Zaterdag Plog

Ik heb een nieuw woord geleerd. Niet als ons ventje, die de vondsten tegenwoordig aan elkaar rijgt in een snel tempo. Maar het woord PLOG behoorde tot voor kort niet tot mijn vocabulaire.

Plog (photo-log) is een weblog die bestaat uit een fotoverzameling. Bloggers posten (ploggen) een blogpost met een verzameling foto’s van die dag, als een fotoverslag van wat ze hebben meegemaakt. Foto’s worden zo veel mogelijk ruw (dus niet bewerkt) geplaatst, zodat een plog een zo realistisch mogelijke weergave oplevert.

Zaterdag 18 maart in foto’s.

8u45. Ik gaf het flesje om zes uur vanmorgen (geen foto, nee), daarom mocht ik van manlief wat langer blijven liggen deze morgen. Die eerste blik naar buiten zorgt niet voor een zonnig gevoel, een lekker ontbijtje des te meer.

 

 

8u47. Ik ging even koffie halen. Opgestaan is plaats vergaan.

DSC_2432

9u30. Deze week was behoorlijk druk, het is bijgevolg niet gelukt om al een weekmenu op te stellen, met bijhorend boodschappenlijstje. Dat moet nu dus nog gebeuren, en voor Collect & Go is het natuurlijk te laat. Inspiratie voor originele, vegetarische recepten (derde week Dagen zonder Vlees) zoek ik online of in kookboekjes. (En ja, iemand had mijn notaboekje al wat opgevrolijkt met kleurtjes).

DSC_2433

11u. Fris gewassen. We besluiten dat manlief thuis blijft met ons ventje, die op tijd zijn bed in moet voor het middagdutje. Ik ga boodschappen doen, en krijg al gauw een smsje dat peutermans drie bordjes pasta op heeft, en al ligt te knorren.

colruyt

13u. We eten de restjes van de ossobuco met pasta van gisteren op. Het is heerlijk. Mijn schoonzusje komt langs, ze wilde graag wat brainstormen over het scenario van haar schooltoneelstuk. Hopelijk hebben mijn wilde ideeën haar wat vooruit geholpen.

15u. Iedereen wakker en fris. We rijden naar familie in Limburg, en niet in het beste weertje. Manlief valt na vijf minuten in slaap.

DSC_2435

16u30. Taart (of is dat vlaai in Limburg?)! En koffie! En goed gezelschap!

IMG_20170318_165938_240

19u30. Na een gezellige middag zijn we weer thuis. Ventje viel in slaap in de wagen, en was niet zo blij toen we hem wakker maakten (heel begrijpelijk, dat is toch het meest brakke gevoel ever). Nog even rustig worden met Dora.

DSC_2429

20u. Met hernieuwde energy wordt Scotty achtervolgd door ons ventje. Actiefoto in het speelhuisje. ‘This speelhuisje is not big enough for the both of us, Scotty’.

20u30. Een uurtje later dan gewoonlijk ligt de schoonste in huis alweer onder de wol. Ik ga dat snel ook doen, denk ik. Slaapwel!

 

Thuis

Met de eerste zomerprik (tja, op één dag van 18°C naar 35° met 100% vochtigheid, dat kan prikken), arriveerden ook de vriendjes voor een lang weekend. Ze brachten de zon mee in hun handbagage, want ze zijn net als wij sinds een aantal maanden kustbewoners van de VS. Alleen is het een andere kust.

 

Toen kwamen wij tot het besef elkaar vorig jaar in juli voor het laatst gezien te hebben. Ook al voelde dat niet zo, ook al was het moeilijk te geloven, het bewijs liep joelend rond de koffers. Toen we zoveel maanden geleden in onze tuin thuis zaten te brunchen, lag hij nog niet mobiel te wezen en belletjes te blazen in een wippertje.

 

Het gesprek landde op het onderwerp dat me al even bezighoudt. Een woord dat sinds enkele maanden in mijn hoofd woont als een onvoorspelbaar insect. Het duikt op en slaat haakjes in mijn gedachten, sinds het mailtje van manlief: datum en vliegtuigplaatsen voor terugkeer vastgelegd. Of, zoals hij het zelf schreef: tickets richting ‘thuis’. ‘Thuis’. Hoeveel subtekst er alweer in zo’n kleine zwevende komma’s kan verborgen zitten.

