It’s the final countdown (tu du duu duuuu)

‘Je zou over die laatste dagen in België al een blog post op zich kunnen schrijven’ zegt manlief na een crazy opruim- en inpaksessie van een paar uur. OK schatje, komt ie!

Ken je de 30 dagen opruim challenge? Op dag 1 gooi je 1 item weg, op dag 2 zijn dat er 2 en na 30 dagen heb je zo 465 dingen weggegooid. Zou je bonuspunten krijgen als je dat allemaal op één dag doet? Het blijkt dat een jaar weggaan ideaal is om eens schoon schip te houden in huis. Want is het wel de moeite iets een jaar te stockeren, en ga je het dan missen? Zo belandt er al snel iets op de weggeef- of weggooilijst. Misschien moet iedereen elke 5 jaar maar (doen alsof je) een jaar naar het buitenland gaan.

Het kost natuurlijk wel tijd. Dat hebben we de voorbije week gemerkt, toen we om middernacht nog op valiezen zaten om ze dicht te krijgen. Of dat het plots al donker werd en we beseften dat we nog niets gegeten hadden. De pot schaft trouwens altijd hetzelfde tegenwoordig: WENIDVI (wat er nog in de vriezer is) met pasta.

Bovendien –en dit had ik onderschat- is er altijd nog wel iets anders te doen, te regelen, vast te leggen, over te dragen, ….de post zou doorgestuurd worden, maar zit toch nog in de bus. De telefoon zou moeten overgedragen zijn, maar ik krijg geen smsjes door. De draagzak zou dummy proof moeten zijn, maar euh.. is het duidelijk niet. En dan hebben we natuurlijk nog onze happy baby, die P50 toch wat gewoontjes vond en dan maar een sprongetje maakte naar P90, met alle extra maaltjes en iets minder happy momentjes als gevolg (papa-genen anyone?). Het maakt het wat moeilijker allemaal, om het hoofd erbij te houden. Ik probeer niet meer ten prooi te vallen aan het ‘kip’-principe van opruimen, maar helaas: ik zet de melk weg- zie dat de frigo vuil is- wil die schoonmaken met een doekje – zie dat de keukenrol op is – loop naar de bijkeuken – trek een schuif open- wil die verder leeg maken- oei, ventje huilt, eventjes troosten, waar was ik nu? – ah ja de frigo – ai die komkommer is niet goed meer – naar de GFT bak- …

En-zo-voort. Als een kip die overal een graantje ziet liggen en van hier naar daar hopt. Ik probeer nu als een mantra te blijven zeggen ‘werk dit af, werk dit af’ om bij de les te blijven. Maar het is een uitdaging; ik hoor nu vaker dat ik er moe uit zie, dan toen ons ventje vier weken oud was.

Ik heb ook wel veel bijgeleerd. Zo weet ik nu dat na de lichte euforie van koffers pakken (‘hoera, al mijn kleren passen ook nog in jouw koffer’), de conclusie komt dat je nu écht niks meer hebt om aan te trekken (vergeten wat opzij te leggen, dus dan maar weer in de stockagedozen gedoken). Dat net die dag de happy baby drie keer opgeeft op mijn volledige outfit (maar blijven lachen he – vooral hij dan). Dat stress zich heerlijk kan nestelen op een punt tussen nek en schouders en zich daar prima voelt. Dat je opeens het gevoel overvalt dat je dingen gaat missen, die je daarvoor amper opmerkte. Dat je overal ‘tekens van het universum’ ziet. Zo moest ik echt even afscheid nemen van Leuven vorige week, en trakteerde ik manlief daarvoor op een ijsje bij het Galetje. De smaak van de week? Americano! Toeval bestaat niet, denk ik dan! Uiteraard heeft zo’n bolletje ons geholpen om afscheid te nemen – bij nader inzien hadden twee bolletjes ons misschien nog meer geholpen…pindakaas met karamel en stukjes noot, voor de nieuwsgierigen. Aanrader!

