#10yearchallenge

Ik zag de voorbije dagen onwillekeurig vaak een soort ‘voor en na’ compilatie verschijnen op de sociale media. Het bleek om een foto van tien jaar geleden te gaan, en een foto van nu. Ik heb nog even gezocht in mijn archief, en vond een foto waar manlief en ik stonden te blinken op een trouwfeest, in 2008.

En ik dacht: ‘ik heb dat kleed nog’.

Terwijl het stukken minder oppervlakkig zou geweest zijn om te denken: ‘ik heb die vent nog’ – maar dat geheel terzijde.

Ik ben iemand die eerder vooruit wilt kijken. Maar kom, voor één keertje. Want ja, ik ben veranderd op tien jaar tijd. Maar ik denk (of hoop) niet dat dat volledig van mijn gezicht af te lezen valt.

Januari 2009

  • Ik heb één van de zwaarste periodes van mijn leven achter de rug.
  • Ik heb nog niet zo lang geleden mijn doctoraat afgerond – waar ik heel fier op ben, want: zie nr 1.
  • Ik denk dat het nu alleen maar steil bergop kan gaan met die carrière van mij en zie me binnen tien jaar absoluut als manager ergens
  • Ik heb mijn streefgewicht bereikt en heb voor het eerst in mijn leven 10 km gelopen.
  • Ik werk aan de VUB in Jette als wetenschapscommunicator en ik pendel ongeveer 2,5u per dag (als alles goed gaat tenminste)
  • Ik volg een postgraduaat ‘Wetenschapsonderwijs en -communicatie’ en merk dat studeren na zoveel jaar voelt als het reanimeren van een verroeste schrootbak
  • We wonen in een appartement in het centrum van onze universiteitsstad maar hebben, na een lange zoektocht, een grond gekocht. We bespreken onze huisplannen met iedereen die er zin in heeft (en ook een aantal mensen die er mogelijk geen zin in hebben, sorry daarvoor nog).
  • In onze vriendenkring zijn heel wat mensen getrouwd vorig jaar en wordt er aan kindjes begonnen. Ik wil dat ook allemaal wel, maar die krater is gewoon nog té aanwezig.
  • Ik ben bijna 10 jaar samen met mijn beste vriend

…..Fast forward voorbij de reclameblokken….

Januari 2019

  • Ik heb één van de zwaarste periodes van mijn leven achter de rug.
  • Ik heb minder dan een jaar geleden mijn chemo afgerond.
  • Ik werk al zes jaar op een uitgeverij op 7 km van bij mij thuis- met 1 jaar tijdskrediet omdat we tijdelijk naar Boston verhuisden
  • Ik heb bijna mijn streefgewicht bereikt, want ik ben 11 kg afgevallen sinds punt nr 2. En ik loop weer 5 km, het maximum dat ik mag lopen sinds een serieuze rugoperatie.
  • Ik heb al mijn energie nodig om terug te keren naar mijn job (ook al werk ik op dit moment 40%) en heb nog weinig illusies over carrière. Ik ben manager geweest in een ander bedrijf en dat liep aardig mis omdat ze iemand zochten die altijd ‘ja’ knikte en news flash: ik ben dat niet.
  • We wonen bijna 9 jaar in ons huisje, in een heerlijk rustige wijk, met onze krullenbol die elke dag mooier maakt.
  • Ik ben bijna 20 jaar samen met mijn beste vriend (en 7 jaar getrouwd)

Jaaaaa, dat laatste decennium…. Van de diepste dalen naar de mooiste dagen. Het is enigszins geschift hoeveel we hebben meegemaakt. Soms denk ik dat ik in een soap speel, voor aliens ofzo. Very ‘Truman Show’.

Hoe dankbaar ik ook ben voor die mooiste dagen, ik denk dat ik met dat voorbije decennium alleen al een hele autobiografie kan schrijven. ’t Is wel genoeg geweest. Ik wéét het, ik ben bad ass. No need to proof it any more.

