Onze vakantie 2019 – over emmers en tanken

Iedereen kijkt uit naar de vakantie, ik ken niemand die het tegendeel beweert.

Dit jaar waren de weken voor onze vakantie behoorlijk zwaar voor mij, dat vertelde ik al. Aan de ene kant verwonderde het mij niet dat ik echt uitgeput geraakte – ik werd zo een beetje gedwongen een maand meer dan 80% te werken, terwijl ik me net comfortabel voelde bij 50%, de taken waren bijzonder intensief en de druk lag hoog. Logisch dus, dat ik om 21u ging slapen. Logisch dus, dat mijn hoofd niet kon volgen.

Aan de andere kant was ik toch geschrokken, hoe snel een langzaam en moeizaam opgevulde emmer energie leeg is, en wat een impact dat heeft.

Daar liep ze weg, dat kostbaar goed, en alles begon net méér energie te vragen, zelfs de eenvoudigste taken in het huishouden. Het frustreerde mij enorm.

Natuurlijk waren er ook momenten dat het emmertje gevuld werd. Een collega, mogelijks oud en zeker wijs, herinnerde mij eraan dat er zo veel dingen het emmertje ook opnieuw vullen. Familie. Vrienden. Rust. Tomatenplanten die goed groeien. Honderd en één kleine dingen. Maar het evenwicht zat niet goed.

Ik moet bijtanken, dacht ik. Als de emmer leeg is, moet je gaan tanken.

Daar dacht ik aan, toen ik door het glooiende landschap van Umbrië snorde. Ons vakantiehuis lag dan wel in Toscane, te midden van wijngaarden en olijfbomen, de uitstap op de warmste dag van het jaar bracht ons naar Umbrië, veel ruwer en groener naar mijn gevoel.

We stapten op een Vespa (125 cc, ik had toch wat zenuwen) en aan een toer begonnen van meer dan 130 km.

Die roze is voor mij!

Mijn schoonvader, schoonbroer en -zus, manlief, en ik. Vier Vespa’s, de mijne paste bij mijn bloesje en mijn helm: knalroze.

We zoefden langs kleine dorpjes waar ik nog nooit van gehoord had, maar die postkaart-mooi waren. Pittoresk, is misschien een beter woord. Af en toe hielden we halt om te genieten van de Italiaanse keuken, of onze liters zweet te compenseren. Het grootste deel van de rit zagen we amper auto’s.

Zo reed ik achter mijn schoonbroer en -zus (die laatste had vooraf twijfels maar genoot ook volop van de rit). Mijn schoonvader leidde het peloton, op een Vespa die de driekleur van Italië had (heel toepasselijk voor een italofiel).  Af en toe leek de lucht uit een droogoven te komen. Langs bomen rijden was dan weer een heerlijke verkoeling. Manlief reed achter mij, zodat ik niet de laatste wilde zijn (zorgzaam als hij is).

Was het de zon, de wind, het groen? Het ruwe zicht van Umbrië? Het fijne gevoel van samen iets te doen met deze groep mensen, die ik al een half leven mijn familie mag noemen?

Wat het ook was, ik nam een mental picture en borg die netjes op in het kabinet van mijn herinneringen- want het was glashelder: in tijden van stress wordt dit er eentje om uit te tanken.

Onze vakantie 2019 – het vertrek

‘Zo, alles past erin’.

Het is dankzij uren en uren Tetris dat manlief zo goed geworden is in ons halve huishouden in de auto krijgen. Tenminste, dat denk ik dan.

Bij het voorbereiden van een reis hebben we een vaste taakverdeling. Ik zorg dat alles geregeld is (de buurvrouw komt de katjes eten geven, de plantjes staan samen om water te krijgen, de sleutel van de brievenbus ligt klaar) en dat alles er is – wat vaak betekent dat ik al weken lijstjes aan het maken ben, na heel wat onderzoek een nieuwe autostoel koop, de postvrouw elke dag minstens drie online bestellingen langsbrengt (aftersun, zwembandjes, soldenkoopjes want nu blijk noch ik noch Krullenbol nog shortjes te hebben die passen)

En Manlief zorgt dat alles mee kan. Ja, ook de bak met speelgoed. Ook de twee ventilatoren. Ook de grote nieuwe elektrische koelbox. Ook onze hoofdkussens, want elk vakantiebed valt beter mee als je op je eigen kussen kan pitten. Ook de tien flesjes bier die we meenemen als cadeau voor Franse vrienden die we pas over twee weken gaan zien. Ook een oversized opblaasbare eenhoorn. Enfin ja, de essentials, je hoort het al.

