Tekst en uitleg #9

Het is alweer even geleden dat ik mijn lijstje van ‘1000 vragen aan jezelf’ aanvulde. Dit leek me een uitgelezen moment: onze kleine reus ligt mooi op tijd in zijn bedje te knorren, manlief is het plafond aan het afplakken in wat de toekomstige peuterkamer wordt, en ik lig in de zetel met de laptop op schoot.

Ideaal om de vragen van nr 41 tot en met 50 te beantwoorden. Best een persoonlijk lijstje, over welke score je je gezicht zou geven, douchen en je favoriete kamer in je huis.

  1. Welk cijfer zou je aan je gezicht geven?

Oei, meteen zo confronterend. Hoewel, ik ben best tevreden met mijn gezicht (’t is elders dat de problemen zich stellen haha). ‘t Is hoekig maar daar spreekt ook weer karakter uit (hoop ik dan). En de combinatie van al jaaaaaren crèmekes smeren en de goeie genen van mijn ouders, maken dat de rimpels me nog niet helemaal hebben ingehaald, en ik standaard jonger wordt geschat dat mijn identiteitskaart beweert. Dus euh…8/10?

  1. Was je goed op school?

Ja, ik was altijd de eerste van de klas. Sorry, niet om op te scheppen, maar het was gewoon zo. Ik studeerde ook wel ijverig, stak er de nodige tijd in, maar ik geef toe dat het me allemaal wel vrij vlot afging.

  1. Hoe lang sta je gemiddeld onder de douche?

Als ik mijn haar niet was, eerder kort- ik schat echt korter dan manlief, een minuut of 5? Als ik mijn haar wel moet wassen (en vooral: kammen) dan zal het eerder 25 min zijn.

  1. Denk je dat er buitenaards leven bestaat?

Het zou eerder vreemd zijn mocht dat niet het geval zijn, in een quasi oneindig universum. Maar of die nu ook blogs aan het typen zijn….?

  1. Hoe laat sta je meestal op?

Als ik ga werken, ergens tussen 6u50 en 7u20. Of wanneer zoonlief wakker is natuurlijk.

  1. Vier je altijd uitgebreid je verjaardag?

Hangt ervan af wat je met uitgebreid bedoelt, maar ik laat het zeker niet zo maar voorbij gaan. Meestal organiseer ik het weekend ervoor of erna een brunch voor vrienden en familie, en misschien gaan manlief en ik nog eens lekker eten (of gaan we sushi halen).

IMG_20160214_131400

  1. Hoe vaak kijk je per dag op Facebook?

Te vaak, denk ik. Het is een automatisme geworden als ik even een pauze neem, bijvoorbeeld. Ik heb goeie voornemens over het afbouwen daarvan.

  1. Wat is je favoriete ruimte in je huis?

Ik ben graag thuis, dus zo overal een beetje. De living omdat het na een lange dag aangenaam toeven is in onze zetel, de keuken omdat koken ontspannend kan zijn (en onze keuken handig is ingericht), het terras op een warme zomeravond, mijn slaapkamer omdat slapen één van mijn liefste hobby’s is.

  1. Wanneer heb je voor het laatst een huisdier geaaid?

Na het eten op het terras, daarnet, Janie kwam langs wandelen.

DSC_3030

  1. Wanneer ben je op je best?

Als ik mensen kan helpen, of me echt op een project kan storten waarbij ik het verschil kan maken.

 

Of elke avond wanneer ik een verhaaltje voorlees met stemmetjes en gebaren. Dat kan ook natuurlijk.

 

Amerikaanse vezels

Een jaar lang hebben wij ons enorm Belg en Vlaming gevoeld. Veel meer dan in het thuisland het geval is. Misschien omdat elke taxichauffeur wel eens vraagt waar je vandaan komt. Misschien omdat je toch wat typische dingen gaat missen. Misschien omdat je, in een zee van Amerikanen, iets speciaals hebt als Vlaamse vis. Zeker als het gesprek richting gezondheidszorg, schoolsystemen of de race naar het Witte Huis ging, voelde ik me in elke vezel behoorlijk Belg.

Nu zijn we thuis en blijkt er toch wat Amerika aan onze kleren te blijven plakken.