Ik hoop van harte dat ik in het volgende hoofdstuk kan schrijven:

“en de volgende tien jaar waren gevuld met heerlijk gezapige dagen en we genoten van elkaar en die kleine dingen die al lang niet meer vanzelfsprekend waren.”

En nog totaal niet the end.

Advertenties

Het werd zomer – zes maanden post chemo

12 februari 2018

Ik parkeer me op de bezoekersparking van Gasthuisberg. Ik hijs mijn tas op mijn rug en wandel de hele weg naar de ingang. Soms merk ik dat mensen staren, naar mijn hoofddoek vermoed ik, maar meestal merk ik dat niet.

Vanaf de ingang is het nog ongeveer 6 minuten stappen naar de dagzaal. Daar zit manlief al op mij te wachten. Ik schat dat de hele weg zo’n goeie 500 meter beslaat. Wanneer ik aankom, bonst mijn hoofd en ben ik buiten adem. Dat gevoel houdt een uur aan. Ik ben echt op.

We hebben vandaag een klein kamertje ter onze beschikking op de dagzaal. Dat betekent dat we een deur kunnen sluiten op de snerpende alarmgeluiden die non-stop doorgaan. Het onophoudelijk lawaai overal was de voorbije maanden vaak een extra bron van stress.

Mijn bloed wordt getrokken – of liever ‘getapt’ uit de katheder in mijn arm – en ergens verwacht ik alweer slecht nieuws te krijgen. ‘Slecht nieuws’ betekent in dit geval vreemd genoeg: dat ik de chemo niet kan krijgen. Dat mijn immuunsysteem weer gecrasht is, zoals twee weken geleden. Dat dit toch nog niet mijn laatste rit naar de oncologische dagzaal is.

Een paar uur later – en na de verpleegkundigen en de co-assistente een keer of drie te verbeteren en te herinneren aan wat er precies moet nagekeken worden –  hangt de zak dan toch.

 

Een paar keer gaat de pomp in alarm, omdat de chemo niet goed doorloopt. Het hangt helemaal af van hoe ik mijn arm hou, of het spul in mijn aders geraakt of niet. Mocht het niet de laatste keer zijn, zouden ze de katheder opnieuw moeten steken.

 

En dan zit de laatste druppel erin. Twaalf injecties, 56 zakken en ontelbare pillen.

 

De verpleegkundige vraagt of ik klaar ben voor de verwijdering van de katheder. Ik knik, toch wat nerveus. Ze trekt wat plakkers van mijn arm en vraagt even diep uit te ademen. Letterlijk twee seconden later heeft ze een buisje van een halve meter in haar handen. Op mijn rechterbovenarm zit een klein wondje dat amper bloedt. Er komt een rond pleistertje op. Een muggenbeet. Ik ben een beetje misselijk.

 

Manlief weet dat er in andere landen vaak een bel hangt op de dagzaal. Wie klaar is met de behandeling, mag bellen. In Gasthuisberg hangt er geen. Hij zoekt een appje en ik luid een klok door op het scherm te tikken. Ringing the chemo bell. I did it.

 

Mijn mantra is al weken:

Tegen de zomer zal alles – en zeker ik – er helemaal anders uitzien.

 

12 augustus 2018

Ik parkeer me op een grote luchtmatras die naar het midden van het zwembad dobbert. Ik hijs een groot waterpistool aan boord. Ik merk dat ik in de gaten gehouden word. De hel kan elk moment los barsten. Dan word ik onder vuur genomen in een furieus watergevecht, waarbij de andere partijen langs de kant staan of op een grote opblaas-eenhoorn zitten.

IMG_5040

Maar op dit moment is het nog rustig. Er druppelt water uit mijn haar op mijn zonnebril. Ik sluit mijn ogen. Ik hoor alleen ‘studio cicade’, en af en toe wat gegiechel, van de nichtjes en de neefjes, die ronddobberen in zwembandjes.