De dagen ervoor waren aftellen en tandenbijten. Het was hoog tijd, voor ons allemaal. Manlief was moe, Krullenbol werd kregelig en ik had elke dag wel iets nieuws: hoest, lopende neus, buikkrampen, een nek die vast zat, hoofdpijn door de nek die vast zat…

Ik weet het, ik weet het, nog even volhouden’ zei ik aan mijn lijf. Het grommelde eens en zorgde dat de kinesist ook de rechterkant van mijn gezicht moest losmaken. ‘Ik heb lang genoeg volgehouden, wie niet horen wil zal voelen’, leek het antwoord.

Het was dus geen opgave om om 3u30 op te staan die vrijdagochtend. Om de laatste spulletjes uit de koelkast te vissen en weg te steken. Om ons ventje in zijn pyjama over te hevelen naar zijn autostoel. Zodat we om 4u20 finaal onze oprit afrijden.

De vakantie is begonnen. Jawel.

.

Uiteindelijk doen we 20 uur over 1350 km. Er lijkt geen einde aan te komen. Maar eerlijk: we hebben er ons weinig in opgejaagd. ‘We komen er, ooit’, zeiden we tegen elkaar, als de GPS nog maar eens een uur optelde, of het zoveelste ongeval op de weg aankondigde.  En zo kwamen we er dus inderdaad, om half één ’s nachts.

De vakantie is begonnen. Jawel.

Koffie Klasj- juli

Hallieee hallooo! Hoe gaat het? Aan het bekomen van de hittegolf, of nog aan het dobberen in een zuiders zwembad?

Je treft me in elk geval in Toscane, voor deze koffieklasj. We zitten in een dorpje, enfin, niet eens een dorpje, een paar huizen, op een onwaarschijnlijke locatie – waar ik later zeker nog meer over vertel.

Wat wil je drinken? We hebben niet zo veel in huis vrees ik – al kan ik altijd koffiezetten, en heb ik toch een paar light limonades op de kop weten te tikken. Onder andere eentje met gember, als je je avontuurlijk voelt. Oh, maar ik heb wel een alcoholvrije ‘gin’, die heet ‘No ghost in a bottle’ en is echt wel een aanrader. Saluté!

WORK & HOLIDAY

Het is al duidelijk: juli valt uit elkaar in twee delen: het deel voor de vakantie (tot de 18de), en de vakantie. Die eerste weken waren nog best wel pittig- het overwerken van juni liet zich nog erg voelen, en ik had gehoopt om in de iets rustiger periode wat administratieve achterstand in te halen, maar helaas pindakaas, werd me gevraagd een paar stevige analyses te maken die me dan weer zoet hebben gehouden tot vlak voor ik mijn out of office instelde.

En toen stouwden we de wagen vol en vertrokken we om 4u20 ’s morgens naar Toscane. Ik zou hier graag heel idyllisch over doen, over dat ‘de vakantie op dat eigenste ogenblik al begonnen was’, maar we kwamen van de ene file in het andere ongeval terecht en hebben 20 uur gereden over 1350 km. Het is dat Krullenbol zo immens flink was, dat we hebben kunnen doorrijden. Anders hadden we zeker ergens moeten blijven logeren.

Wij zijn er wel redelijk zen bij gebleven, wat het toch minder irritant maakte dan het klinkt.

(Ja, dat blijven logeren onderweg hebben we ooit nog wel eens gedaan, maar dat was me eerlijk gezegd niet bevallen. Ik had het gevoel twéé volle dagen onderweg te zijn. Daarom probeerden we het nu op één dag. Da’s niet helemaal gelukt, aangezien we om half één ’s nachts zijn aangekomen).

KRULLENBOL

De eerste week van juli ging Krullenbol naar een turnkampje van zijn turnclub, samen met zijn beste vriendje. Gelukkig was het toen nog geen 40 graden, het was nl. de hele dag in een sporthal te doen. Op vrijdag deden ze een kleine dansvoorstelling waarbij nog maar eens gebleken is dat ritme zeker langs vaderskant wordt doorgegeven – er stond er maar één zo te shaken met zijn achterste en te zwaaien met zijn armen, en dat was die van ons natuurlijk!