 

  • Na een jaar ‘plus zes’ doen, betrap ik me erop in de namiddag te denken: ‘Ik zou die persoon eens kunnen bellen, maar het is daar al bedtijd. Ah nee….toch niet’. Een unieke moment rond die situatie was ongetwijfeld toen een vriend van me, een dag eerder jarig dan ikzelf, en ik plots op hetzelfde moment jarig waren – of toch: hij was nog jarig bij ons, en ik was al jarig bij hen. Proficiat aan ons allebei!
    klok

 

 

 

 

 

  • In een wegrestaurant was ik ervan overtuigd dat ik mijn kopje koffie nog eens zou kunnen bijvullen. Dat kon inderdaad, maar natuurlijk niet gratis…
  • Wat zijn groenten en fruit toch ongelooflijk goedkoop! Het voelt als supersolden in je eigen supermarkt!
  • Aan de andere kant krijg ik op een rekening van 200 euro boodschappen, 1,14 euro korting met mijn klantenkaart. Dat is een lachertje in vergelijking met de supermarkt in Boston, waar ik makkelijk 20 dollar per karretje kon besparen.
  • Lekker brood! Je kan het eten zonder te toasten! En het kost maar 2 euro! Whoehoeeee! Ook na veertien dagen zorgt het nog voor een kleine mentale rondedans.
  • De meest gestelde vraag is ondertussen ‘maar is die winkel nog wel open’? We zijn ons pijnlijk bewust geworden dat de tijd van de heerlijke openingsuren voorbij is. Het zorgde voor een pak minder stress dat boodschappen doen nog perfect op een zondagavond 20u kon.
  • Een klantendienst die niet bereikbaar is tijdens het weekend? Maar ik heb een vraag! Nuuuuuu!
  • Het was wel fijn om te kunnen opstaan en al meteen heel wat nieuwtjes over het thuisfront te krijgen via de sociale media (aangezien daar de vriendjes en familie al wel even wakker waren – of toch de meesten!). Aan de andere kant viel er na 18 uur een stilte over onze avonden. Iedereen die we graag zagen, sliep, of zat naast ons op de zetel. Of gooide houten blokjes in mijn glas water. Dat kon ook.

Mooie vragen

‘Wat is het eerste dat je gaat doen als je terug bent, je weet wel, buiten tijd spenderen met familie en vrienden?’

OH. Oh oh oh. Wat een mooie vraag. En zoals een prof me ooit zei: een student zegt ‘wat een mooie vraag’ omdat-ie het antwoord kent, maar later zeg je ‘wat een mooie vraag’ omdat je het antwoord niet (meteen) kent.

 

Tijd spenderen met familie en vrienden, is uitgesloten als antwoord (’t is een strenge hoor, die vraagstelster). Het is nochtans het eerste (en tweede, derde en vierde) dat in me op komt. En misschien is de vraag eerder ‘wat wil je doen’ en niet, ‘wat ga je doen’. Wat ik ga doen is niet zo lyrisch. Uitpakken. Wassen. Opruimen. Boodschappen doen. Enige orde in de chaos van onze slaapkamer en kelder trachten te scheppen (waar al onze spullen opgeslagen zijn). God heeft dan wel het goede voorbeeld gegeven, ik ben vrij zeker dat ons dat niet lukt in zes dagen. God had dan ook geen jetlag.

 

Maar wat wil ik doen? Ik wil me daar goed voelen. Ik hoop dat het als een oude, vertrouwde pantoffel mag zijn- je was vergeten hoe comfortabel die zat, perfect rond je voet gevormd, tot je het nog eens probeert. Oh ja, denk je dan, dat past. Ook: ventje het huis laten ontdekken. Voor hem zo goed als nieuw, dat huis, want hij woont ondertussen meer dan twee keer zo lang in de VS dan hij in België was. Hem voorstellen aan onze katjes. Toen hij minder dan vier maanden was, konden ze hem letterlijk links laten liggen, en in een boogje rond het wippertje huppelen. Nu zal onze crosser zich niet meer laten negeren.

 

Naar de bakker gaan. Alle koffiekoeken opkopen. Ik eet normaal niet eens eclairs, maar wil nu gerust een uitzondering maken. Betaalbare kaas op tafel zetten. Filet de saxe. MOSSELEN! Echt lekkere frietjes. Andalouse saus.

 

In mijn eigen bed slapen. Met mijn eigen kussens. Manlief is ook toegelaten. En baby ook, als-ie niet meteen kan wennen. Of als wij dat niet kunnen.