 

Zou Toscane gemaakt zijn als eerste, toen God nog veel inspiratie had?

 

Straks is het aan ons om te koken. We zullen ribbetjes op de barbecue gooien en tomaten plukken in de tuin. Een watermeloensalade maken. En als dessert kunnen we de regenboogrestjes opeten van de grote eenhoorntaart die ik een paar dagen geleden bakte voor het jarige nichtje. Ik krijg al honger.

 

Al kan dat ook van al die watergevechten zijn.

 

Het is zomer. En ik had gelijk.

 

IMG_5174

IMG_5055

Weekendje aan zee met Superheld

Een weekendje aan zee. Wat tijd met ons drietjes. Ja, daar waren we wel aan toe.

De wagen werd vakkundig vol gehesen, de koelkast werd aan een kritisch oog onderworpen en slechts twee uur later dan we hadden gepland, zetten we koers naar de kust.

 

Het was al even geleden dat we deze driedaagse met drie vastlegden, en dat we besloten om naar het appartementje terug te keren waar we vorige zomer een fijne week doorbrachten. Immers, het ligt vlak aan het strand, het heeft een groot balkon en er is meer dan één vork in de keuken te vinden. En zo lang ik me kan herinneren, staat naar de zee gaan gelijk aan rust, ontspannen en genieten.

 

Pas twee weken geleden begon het me te dagen, dat het wel eens confronterend zou kunnen zijn.

Dat het niet alleen het appartementje is waar we een leuke vakantie hadden, het is ook het appartementje waar we een leuke vakantie hadden, vóór de hemel op ons hoofd viel, en het zes maanden nacht werd.

 

En opeens werd alles zo dubbel.

 

Dus ja, ik had stress. En niet alleen omdat er evidentere zaken zijn dan inpakken met een klaterende kleuter in de buurt. Ik had stress omdat ik dacht ‘wat als…’

 

….wat als de zee níet meer gelijk staat aan rust? Wat als het gelijk staat aan de ramp die je niet zag aankomen?

… wat als ik de zetel alleen herken als de plek waar ik een jaar terug misselijk zat te wezen – en blij was met die mottigheid, want ‘dat was zo’n goed teken tijdens een prille zwangerschap’.

… wat als ik alleen kan denken aan die voorzichtige hoop die we voelden, en die zo afschuwelijk is neergemaaid?

 

Stress.

 

We gingen wandelen op het strand. Alleen ‘wij drietjes’, zoals krullenbol dat zo mooi zegt.

Ik hield twee paar sandalen in mijn handen- één paar maatje 27 en één paar maatje 47 en luisterde.

 

Ik luisterde naar die grote schat van mij die vertelde hoe de zee soms dichtbij is, en dan weer veraf. Hoe er in dat laatste geval plassen en riviertjes worden gevormd op het strand. Hoe die grote vogel een meeuw wordt genoemd en dat die net een visje uit een plas had gehaald.

 

  • Een MEEUW, niet een LEEUW! Die pootafdrukjes zijn van een MEEUW!
  • Neen, deze zijn van een hond, niet van een olifant. Een olifant houdt niet van zand.

 

Ik luisterde naar de uitleg over de schelpjes, en dat die hele lange ‘messen’ worden genoemd. Hoe wormpjes zich in het zand graven en een worstje achterlaten.

 

Onze krullenbol was in een ‘superman’-fase. Hij heeft zo’n 76 keer ‘out of the blue’ik ben superheld’ geroepen, en dan in de lucht gegooid wat hij op dat ogenblik in zijn handen had (of het nu zand, een schelpje of zijn pet was). Blijkbaar is zijn superkracht heel hard dingen gooien, aldus manlief. We lachten.

 

Superheld draagt zand naar de zee. Met een geel schepje. Water dragen naar de zee, daar heb ik van gehoord, maar zand? Bijzonder, heel bijzonder.

 

Zoals Superheld natuurlijk.

