Ontspanning door kleine dingen

Ik wil er niet veel woorden aan vuilmaken, maar ik heb stress.

De kinesiste die voor de derde week op rij probeerde om iets los te krijgen in mijn nek, schouders, en samengevat eigenlijk de hele linkerhelft van mijn bovenlichaam, bevestigde dit.

Ik merk dat ik daardoor snak naar ontspanning. En ik dacht dat ik die kreeg door bijvoorbeeld vroeg te gaan slapen, Netflix te bingen of Pinterest leeg te pinnen.

Vandaag kreeg ik nog een alternatief.

Vandaag was ik thuis, en Krullenbol ook.

We hadden allebei nog eens goed geslapen, dat helpt ook met alles. En het zonnetje schijnt. Ook al gewonnen natuurlijk.

We zijn samen naar de plantenwinkel geweest. Hebben daar een uur rondgecruist om uiteindelijk thuis te komen met een paar potten lavendel, zakjes zaad van pompoen,  verschillende soorten kerstomaatjes, regenboog snijbiet en kruiden, en twaalf aardbeiplantjes.

Oh, en we vonden eindelijk ook tuinhandschoentjes in kindermaat, en bijhorende tuinschoentjes. Kortom, we waren allebei in onze nopjes.

Daarna moest ik bloed gaan laten nemen, zoals ik nu maandelijks moet doen (en niet meer tweewekelijks, zoals het hele vorige jaar het geval was). Dat is twee keer niks, maar toch ook weer een klein effortke om lelijke gedachten weg te duwen (‘wat als…’).

Ik hoorde dat kennissen van ons, die vlakbij wonen, een nieuwe wereldburger hadden thuisgebracht, dus ik maakte twee soorten soep en bakte vrij gezonde koekjes met chocoladestukjes. Kraamkost, dat is toch gewoon de max?

Tussendoor werd er duchtig verpot en gezaaid, in het zonnetje.

Krullenbol vond het super, maar na de eerste 10 potten was het wel genoeg geweest. Ik had er energie van gekregen, zodat bepaalde klusjes in de tuin opeens niet meer onhaalbaar leken – ja, misschien zou ik echt wel eens dat oude bankje afschuren en schilderen. Dat zou zomaar eens kunnen!

Daarna moest er wat grond weggespoeld worden in bad.

En werden soep en koekjes afgeleverd.

Wat een heerlijke, ontspannende dag. En tegelijk heb ik zoveel gedaan!

Mijn schouders voelen alweer een klein stukje lichter. (Kan ook aan de tape liggen natuurlijk, maar ik gok op de Krullenboltherapie).

Vijf op vrijdag: wat ik wél kan

Het werd lente deze week. Officieel, meteorologisch, maar ook in het grasveld en de bermen. Ons kleine berkje in de voortuin heeft geïnvesteerd in nieuwe blaadjes. Het zonnetje liet zich al eens wat meer zien. ‘s Avonds gaan joggen lukt soms zonder extra lichtjes en fluovestje.

 

Op een vrijdag in de lente moet een mens gewoon eens zijn roze bril opzetten. Zichzelf een ‘speekmedaille’ geven. Een klein buigingske maken. En een lijstje van vijf dingen opstellen, die je wel goed kan. Grote dingen, kleine dingen, misschien op het eerste zicht alledaags, of net zot origineel, ik laat het aan anderen om te oordelen (al moet ik zeggen: nr. 5).

 

  1. Ik kan moeilijke dingen eenvoudig uitleggen. Ik heb dit ergens onderweg ontdekt, en later aan uitgebreide experimentatie onderworpen. De grootste proeven kwamen vaak van mijn lieve groottante, die, hoewel ze mij ooit belde om te vragen of ze de videocassette moest omdraaien en opnieuw insteken, mij plots een uitdaging kon toespelen als

 

“Wat is dat eigenlijk, DNA?”

“Seg, dat internet, hoe werkt dat precies?”

.

  1. Organiseren. Noem het, ik zal het op poten zetten. Ik maak de planning, ik regel de grote en de kleine issues, voorzie een back-up voor alles wat een naam heeft en ik denk aan het extraatje dat het af maakt. En ik maak een draaiboek zodat iedereen kan volgen (en weet waar-ie moet staan op het juiste moment). Ja, met een kleurcode. Duh.