 

Dus nadat enkele verduidelijkingen nodig bleken in onze gesprekken – bedoel je ‘thuis’ of ‘thuis thuis’? Hier thuis? Daar thuis? Allez ja, niet hier maar …– vroeg ik me af wat thuis definieert.

 

Letterlijk in het woordenboek: Je woning, waar je je goed voelt. Ook: het middelpunt van een huishouden, dierbare relaties en interesses, samen met het comfortabele en tevreden gevoel dat dit opwekt.

 

In de boutade van elke Belg: waar mijn Stella staat. Maar ik drink geen bier.

 

Voor één van de vriendjes: waar mijn spullen staan. Dus thuis is met de container aangekomen, in noppenfolie gewikkeld? Nee, … die dierbare relaties blijken toch te spelen ook. Het wordt al snel duidelijk dat het niet zo makkelijk te vatten is, en bovendien voor iedereen anders.

 

Oost, West, thuis best. Enkel West getest, dat helpt ook al niet. Zoals het klokje thuis tikt, tikt het nergens. Onzin, het klokje is van Ikea dus het tikt ontelbaar vaak hetzelfde. In het Engels dan: home is where the heart is.

 

Aha.

 

Voilà.

 

Vanaf half augustus is mijn thuis tussen pakweg 9 en 6 een crèche die De Bijtjes heet.

Riing riiiing

“Ring Riiiiing. Ring Riiiiiiing. Ah, hallo! Ja, dag oma! Hoe gaat het? Ja, ons ventje is hier hoor. Oh, je wilt hem spreken? OK, hier komt ie. ’t Is voor jou, ’t is oma!”. Ik hou de plastieken hoorn in zijn richting. Het ding maakt een rammelend geluidje. Hij lacht breed, dit vindt hij echt geweldig. Hij neemt de hoorn over en houdt die aan mijn oor. Of aan mijn neus. Hoe het uitkomt.

telefoon fisher price.jpg

Dat speelgoed is al behoorlijk retro. Wij bellen tegenwoordig bijna alleen nog met Skype of Facetime. Of we sturen een Whatsapp’je. Of een facebookberichtje. Al die mogelijkheden tot communicatie maken over de plas zitten een stuk aangenamer. Het leek de voorbije negen maanden korter te maken. Ook al zijn we niet thuis, familie en vrienden kunnen ons ventje letterlijk zien opgroeien, want als hij het Skype-beltoontje hoort, is hij graag van de partij. Hij wilt steeds aan de gezichten komen, draait soms de Ipad om. Waar zitten ze nu? 

Wij vroegen ons af hoe dat zou gaan, nu de familie een paar weken niet meer op het schermpje te zien was, maar in 3D in onze woonkamer. Zou ons ventje hen herkennen? Zou hij het eng vinden? Uiteindelijk is het alsof je je favoriete filmster in het echt ontmoet!

 

Na een paar uur wennen ging het prima. Het bleek veel leuker om échte gezichten te kunnen aanraken, te knuffelen, samen rond te wandelen en verstoppertje te spelen. Omdraaien en nog steeds de persoon vinden!

 

Nu zit iedereen weer aan de andere kant van de oceaan, en van het scherm. We skypen. Ventje draait de Ipad om. Waar zitten ze nu? Spelen ze weer verstoppertje? Er is alleen het zilverkleurige materiaal van het toestel. En opeens lijken de volgende drie maanden lang. Langer. Dat heet metaalmoeheid denk ik.

Gedeelde vreugde, gedeelde smart

Het is ongelooflijk dat op zo’n jonge leeftijd al heel wat karaktertrekken naar boven komen. Ja, mijnheertje heeft het graag precies zoals hij het wilt. Als hij applaus en aandacht krijgt, kan hij altijd een tikje meer, en met meer enthousiasme (echt, geen ideeeeee van wie hij dat heeft). Als iemand het waagt zijn aanwezigheid te negeren, zoals recent nog, gaat hij allerliefst lachen en houdt ie zijn hoofdje schuin: “Jij ook lachen?”.  Ik kan je niet vertellen wat voor persoon daar niét door smelt, want dat is ons tot vandaag nog nooit overkomen.

Hij blijkt best sociaal, en ook met delen heeft hij helemaal geen probleem.