 

Kortom:

Wat ik wil doen, is thuis komen.

Thuis

Met de eerste zomerprik (tja, op één dag van 18°C naar 35° met 100% vochtigheid, dat kan prikken), arriveerden ook de vriendjes voor een lang weekend. Ze brachten de zon mee in hun handbagage, want ze zijn net als wij sinds een aantal maanden kustbewoners van de VS. Alleen is het een andere kust.

 

Toen kwamen wij tot het besef elkaar vorig jaar in juli voor het laatst gezien te hebben. Ook al voelde dat niet zo, ook al was het moeilijk te geloven, het bewijs liep joelend rond de koffers. Toen we zoveel maanden geleden in onze tuin thuis zaten te brunchen, lag hij nog niet mobiel te wezen en belletjes te blazen in een wippertje.

 

Het gesprek landde op het onderwerp dat me al even bezighoudt. Een woord dat sinds enkele maanden in mijn hoofd woont als een onvoorspelbaar insect. Het duikt op en slaat haakjes in mijn gedachten, sinds het mailtje van manlief: datum en vliegtuigplaatsen voor terugkeer vastgelegd. Of, zoals hij het zelf schreef: tickets richting ‘thuis’. ‘Thuis’. Hoeveel subtekst er alweer in zo’n kleine zwevende komma’s kan verborgen zitten.

 

Dus nadat enkele verduidelijkingen nodig bleken in onze gesprekken – bedoel je ‘thuis’ of ‘thuis thuis’? Hier thuis? Daar thuis? Allez ja, niet hier maar …– vroeg ik me af wat thuis definieert.

 

Letterlijk in het woordenboek: Je woning, waar je je goed voelt. Ook: het middelpunt van een huishouden, dierbare relaties en interesses, samen met het comfortabele en tevreden gevoel dat dit opwekt.

 

In de boutade van elke Belg: waar mijn Stella staat. Maar ik drink geen bier.

 

Voor één van de vriendjes: waar mijn spullen staan. Dus thuis is met de container aangekomen, in noppenfolie gewikkeld? Nee, … die dierbare relaties blijken toch te spelen ook. Het wordt al snel duidelijk dat het niet zo makkelijk te vatten is, en bovendien voor iedereen anders.

 

Oost, West, thuis best. Enkel West getest, dat helpt ook al niet. Zoals het klokje thuis tikt, tikt het nergens. Onzin, het klokje is van Ikea dus het tikt ontelbaar vaak hetzelfde. In het Engels dan: home is where the heart is.

 

Aha.

 

Voilà.

 

Vanaf half augustus is mijn thuis tussen pakweg 9 en 6 een crèche die De Bijtjes heet.

Riing riiiing

“Ring Riiiiing. Ring Riiiiiiing. Ah, hallo! Ja, dag oma! Hoe gaat het? Ja, ons ventje is hier hoor. Oh, je wilt hem spreken? OK, hier komt ie. ’t Is voor jou, ’t is oma!”. Ik hou de plastieken hoorn in zijn richting. Het ding maakt een rammelend geluidje. Hij lacht breed, dit vindt hij echt geweldig. Hij neemt de hoorn over en houdt die aan mijn oor. Of aan mijn neus. Hoe het uitkomt.

telefoon fisher price.jpg

Dat speelgoed is al behoorlijk retro. Wij bellen tegenwoordig bijna alleen nog met Skype of Facetime. Of we sturen een Whatsapp’je. Of een facebookberichtje. Al die mogelijkheden tot communicatie maken over de plas zitten een stuk aangenamer. Het leek de voorbije negen maanden korter te maken. Ook al zijn we niet thuis, familie en vrienden kunnen ons ventje letterlijk zien opgroeien, want als hij het Skype-beltoontje hoort, is hij graag van de partij. Hij wilt steeds aan de gezichten komen, draait soms de Ipad om. Waar zitten ze nu? 

Wij vroegen ons af hoe dat zou gaan, nu de familie een paar weken niet meer op het schermpje te zien was, maar in 3D in onze woonkamer. Zou ons ventje hen herkennen? Zou hij het eng vinden? Uiteindelijk is het alsof je je favoriete filmster in het echt ontmoet!

 

Na een paar uur wennen ging het prima. Het bleek veel leuker om échte gezichten te kunnen aanraken, te knuffelen, samen rond te wandelen en verstoppertje te spelen. Omdraaien en nog steeds de persoon vinden!