 

En toen verdween de stress. En wist ik het wel. De zee, dat blijft rust. Wat niet mocht zijn zal niet de overhand nemen. Wat er is, dat telt.

 

Dus ik glimlachte bij de raad van grote schat aan kleine schat: met kwallen word je best geen vriendjes.

 

Ook goed advies voor je verdere leven, lieve Superheld.

IMG_3921

Jij ontbrak mij vandaag

chuttersnap-348304-unsplash

Als je me zou vragen wat dat is, missen, dan zou ik die vraag niet meteen kunnen beantwoorden.

Ik denk dat iemand missen anders is voor iedereen. En voor iedereen anders op elk moment.

 

Gisteren miste ik je niet. Morgen misschien heel erg. Misschien denk ik plots aan je, en voel ik me daar vrolijk door. Of misschien moet ik iets wegslikken. Tien jaar geleden miste ik je heel anders dan vandaag. Het missen verandert. Ik verander. Ik weet niet hoe die twee gerelateerd zijn, wat is oorzaak en wat gevolg?

 

Het lijkt me dus erg persoonlijk. Of misschien wel helemaal niet, misschien gaat het niet over mij, maar net over jou. Zoals het in het Frans is – tu me manques – Jij ontbreekt mij.

 

Jij ontbrak mij vandaag.

 

Zoals elke keer dat ik in de aankomsthal van Zaventem kom – of het nu is als passagier die net landde, of als ophaler van dienst, die reikhalzend tussen de deuren uitkijkt.

Niet dat jij nu zo vaak in Zaventem rondhing. Of daar een bijzondere band mee had.

 

Nee, het komt door die ene keer. Die keer dat ik terugkwam van vakantie- ik weet al niet meer waar precies-, en dat er was afgesproken dat iemand anders mij zou oppikken en naar huis brengen. En toen kwam ik door die deuren met mijn koffers achter me aan, en jij stond er toch.

 

Omdat je het niet kon laten. Omdat je mij wou zien. Omdat je mij gemist had.

 

Tegen alle logica in is er elke keer weer dat stukje van mij – niet veel, maar een onmiskenbaar snippertje – dat hoopt dat jij daar zal staan. Als verrassing. Zoals toen. Omdat je mij al zo lang moest missen.

 

Wat zou ik doen mocht het zo zijn, vroeg ik me vandaag af.

Ik zou je knuffelen/knuffelen/knuffelen, opnieuw en opnieuw. Ik zou geen tijd verspillen aan vragen over hoe en wat mogelijk is. En tegelijk zou ik je meteen vertellen over die krullenbol die ons leven zoveel mooier maakt, hoe lief en zachtaardig hij is, hoe pienter en schattig en hoe hij van gedichtjes houdt en van zingen en van fietsen en van kietelen en nog zoveel meer.

 

En dan zou jij me aankijken en glimlachend zeggen: ‘maar moushi, dat wéét een oma toch allemaal al.

Laatste schooldag

De laatste dag van het schooljaar. Dat betekent niet ongelooflijk veel voor ons. Wij staan geen van beiden in het kleuter-, lager of secundair onderwijs, en voor onze kleine reus begint dat avontuur pas in januari.

 

Toch kriebelde het een beetje. Heel wat herinneringen van die laatste week en dag kwamen naar boven. Alle nota’s en overhoringen mooi bundelen en in een doos klasseren. Weten dat je alweer een stapje verder bent geraakt. De gebouwen en banken achter je laten en er twee maanden niet aan denken.

 

Die laatste dag, 30 juni, is toch zo’n beetje de perfecte vrijdagavond? Je weet dat het werk voorbij is, maar de volledige, onaangeroerde vakantie ligt nog te blinken aan je voeten.

 

Ik stuurde een smsje naar de leerkrachten in mijn omgeving. Hen wacht twee maanden verdiende rust. Ik ga nog drie weken aftellen tot mijn drie weken.

 

1338776063923_5400305