 

  1. Ik kan een compliment oprecht aanvaarden. Nee, dat was niet altijd zo. Zo typisch Vlaams, zo typisch vrouw, of misschien gewoon zo typisch ik vroeger, om je na een compliment bijna te gaan verontschuldigen. Of je kan ook tussen de lijnen uitleggen waarom je dat niet verdient (‘Oh de trui is echt oud’ ‘Oh, maar nee, zo goed was dat niet hoor, kijk maar naar die’ En mijn favorietje: ‘Oh dat was eigenlijk per ongeluk gelukt’).Twee vliegen in één klap: je breekt jezelf nog wat af én je maakt de complimenteur onrechtstreeks uit voor een blinde onnozelaar, die niet doorheeft wat een loser jij eigenlijk wel bent.

    Doe ik niet meer aan mee. Ik geef oprechte complimentjes, en ik ontvang ze ook heel graag. Alsjeblieft, dankuwel.

.

 

  1. Kaartjes, tekstjes en gedichtjes schrijven – mits enige voorbereiding, maar soms ook ‘on the spot’ (bijvoorbeeld als de familieleden ‘geen inspiratie hadden’ en mij de opdracht geven twee minuten voor het feestvarken aankomt).Manlief vindt dit een geweldige eigenschap, aangezien hij één keer heeft geprobeerd onze vakantiekaartjes te schrijven. Toen vroeg een vriend of we toevallig de kaart ‘voor de bomma’ naar hem hadden gestuurd. Exit manlief als kaartjesschrijver. Hij heeft zoveel andere kwaliteiten.

 

.

  1. Ik kan me erbij neerleggen dat ik niet kan controleren wat andere mensen denken. Ik kan maar mijn best doen, ik wil uiteraard goed overkomen. Maar wie weet lijk ik voor die ene collega net iets te veel op die trut die vroeger bij haar in de klas zit. En krijg ik dat echt niet rechtgetrokken. Tja. Their loss.
    Je kan zelden voor iedereen goed doen. En weet je wat? Dat is helemaal niet erg.

 

 

Welke dingen kunnen jullie? Waar zijn jullie goed in? Komaan! In de lente mogen er dan pollen in de lucht hangen, niemand is allergisch aan een beetje ‘eigen stoef’!

 

quote

Nr. 6 en 7

 

Lente

Gisteren zuchtte ik nog weemoedig over een sneeuwstorm in Boston. Vandaag bracht een heerlijk lentezonnetje de energie weer op peil.

 

Tijdens de middagpauze wandel ik over de Oude Markt en het lijkt wel een fast forward naar de zomer: jassen werden thuisgelaten, benen ontbloot, en terrasjes zijn druk bevolkt (de aula’s deze namiddag, daarentegen…). De sfeer is heerlijk, alsof iedereen collectief heeft besloten te vieren dat de winter alweer overwonnen is, dat er langere dagen aankomen, dat de vitamine D uit de lucht valt en niet in een potje zit.

 

Er werden veel pintjes verkocht vandaag. Studenten zitten op de trappen van de markt stukken pizza te eten, pastabekers of een hoorntje met drie bollen als lunch, want vandaag moet dat kunnen! Er klinkt wat muziek, ik denk dat er een soort optreden komt.

 

Ik wandel voorbij en kan niet anders dan glimlachen. Om de discussies of er al dan niet naar de les gegaan wordt. Om de iets te optimistische korte rokjes. Om de fietser die me bijna raakt omdat-ie één hand nodig heeft om zijn ijsje vast te houden. Om de jongen met het blauwe haar en de hot pants.

 

Die eerste écht zonnige dag van het jaar zou een vaste verlofdag moeten zijn, voor iedereen. Want lente in Leuven, da’s meer dan een mooie alliteratie.

 

leuven

In de twintig

It will be in the twenties.

Na acht maanden aan deze kant van de oceaan, pik je al eens wat taalkruimels op. Nee, de twenties in kwestie refereren niet naar een jeugdige leeftijd. Het gaat ook niet over het volgende decennium van de eeuw. Het gaat over sjaals en wanten.