Dan had ik twee dagen voor ons vertrek een dubbele afspraak gemaakt bij de oogarts, voor Krullenbol en mezelf. Voor hem, omdat op het CLB (medisch onderzoek) gezegd werd dat het een randgeval was, maar dat we misschien toch zijn vertezicht eens moesten laten checken. Voor mezelf, omdat ik merkte dat ik de laatste tijd toch ook niet meer zo perfect zag.

Krullenbol telde de dagen af, want sinds zijn beste vriendje een bril draagt, heeft hij natuurlijk oooooook een bril nodig. Ik was ervan overtuigd dat ik het ging mogen uitleggen dat ik wél een bril zou krijgen, en hij niet.

Nu, daar kreeg ik mooi ongelijk. Er werd een licht astigmatisme vastgesteld, en mijnheertje mag dus een bril gaan uitkiezen na de vakantie (alweer worden de dagen hier afgeteld tot we in België de bril- zéker een RODE, mama – kunnen gaan kiezen). Ikzelf mag er ook eentje, maar eigenlijk is het beter gesteld met mijn ogen dan ik dacht, en zal de vermoeidheid ook wel parten gespeeld hebben in mijn wazige blik op de wereld.

FEESTJES

Ook in juli hadden we wat feestjes op ons programma.

Mijn schoonouders waren 40 jaar getrouwd en dat werd natuurlijk gevierd. Uiteraard werd er voor zo’n gelegenheid nog één en ander in elkaar gebokst, zijnde een krantje met allerlei getuigenissen over het paar en weetjes over hen en over huwelijken in het algemeen, en een liedje, gebracht door de kinderen en schoonkinderen.

De week nadien was het de babyborrel voor ons jongste neefje en had ik, als fiere tanti, beloofd wat taarten te bakken. Het werd een koekiemonstertaart met M&M’s als verrassing binnenin, en een oreo cheesecake, iets dat ik al wilde maken sinds ik het voor het eerst zag in Amerika, en wat ik nu ook van mijn back it lijstje kan schrappen.

En wat nog meer was – het werd geen nachtwerk en er waren geen zenuwinzinkingen nodig om de taarten af te krijgen. Manlief was zo trots op mij. Héhé.

RUST

Soms kijk je zo hard uit naar je vakantie, je telt de dagen af, je bereidt het weken voor (mannen niet natuurlijk, die verwachten dat alles gewoon op ‘magische wijze’ in huis is de avond voor je vertrek, hoezo, voorbereidingen?), je verwacht dat het de stress van de weken en maanden voordien gaat wegwassen… en dan kan het wel eens dat je daarin wat teleurgesteld wordt. Hoe kan een vakantie alles zijn wat je ervan gehoopt hebt?

Tenzij… het dat toch gewoon is.

Maar zoals gezegd, Toscane bezing ik zeker nog op een later momentje.

Nu ga ik me hier met mijn voetjes omhoog onder een parasolletje zetten, en naar jou luisteren. Tell me all – hoe gaat het ermee?

.

Wil je de vorige koffie klasjes lezen? 

Dat kan hier: koffie klasj september – oktober – november – december – januari – februari – maart – april/mei juni

De vijf mooiste momenten uit twaalf dagen Toscane

Twaalf dagen van augustus vertoefden wij op één van de mooiste plekjes op aarde: Toscane.

Ik kan wel blijven kijken naar dat glooien, de groene lijntjes van de wijngaarden, de velden vol zonnebloemen, de statige cipressen (‘groene torens’ noemde krullenbol ze). Ik hoop dat ik genoeg heb opgeslagen in mijn grijze cellen om even verder te kunnen. Dit zijn de beelden die mij warm moeten houden deze winter!

DSC_3490Toscane wijngaarden

We waren er met familie, van twee tot tweeënnegentig jaar. En we hebben genoten. Alsof alles weer wat helderder werd. Alsof je bovenkomt na drie lengtes onder water (wat manlief zijn record was, btw).

 

En na die twaalf dagen pakten we onze koffers, en beseften weemoedig dat heimwee zich al voor vertrek kan laten voelen.