 

Nu zit iedereen weer aan de andere kant van de oceaan, en van het scherm. We skypen. Ventje draait de Ipad om. Waar zitten ze nu? Spelen ze weer verstoppertje? Er is alleen het zilverkleurige materiaal van het toestel. En opeens lijken de volgende drie maanden lang. Langer. Dat heet metaalmoeheid denk ik.

Doordeweekse donderdag

Eén van de meest gestelde vragen sinds de start van het Bostonavontuur, is of ik me kan bezighouden overdag. Dat is natuurlijk een geldige vraag. Niemand wilt de oceaan oversteken om daar dan een jaar lang rondjes te rijden in hetzelfde park of elke dag papieren bootjes te vouwen (het enige wat ik origami-gewijs in de vingers heb, maar als ik me er een jaar op toeleg, zal een zwaantje ook wel lukken). Ook werd ik erop attent gemaakt dat mijn blog dan wel rake observaties bevat, maar niet duidelijk maakt hoe ik de dag nu eigenlijk vul – buiten het noteren van observaties uiteraard. Vandaar, mijn eerste post op aanvraag: de beschrijving van de doordeweekse donderdag. Met de nadruk op doordeweeks (kwestie van de verwachtingen wat te temperen, ik wil geen klachten krijgen).

Ergens tussen 7 en 8u: Opstaan met de mannen. Eigenlijk zetten we de wekker niet meer, onze happy baby wekt ons wel. Hij maakt redelijke nachtjes als er geen jetlag/tandjes/verkoudheid/groeispurt/ietsnietgedefinieerd in het spel is. Manlief geeft hem een flesje en maakt zich klaar om naar het werk te vertrekken.

Rond 9u30: Happy baby begint alweer stevig in zijn oogjes te wrijven en doet nog een ochtenddutje. In die ochtenduren kan ik dan ontbijten, douchen, de keuken opruimen (flesjes kuisen en steriliseren, afwasmachine leegmaken etc), en 1 huishoudtaak per dag (maandag stofzuigen, dinsdag de badkamers kuisen… zo kan ik mijn allergie – aan het huishouden – onder controle houden).

werk

Sinds kort een eigen bureautje!

Als er dan nog wat tijd over is, check ik mijn mailtjes, doe ik wat sociaal op de media en probeer ik wat te werken/schrijven.

hapje

Worteltjes en zoete aardappel voor ventje, portie fruit voor mama

Tussen 11 en 12u wordt ventje weer wakker met een reuzehonger. Sinds een paar weken krijgt hij een hapje groenten- of fruitpuree voorgeschoteld. Dat loopt met wisselend succes, het is een hele belevenis onze spruit aan allerlei nieuwe smaken te laten wennen.

 

 

12u – 13u We spelen/zingen/rollen/kruipen nog een uurtje, terwijl ik een boterham in mijn mond steek, of snel iets bij elkaar zoek als lunch. Soms volgt er dan nog een kort dutje. Jammer genoeg zelden door mij. Ik tokkel nog wat op de computer.

Let me take a selfie.

Let me take a selfie.

15u: Nu het nog mooi weer is, probeer ik elke dag even naar buiten te gaan, met ventje in de buggy of de draagzak.

op stap

Ready to go!

Vaak is dat inkopen doen, want zonder auto sleep je niet zoveel tegelijk naar huis, of dingen regelen zoals zaken van de bank, gsm, internet etc. Zoals al eerder aangehaald, weten verkopers of mensen aan het loket letterlijk nooit ergens van, of geven ze verkeerde info, dus een eenvoudige boodschap kan wel eens meerdere tripjes kosten. Of we gaan naar het park en ik lees een beetje.

 

 

 

Pampertjes kopen

Pampertjes kopen

17u: Thuis! Aan het eten beginnen. Manlief is meestal tussen 18u en 19u thuis en speelt dan nog wat met ventje, geeft hem een badje, nog een flesje en dan in bed – daarna kunnen wij dan rustig eten (af en toe nog eens een tutje of een knuffeltje geven) en een serietje kijken via de computer, of nog iets opzoeken, of toch nog een boodschapje doen (hier is alles tot 22u open. En op zondag. Ja, dat is wel praktisch!).
23u:  Alweer een dagje voorbij. Nog een droomvoeding voor ons ventje en dan voor alle drie oogjes dicht en snaveltjes toe. Nee, niet indrukwekkend, zoals ik had voorspeld. Maar gewoon ‘gewoon’ kan ook fijn zijn. En dat is het meestal wel.