En tot slot ook dat die hele reis voor mij momenteel heel wat lijkt, maar dat iedereen daar een eigen visie op heeft (en uiteraard dat recht heeft!). Zo kreeg ik de vraag of ik als enige zou schrijven over onze ‘avonturen’. Hoezo ‘avonturen’? Hoezo aanhalingstekens? Wat doen die aanhalingstekens daar? Voor mij voelt het als AVONTUREN!, avonturen, avonturen. Ik voelde me raar genoeg beledigd door leestekens.

Stress en hormonen, een hoogexplosieve combinatie.

Advertenties

Lijstjes, lijstjes, lijstjes

Hoe vaak zou ik de voorbije maanden geantwoord hebben op de vraag: ‘wanneer vertrek je?’. (Mensen schenen een blinde vlek te hebben voor die datum, dus ik kreeg de vraag dikwijls, en dikwijls ook van dezelfde persoon). En hoe vaak zou ik dan geantwoord hebben met ‘op 29 juli, het is dus wel nog eventjes’. Maar sinds een week is het tot me doorgedrongen dat dat dus niet meer het geval is. Ja, ik vertrek nog altijd op 29 juli, maar nee, we hebben niet meer ‘eventjes’. Wat zo lang zo ver leek, begint zich aan te dienen op de kalender. Ik heb ondertussen yoghurtjes die verder goed zijn dan die datum, dus dan is het officieel: binnenkort biedt zich die dag aan, dat ik gepakt en gezakt en met zoontje en schoonmoeder naar Zaventem trek om daar het vliegtuig op te stappen. Richting Boston, met een tussenstop in Reykjavik.

Ons groot avontuur, of liever: ‘ons tweede grote avontuur’ want ons grootste avontuur ligt momenteel vredig te slapen in zijn bedje na een dagje lachen, harten stelen, pampertjes vullen en dutjes doen. Gelukkig trekt hij zich niets aan van de chaos die momenteel in huis en in het hoofd van zijn ouders heerst. Dat we heel wat kilo’s mogen meenemen (dank u, Icelandair), is geruststellend, maar maakt het er niet makkelijker op – een groot deel van de hele inboedel moet eens door je handen gaan om een plaats te krijgen op één van drie stapels: weggeven/stockage in de kelder/meenemen. Overal staan dus dozen en hangen er lijstjes. LIjstjes, lijstjes, lijstjes, of zoals iemand me al zei;

  • lijstjes
  • lijstjes
  • lijstjes

Ik moet me er zelf meerdere keren per dag aan herinneren dat we echt wel naar een beschaafd land gaan, waar ze ook wel nuttige dingen verkopen. Maar dat heeft me niet weerhouden van een grote voorraad medicatie aan te leggen – ik heb geen zin om op een zaterdagavond op zoek te gaan naar een apotheek om uit te leggen wat ik nodig heb voor een baby’tje wiens tandjes doorkomen. Wat is het actieve bestanddeel van Perdolan ook weer, en hoe vraag je dat zo’n suppo? Zouden ze raar kijken als ik vraag naar ‘butt candy’? Toch maar mee oppassen lijkt me! En dus komen er dagelijks pakjes toe hier in Winksele, met al mijn online aankopen. Wat betreft eten heb ik me ingehouden… oorlogsvoorraden Nutella en chocola aanleggen is niet aan mij besteed; bovendien moeten er nog wat zwangerschapskilootjes af!

Zoals bij elk avontuur krijgen we natuurlijk ook veel adviezen. Hoewel allemaal welkom, is het soms best wat stresserend. Kost een appel echt 1 dollar? Gaan we lang moeten zoeken naar groenten en fruit? Is er geen brood te vinden dat niet gebruikt kan worden als spons? Zijn Amerikanen echt totaal oppervlakkig? Gelukkig krijgen we voor elk van deze ‘enge’ opmerkingen, 10 uitspraken dat Boston echt een hele leuke stad is, die Europees aanvoelt, waar wandelen prettig is – en er is een Parisian bakery om de hoek van waar we een appartementje gevonden hebben! We zullen het allemaal moeten uitzoeken en ervaren, en het is ook wel fijn dat we daar de tijd voor gaan hebben. Maar eerst: een vliegreis van 3 uur en 5 uur met een happy baby van 4 maanden! En dan: Boston Baby!