Hij eet alleen groentenpuree als hij zelf ook een lepeltje krijgt om mee te prakken. Het in zijn eigen mond steken, gebeurt nog niet, maar er wordt wel geregeld een portie richting mama of papa gestoken. Met het hoofd een beetje schuin lijkt hij te zeggen: “Jij ook hapje?” – “Ja, mama ook een hapje” – Blijkt zo dat gepureerde bloemkool met vis nog best te eten is!

 

Ik poets zijn zes tanden en nadat hij even geduldig zijn mondje heeft opengehouden, neemt hij de tandenborstel beslist over en draait hem om, richting mijn lippen: “Jij ook poetsen?” “Ja, mama ook tandjes poetsen”.

tandenborstel 

 

Hij en zijn doekje zijn onafscheidelijk. Hij houdt het aan zijn neus, hij sabbelt er een beetje op, hij legt het op zijn hoofd als hij slaapt, het troost hem als hij overstuur is, kortom Doekje (de hoofdletter is verdiend) is een beste maatje. Maar als hij op mijn schoot zit, zal hij ook al eens een puntje stof mijn richting uitduwen: “Jij ook Doekje?” – “Ja, mama ook Doekje”. Na even ‘doen-alsof-ik-sabbel’, trekt hij het met een snok weg en kraait het uit van pret als ik dan keer op keer een gezicht vol ongeloof en grote ogen opzet.

 

We kregen drie weken lang bezoek van familie en daarna ook van vrienden. Het was fijn, het was gezellig, het was vakantie. Ons ventje maakte snel vriendjes, er werd heen en weer gekropen en aan het handje gestapt. Maar vorige vrijdag namen we afscheid van iedereen. En die namiddag had hij het moeilijk. Hij wilde geen dutje, hij wilde niet spelen, het voelde alsof er iets mis was. Hij jammerde wat en ik vroeg me af of hij het gezelschap miste.  Ik zong voor hem, we dansten rond, maar hij leek nog steeds wat triest. Ernstig hield hij zijn hoofd schuin.  *Zucht*. “Ja, schatje, mama ook”.

Spring/in de lente

Dit weekend ging Daylight saving time in. België zit nog lekker op het winteruur, wat ons de volgende twee weken dus een uurtje dichterbij brengt. Zoals elk jaar wanneer we minder lang mogen slapen, en moeten uitzoeken hoe de klokken ook alweer werken, brengt dit het nodig gegrommel mee en de vraag waarom er nog steeds ‘daglicht moet bespaard worden’.

 

Maar naast het gegrommel bracht het weekend ook het eerste Belgische bezoek van het voorjaar mee! Tijd om onze pet van reisgids af te stoffen en Boston in twee dagen samen te vatten. Dat betekent:

Dag 1:  een bezoekje aan de Harvard yard, het kopen van de nodige t-shirts voorzien van het logo van de universiteit, afgesloten met een typisch Amerikaans maaltje (BBQ ribbetjes en geroosterde maïskolven).

Screen Shot 2016-03-14 at 15.28.59

Dag 2: Ontbijt met wafels, om voldoende energie op te doen voor de wandeling van de Freedom Trail, een uitstap langs verschillende historische sites en gebouwen in Downtown Boston. Ook deze keer heb ik nieuwe dingen ontdekt – zoals een fijne bistro voor de lunch, maar even goed een oud kerkhof en een knappe kerk. Later checkten we nog even de gebouwen van MIT en de skyline van de stad bij de Charles rivier.

Ja hoor, geïnteresseerden mogen mij nog altijd contacteren voor deze tweedaagse!

 

Hoe fijn was het iemand te mogen verwelkomen! Dat, samen met het zonnetje en de krokussen* die komen piepen, maakt dat de lente voor mij officieel begonnen is. De Bostonianen springen graag mee in de spring, in korte broekjes en teenslippers. Het was tenslotte al 15 graden. CELSIUS, jawel!

OLYMPUS DIGITAL CAMERA
Ladies and gentlemen: the crocus!

 

 

*Weet je wat een krokus in het Engels is? Ik wist het niet. We noemden het dan maar ‘krowkus’, je weet wel, hetzelfde woord met een Engels accent. Blijkt dat nog te kloppen ook, zeg! Crocus! ‘Snow Clock’ was dan wel weer een misser. En ‘Easter flower’ ook, zo bleek… Gelukkig stonden er nog geen paardebloemen.