Bewolkt. Met kans op regen.

Een week. Zeven dagen. 168 uren. Omgevlogen zijn ze. Misschien lijkt dat ook zo omdat we genoeg activiteiten hadden om een maandje mee te vullen.

Op donderdagmiddag landden we in Zaventem, na twee nachtvluchten en een happy baby die flink geslapen had – en als hij niet sliep, was hij vrolijk aan het vertellen. Goed, voor de passagiers die een oog dicht wilden doen, was dat vertellen misschien ook niet zo aangenaam (toegegeven, zijn verhalen zijn moeilijk te volgen en de pointe laat nogal op zich wachten), maar het is beter dan huilen. Mama en papa hadden toch een negental minuten geslapen door in half comateuze toestand tegen het vliegtuigraam te hangen of met het voorhoofd op de vuilste plaats van het vliegtuig te liggen (neeee…. da’s het opklaptafeltje he). Behoorlijk verkreukeld en met een berg koffers waar zelfs manlief met zijn 192 cm achter verdween, kwamen we aan in Zaventem. Een fantastisch welkomscomité stond ons op te wachten, dat helpt bijna beter dan koffie om weer even helder te zien (bijna).

En dan ons weekje België. Zo veel lieve vrienden gezien, leuke familie, toffe collega’s – check, naar een spetterend trouwfeest geweest- check check, het was prachtig. Ik zou het op hormonen kunnen steken, maar wie krijgt het nu niet moeilijk als je bij twee mensen staat die elkaar gewoon zo graag zien? En wie staat er niet te blinken als zoonlief in zijn überschattig kostuumpje inclusief Ciske-de-rat-pet overal complimentjes oogst? – ontroerde schoonzus en fiere mama CHECK!

Dan: de klop van de spreekwoordelijke hamer krijgen in de vorm van de onappetijtelijke cocktail van oververmoeidheid, jetlag, buikgriep, koortsaanvallen en zondag zo mottig als een krab in bed doorbrengen – jammer genoeg check (voor alle duidelijkheid: er kwam geen alcohol aan te pas in deze cocktail).

Uit eten geweest – check, en heel wat van mijn ‘to eat when in Belgium’-lijstje kunnen afkruisen, zoals mosseltjes, koninginnehapje en gewoon een goed boke met brie. Dat kan smaaaaaaken!

In ons eigen bed geslapen – zoooooooooo onbetaalbaar!

Onze katjes geknuffeld- dubbel check, maar ze worden duidelijk goed verzorgd, dus daar hoeven we ons geen zorgen over te maken.

Langs Kind & Gezin voor een vaccinatie – check, en ventje was heel flink!

Maar natuurlijk is er altijd tijd te weinig, en dus is er ook een lijstje met mensen die we niet hebben kunnen zien – schuldgevoel – of die we te kort hebben kunnen zien – nog schuldgevoel. En dan nog die kleine kwestie van de achterbuurman die plots een 2,5m hoge schutting op de perceelsgrens plaatst en als argument om dit zonder overleg te doen aanhaalt ‘dat onze buren dat vroeger ook niet hadden gevraagd’. En hij was meester in de rechten dus wat gingen wij eraan doen misschien? Oh-oww zien wij eruit alsof we daardoor onder de indruk zijn? Ja? Dat zal dan misschien door onze wallen komen. Please don’t be fooled. Dus – ook nog boos.

En dan alweer afscheid nemen, ik ben daar geen held in. Een vriendin in het buitenland zei me dat heimwee standaard een jaar duurt. Dus als dit vervelende gevoel voorbij is, zijn we alweer terug. Ja, we weten dat we naar een gezellig appartement terugkeren, waar we graag zijn, maar toch… Ja, we betrapten onszelf erop te zeggen dat we dit of dat moesten doen ‘als we thuis waren’ in Boston, maar toch… Ja, en we zijn vaste gebruikers van Skype geworden en da’s toch leuk dat we elkaar dan kunnen zien, maar toch…

Toch kan je wat je het meeste mist niet meenemen in je valies.

Toch voelde ik me bij het vertrek als het Belgisch weertje – bewolkt. Met kans op regen.

Screen Shot 2015-10-16 at 07.19.08