mens dus luidop te lachen te midden een supermarkt.

I can't believe it's not turkey :)

I can’t believe it’s not turkey 🙂