Het vakantiegevoel vasthouden kan alvast door een paar uur naar foto’s te staren, maar ook door met manlief onze top 5 van favoriete momenten op te stellen.

Hier zijn alvast die van mij (niet volgens rangorde)

  1. Met drie in één bed. Met 11 volwassenen en 6 kinderen in één huis, daar komt al wat gepuzzel-een-tetrismeester-waardig aan te pas. Of kort gezegd: krullenbol sliep bij ons op de kamer. Omdat onze kamer een ontzettend breed bed had, sliep hij ook gewoon tussen ons in. En al was dat wel weer even wennen: zo naast dat kleuterlijfje kruipen in het donker, mij een weg banen tussen de bergen doekjes en hem voorzichtig nog een kusje geven, zorgde er elke avond voor dat ik met een glimlach insliep.
    .
  2. Mini Citytrippen. We trokken er een paar keer met ons drietjes op uit, een namiddagje naar Pienza en een dagje naar Firenze. Het was 20 jaar geleden dat ik in Firenze was en ik zag mijn jonge zelf daar zitten, aan de trappen van de Duomo. Hand in hand met manlief en met een kleuter in de draagzak had ik haar graag gezegd: Ik weet dat je je nog niet thuis voelt tussen de klasgenoten, en het wordt nog hobbelig – maar weet je, het komt goed!

    Ik heb erg genoten van die dagen. Natuurlijk vereist citytrippen met een driejarige een ander tempo, en voldoende ruimte voor ‘heel veel de straat op en af lopen’, pizzaatjes eten en niet alles tegelijk willen – maar het waren gewoon heel fijne uitstapjes.
    firenze
    .

  3. Vallende sterren tellen. Elk jaar trekken de Perseïden, een meteorenzwerm, langs de aarde, en de ongelukkigen die in onze dampkring terecht komen, zorgen voor een regen aan vallende sterren.

    Omdat wij wel wat wensen in onze mouw hadden, hebben we dus enkele avonden staan kijken. Wolken gooiden al eens roet in het eten, maar op een heel heldere nacht nestelden manlief en ik ons op de ligstoelen aan het zwembad om zonder nekpijn naar gloeiende bolletjes te speuren.

    En ja hoor, we zagen er! Dat blijft toch iets magisch.
    Maar niet bepaald één per minuut, zoals er soms beloofd werd. Dus na een stuk of vier, wilden we nog heel graag eentje zien. Wachten wachten wachten. Vroeger dacht ik dat je één ster moest uitkiezen en dan hopen dat die zou vallen. Ha!

    Manlief: ‘Allez, nog vijf minuten en we gaan naar binnen’.
    Ik: Maar hoe weten we wanneer de vijf minuten om zijn? We hebben geen horloges of GSM’s.
    Manlief: wacht, euhm….*begint bloedserieus te zingen* Ik heb een potteke met ve-hee-het, al op de tafel gezet. TWEE-DE COU-PLET. Ik heb een potteke potteke potteke potteke…

(Tegen dit moment lag ik al strike op mijn zetel. Maar we hebben er geen meer gezien).

 

  1. De watergevechten. Er waren waterpistolen, drijvende matrassen, opblaasbare eenhoorns en krokodillen, veel wilde kindjes met zwembandjes en een ‘tantie’ die niet van wijken wist . Do I need to say more?

    unicorn zwembad
    .

  2. De eenhoorntaart. Hij stond al een tijdje op mijn ‘to bake’-list, en toen mijn frank viel dat een nichtje jarig was op vakantie, stelde ik maar al te graag voor om de verjaardagstaart in elkaar te boksen.
    Braaf had ik alle benodigdheden meegebracht uit België, nadat we twee jaar geleden tot onze scha en schande hebben ontdekt dat er geen gewoon bakpoeder te vinden is in Toscane. Samen met mijn schoonzusje, die zich nu een volleerd botercrèmemaker mag noemen, maakten we er een prachtexemplaar van, al zeg ik het zelf.
    En het feestvarken? Die was héél tevreden!

    ps– Mocht je aan krullenbol vragen wat zijn top 5 was, denk ik dat je iets zou krijgen als: 1. pizza, 2. pizza, 3. zwembad., 4. worstjes, 5. pizzapizza (omdat 3/5 gewoon niet genoeg was).