Nul graden Celsius staat gelijk aan 32 graden Fahrenheit. Een temperatuurtje ‘in de twintig’ betekent vriesweer.  De omzetting van Celsius naar Fahrenheit is belachelijk complex – naast onze oven hangt dan ook een tabelletje en bij het bespreken van het weer heb ik enkele richtgetallen in het hoofd (32= 0°C, 50= 10°C, 68= 20°C etc). Mij gaan ze niet meer liggen hebben! (Al is het problematischer wanneer je Amerikaanse recepten wilt gebruiken in België. Iedereen die ooit een lasagne probeerde af te bakken op 350°C , zal dit beamen).

 

Zoals wel vaker het geval is met eenheden in de US, is de temperatuurschaal van mijnheer Fahrenheit niet meteen opgebouwd uit standaard referentiepunten. Het nulpunt, 0° F, werd verkregen door de thermometer in een mengsel van ijs, water en ammoniumchloride te plaatsen. Persoonlijk nog nooit geprobeerd. Het tweede referentiepunt was 32°F, Screen Shot 2016-04-04 at 10.57.36wanneer water bevriest. Een derde punt was 96°F, de lichaamstemperatuur van een gezond persoon (maar welke persoon? Ochtendmens? Avondmens? Warmbloedig? Voor de koffie? 96°F komt overeen met 35,5°C).

 

Water kookt op 212°F. Zo liggen er 180°F tussen het bevriezen en het koken van water (212 – 32). De schaal is bijgevolg bijna 2 keer zo ‘breed’ als die van Celsius, waar er maar 100° ligt tussen het bevriezen en koken (OK, ik weet dat het allemaal verwarrend kan lijken, maar als dit laatste als een verrassing komt, is het tijd voor caffeïne). Ik hoorde een wetenschapper dan ook beweren dat hij Celsius nogal ‘beperkend’ vond. Fahrenheit was zo veel preciezer. Toch logisch?

 

Zo logisch als het weer in Boston. Donderdag was het bijna 70°F. Zondagochtend vielen donzige sneeuwvlokjes uit te hemel. Monday it will be in the twenties.

Screen Shot 2016-04-04 at 10.57.24

Spring/in de lente

Dit weekend ging Daylight saving time in. België zit nog lekker op het winteruur, wat ons de volgende twee weken dus een uurtje dichterbij brengt. Zoals elk jaar wanneer we minder lang mogen slapen, en moeten uitzoeken hoe de klokken ook alweer werken, brengt dit het nodig gegrommel mee en de vraag waarom er nog steeds ‘daglicht moet bespaard worden’.

 

Maar naast het gegrommel bracht het weekend ook het eerste Belgische bezoek van het voorjaar mee! Tijd om onze pet van reisgids af te stoffen en Boston in twee dagen samen te vatten. Dat betekent:

Dag 1:  een bezoekje aan de Harvard yard, het kopen van de nodige t-shirts voorzien van het logo van de universiteit, afgesloten met een typisch Amerikaans maaltje (BBQ ribbetjes en geroosterde maïskolven).

Screen Shot 2016-03-14 at 15.28.59

Dag 2: Ontbijt met wafels, om voldoende energie op te doen voor de wandeling van de Freedom Trail, een uitstap langs verschillende historische sites en gebouwen in Downtown Boston. Ook deze keer heb ik nieuwe dingen ontdekt – zoals een fijne bistro voor de lunch, maar even goed een oud kerkhof en een knappe kerk. Later checkten we nog even de gebouwen van MIT en de skyline van de stad bij de Charles rivier.

Ja hoor, geïnteresseerden mogen mij nog altijd contacteren voor deze tweedaagse!

 

Hoe fijn was het iemand te mogen verwelkomen! Dat, samen met het zonnetje en de krokussen* die komen piepen, maakt dat de lente voor mij officieel begonnen is. De Bostonianen springen graag mee in de spring, in korte broekjes en teenslippers. Het was tenslotte al 15 graden. CELSIUS, jawel!

OLYMPUS DIGITAL CAMERA
Ladies and gentlemen: the crocus!

 

 

*Weet je wat een krokus in het Engels is? Ik wist het niet. We noemden het dan maar ‘krowkus’, je weet wel, hetzelfde woord met een Engels accent. Blijkt dat nog te kloppen ook, zeg! Crocus! ‘Snow Clock’ was dan wel weer een misser. En ‘Easter flower’ ook, zo bleek… Gelukkig stonden er nog geen paardebloemen.